Handelingen

Groesbeek, Pannenstraat 1 - Cosmas en Damianus

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Cosmas en Damianus
Genootschap: Rooms Katholieke Kerk
Provincie: Gelderland
Gemeente: Groesbeek
Plaats: Groesbeek
Adres: Pannenstraat 1
Postcode: 6562AC
Jaar ingebruikname: 1922
Architect: Franssen, C.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Gemeentelijk monument

Korte geschiedenis

Aardige, t.o.v. het oorspronkelijke ontwerp onvoltooide, neoromaanse kerk. Interieur flink gemoderniseerd.

Voorgaande gebouwen

Nadere geschiedenis en beschrijving

De gegevens in dit artikel zijn voor een belangrijk deel ontleend aan het parochie-memoriaal van de parochie Groesbeek. In dit memoriaal is destijds door "bouwpastoor" J.M. Rovers, die pastoor in Groesbeek was van 1911 tot 1935, veel aandacht besteed aan de totstandkoming van de nieuwe kerk, die in 1922 in gebruik genomen werd. In een gewijzigde uitgebreidere vorm is dit artikel ook geplaatst in het parochieblad van de parochie Groesbeek. Wanneer de tekst van het memoriaal letterlijk wordt weergegeven, dan staat deze in dit artikel cursief gedrukt.

De eerste plannen voor het bouwen van een nieuwe parochiekerk dienen zich aan omstreeks 1910. De katholieke geloofsgemeenschap in Groesbeek telt ongeveer 3000 parochianen. De noodzaak voor uitbreiding dient zich wederom aan. Om de bestaande kerk nog verder uit te bouwen ziet men niet meer zitten en er wordt gedacht aan een nieuw kerkgebouw. Op 8 juni 1914 gaat er een brief naar Monseigneur W. v.d. Ven, bisschop van Den Bosch, waarin het kerkbestuur meedeelt dat het heeft besloten een nieuwe kerk en pastorie te bouwen en pas daarna te willen overgaan tot afbraak van de bestaande kerk en pastorie. De nieuwe kerk zal gebouwd worden naast de bestaande en ná voltooiing zal de oude kerk afgebroken worden. Op de plaats van de oude kerk wordt dan weer de nieuwe pastorie gebouwd. De architect van de nieuwe kerk is de heer C.J.H. Fransen uit Roermond (1860-1932). Onder zijn architectuur werden in de bisdommen Roermond en Den Bosch zo'n 40 kerken gebouwd, voornamelijk in de neo-gotische stijl. De tekeningen en het bestek waren al eerder aan de bisschop voorgelegd en door het bisdom goedgekeurd, De begroting van de nieuwbouw én de afbraak wordt geraamd op ƒ 135.000,--. Als men zover is dat de financiering rond is, breekt de Eerste Wereldoorlog uit en de bouwplannen gaan voorlopig in de ijskast. Met het uitbreken van deze oorlog begint er voor Groesbeek een tijd van smokkelen. Pastoor Rