Handelingen

Aalsmeer, Kanaalstraat 12 - Dorpskerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Dorpskerk
Genootschap: PKN Ned. Hervormd
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Aalsmeer
Plaats: Aalsmeer
Adres: Kanaalstraat 12
Postcode: 1431BW
Inventarisatienummer: 04609
Jaar ingebruikname: 1549
Architect:
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument
Monumentenbordje 2014.jpg
6826

Geschiedenis

Architectonisch belangrijk historisch kerkgebouw met toren.

Protestantse kerk sinds 1586. Centraliserende, geheel in hout overwelfde laatgotische kruishallenkerk, waarvan schip en koor zijn voorzien van zijbeuken met dwarstongewelven en topgevels. Koor, transept en oostelijke schipstravee dateren uit de 16de eeuw, de westelijke schipstravee werd in 1850 in de oude vorm herbouwd naar ontwerp van H.H. Dansdorp. De oorspronkelijke toren werd bij die gelegenheid afgebroken. De huidige dateert uit 1868 en is ontworpen door B. de Vries. Preekstoel XVIIc.

De Dorpskerk is het enige historische monumentale gebouw, dat Aalsmeer rijk is. De kerk is vermoedelijk in gedeelten gebouwd, gezien het metselwerk aan pilaren en kapitelen en kwam gereed in 1549 met een hoge spitse toren. Het hele gebouw is gefundeerd op sparrepalen van ca. 5 meter lengte, die tegen elkaar aan staan. De buitenmuren variëren in dikte van 40 tot 60 cm en zijn voorzien van natuurstenen raamwerk met glas-in-lood ramen. De kerk is in opdracht van de Rooms-Katholieke kerk gebouwd als een driebeukige kerk met ca. 350 zitplaatsen, in laatgotische stijl met tongewelven. Deze kerk kreeg toen de naam: St. Petrus en Pauluskerk.

Een bijzonderheid is dat de kerk op een eiland staat en via een brug is verbonden met het Aalsmeers grondgebied. De bouwmeester is niet bekend, maar is vermoedelijk dezelfde als die van de Grote of Sint Jacobskerk in Den Haag, daar die kerk qua vorm vrijwel dezelfde is, doch 1 x groter. De kerk werd gebouwd in het midden van de gemeente, die toen 80 huizen telde, en was 2 km verwijderd van de Haarlemmermeer.(Tot ca. de huidige Aalsmeerderweg in de Haarlemmermeerpolder.) Maar door de vele stormen heeft het Haarlemmermeer dermate veel land van Aalsmeer afgeslagen, dat de Dorpskerk nu ongeveer 100 meter verwijderd is van de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder.

Het is vrijwel zeker, dat destijds de gehele parochie is overgegaan naar het protestantisme, waardoor het de Gereformeerde Kerk genoemd wordt. Dat is nu nog te lezen op de predikantenborden die in de kerk hangen. Tot 1816 werd de Dorpskerk de Gereformeerde Kerk genoemd, daarna stelde Koning Willem I de Synode in wegens kerkelijk verval en werd de naam veranderd in Ned. Herv. Kerk.

Aardig is het misschien om te weten, dat ds. Hans Eschbach de 40ste predikant was, die in deze Ned. Herv. Gemeente als predikant beroepen werd, in 1989. De eerste predikant is beroepen in 1586 bijna 400 jaar eerder! Het gemiddelde leert ons, dat elke predikant tot dan toe gemiddeld ca. 10 jaar en 2 maanden is gebleven!

Naast de kerk stond het "schoolhuis"; de meester was meestal ook koster en hield het kerkelijk archief bij. Aan het einde van de 16e eeuw werd Aalsmeer geteisterd door een grote brand, waarbij het Schoolhuis inclusief het archief verloren zijn gegaan, ook de kerk liep ernstige schade op. De regering stelde 1500 ponden voor herstel beschikbaar, dit is f 22.000,-. Een voor die tijd zeer groot bedrag.

De gemeente breidde zich uit, zodat in 1653 de kerk vergroot moest worden en in het midden van de kerk, aan weerszijden een zijbeuk werd aangebouwd, waardoor het een kruiskerk werd. In 1918 is de gaanderij geplaatst, een uitbreiding tot 650 zitplaatsen.

Tot 1828 zijn er 259 mensen begraven in de kerk. In het orgeleinde 86, in het grote kruis 93 en in het toreneinde 80. Rondom de eikenhouten preekstoel zijn de welgestelden begraven, dit waren de ambachtslieden, nu is dit nog zichtbaar aan de zerken, de oudste zerk is gedateert in 1602. Van 1828 tot 1875 is er buiten de kerk begraven, aan de ene zijde was het Gereformeerde en aan de andere zijde het Mennonieten kerkhof.

De katheder is gemaakt van het vroegere koorhek. Tot 1828 waren er (op enkele losse banken na) alleen stoelen in de kerk, er is ook een tijd geweest, dat het Heilig Avondmaal niet voor de preekstoel, maar in het oosten, aan het orgeleinde werd bediend. Voorheen werd iedere lidmaat van de kerk persoonlijk voor het avondmaal genodigd, later werd er meer algemeen huisbezoek afgelegd.

In de periode 1820-1834 (het jaar van de Afscheiding) was er een kerkelijke opbloei in de gemeente. Er wordt vermeld, dat er in die tijd bij de avondmaalsviering 10 volle tafels van 30 personen per tafel aanzaten.

Nadat men (i.p.v. in de kerk) buiten de kerk de doden ter aarde bestelde, zijn er banken in de kerk gekomen. Wat de zitplaatsen in de kerk betreft, had men vroeger rangen en standen, de zitplaatsen werden verhuurd. Aan het Toreneind de zogenaamde "damesbanken", in het Grote Kruis de stoelen, die waren bestemd voor de gewone vrouwen en kinderen en daarachter de mannen. Aan het Orgeleind de heren die iets meer voor een plaats moesten betalen, achter de kansel de armen en weeshuisbanken en in de hoek een soldatenbank voor het kleine garnizoen op het fort aan de Aalsmeerderdijk.

Helaas moest in 1842 wegens de slechte staat van de toren de spits verwijderd worden en 8 jaar later werd de gehele toren wegens verzakking gesloopt, 18 jaar heeft de kerk toen zonder toren gestaan, want de huidige toren is in 1868 gebouwd. De toren is nu 35 meter hoog, 24 meter tot de omloop en de spits is 11 meter. De windwijzer is 1.75 meter en bekleed met bladgoud en het geheel is eigendom van de burgerlijke gemeente. In de toren hangen 2 luidklokken: de kleine klok heeft een diameter van 82 cm en is 1951 geplaatst, (de oude klok is in de 2e wereldoorlog verwijderd.) De grote klok dateert van 1669 met diameter van 110 cm. De kleine klok slaat op het halve uur (hoog geluid) en de grote op het hele uur. (laag geluid).

In 1867 vindt een 3e restauratie plaats en wordt de hoofdingang verplaatst van de Kanaalstraat naar de Dorpsstraat en komt er een consistorie achter de preekstoel, (de preekstoel stond in die periode in het midden tussen de twee pilaren).

De pastorie, volgens de overlevering een schenking van een koopvaardijkapitein, is vermoedelijk gebouwd in 1652 en gelegen aan de Dorpsstraat nr. 14. Tegenover de ingang aan de Dorpsstraat die in 1867 ontstond na de 3e restauratie. Wat nu de studeerkamer is, was toen tevens de "leerkamer". Daar werden kerkenraadsvergaderingen en Catechisaties gehouden, wat in die tijd de "lering" genoemd werd. Zondag's kwam daar ook de kerkeraad samen, voor de aanvang van de dienst en vandaar uit ging de kerkeraad samen met de predikant met een baret op en een toga aan naar de kerk, omdat er dus voor 1868 nog geen consistorie was. Deze pastorie is in 2003 verkocht omdat er een andere pastorie beschikbaar kwam.

In 1868 is ook het orgel in de kerk gebouwd door de firma Knipscheer voor een bedrag van f.3500,-. Het orgel werd op 11 oktober van dat jaar in gebruik genomen, en ingespeeld door de organist van de St. Bavo kerk te Haarlem, de heer Basteaansche en is in 1968, 100 jaar later, gerestaureerd. Om de eerste termijn te kunnen betalen, werden de negen mooie koperen kaarskronen bij inschrijving verkocht voor f.416.-- totaal. Helaas zijn ze vrijwel zeker in de smeltkroes terecht gekomen.

In de plaats van de kronen kwamen er petroleumlampen, totdat de elektrische verlichting zijn intrede deed. Sinds 1966, bijna 100 jaar later, hangen er weer koperen kronen. Deze kostten echter geen f.416,--, maar f.1900.--. Elke grote kroon weegt 250 kg.

Verwarming was er niet in de kerk, slechts de vanouds bekende vuurtesten die voor f.1.-- per jaar door de koster op zondag werden verzorgd, tijdens de dienst lagen die te smeulen en te stinken, vandaar de luchtroosters boven in het plafond. In 1922 is men overgegaan op centrale verwarming.

In 1927 is het voorportaal bij de hoofdingang (van de Dorpstraat destijds nog) gemaakt. In 1949 vindt de 4e restauratie plaats. Echter slechts gedeeltelijk, omdat de financiën niet verder reikten! Helaas is toen ook het doophek om de kansel verwijderd. Reeds vermeld is de katheder die van dit koorhek is gemaakt. Alles in de kerk was wit gekalkt en bij de restauratie is de kalk van de togen en pilaren verwijderd en is er gestreefd naar een liturgisch centrum. In 1962 zijn er nieuwe raamkozijnen geplaatst.

Dit overzicht eindigen wij bij de laatste grote restauratie van de 20e eeuw, die haar voltooiing vond op 7 oktober 1977, waar nu nog met gepaste vreugde aan terug wordt gedacht. Voor velen ligt deze restauratie nog goed in het geheugen, want door een grote inzet en offerbereidheid van vele gemeenteleden, kon dit tot stand komen. Op 31 oktober 1976 werd in een overvolle kerk de laatste dienst vóór deze restauratie gehouden.

Op 1 november 1976 kon het werk beginnen, en vanaf die tijd werden de kerkdiensten in het wijkgebouw Irene gehouden. Alles werd zorgvuldig en kostenbesparend bekeken. Zo trad de restauratiecommissie als uitvoerder op en plaatsgenoot dhr. Tromp als architect. Het interieur werd geheel vernieuwd, de consistorie werd gerealiseerd achter in de kerk, onder het orgel, en de hoofdingang kwam weer in de Kanaalstraat. Het vensterglas werd vervangen door zeer mooie glas-in-lood ramen.

Ook de geldwerving vereiste veel aandacht en inzet, door diverse acties te voeren. Een bijzondere actie was de tegelverkoop van "Het gebed voor mijn kinderen", waarvan ruim 40.000 exemplaren werden verkocht en niet alleen in Nederland. Al met al verliep deze werving zo voorspoedig dat het de kerkvoogdij betrekkelijk weinig financiële zorg gaf. Met grote dankbaarheid mag de gemeente terugdenken aan deze restauratie, moge ook in de toekomst die inzet van de gemeente er zijn, als het exterieur de nodige aandacht vraagt. De gemeente wil deze mooie oude kruiskerk voor verval bewaren. Vele generaties hebben hier het rijke Evangelie van de gekruisigde maar opgestane Heer gehoord. Er is veel zegen geweest. Moge dat nog generaties zo blijven.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Ned. Herv. Kerk, 16e eeuw, middenbeuk door drie dwarsbeuken gesneden, toren aan de westzijde in 1868 toegevoegd. Oude inventaris. Tweeklaviers orgel, in 1868 gemaakt door H. Knipscheer. Het vrije Pedaal werd in 1970 toegevoegd en valt buiten de bescherming. Klokkenstoel met klok van Gerard Koster, 1669, diam. 110,6 cm en mechanisch torenuurwerk, Addicks, ca. 1920.

Orgel

Het orgel is in 1868 gebouwd door de firma H. Knipscheer & Co. (Amsterdam). In 1941 restaureert de firma H.W. Flentrop (Zaandam) het. Er wordt een nieuwe balg geleverd, de dispositie wordt gewijzigd en er komt een zelfstandig pedaal op een pneumatische lade. In 1968 voert de firma L.J. Kramer (Boskoop) een volgende restauratie uit, waarbij er een nieuw pedaal komt en de dispositie wordt uitgebreid. In 2008 restaureert de firma Gebr. Reil (Heerde) het instrument. De dispositie van de manualen wordt gereconstrueerd naar de situatie van 1868 en er wordt een nieuw pedaal aangelegd in de stijl van Knipscheer.

Dispositie
  • Hoofdwerk (manuaal 1): Bourdon 16' - Prestant 8' - Roerfluit 8' - Octaaf 4' - Quint 3' - Octaaf 2' - Mixtuur 3-4 sterk - Cornet 4' 4 sterk discant - Trompet 8' bas/discant (2008).
  • Bovenwerk (manuaal 2): Prestant 8' discant - Holpijp 8' - Viola di Gamba 8' - Prestant 4' - Openfluit 4' - Fluit 2' (1941) - Dulciaan 8' (2008).
  • Pedaal: Subbas 16' (2008) - Octaaf 8' (2008) - Octaaf 4' (2008) - Fagot 16' (2008).
  • Koppelingen: Hoofdwerk aan Pedaal - Bovenwerk aan Pedaal - Manuaalkoppeling.
  • Tremulant gehele werk.

Mechanische sleepladen. Manuaalomvang: C-f3. Pedaalomvang: C-d1. Winddruk: 72 mm. WK.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur

Glas-in-loodramen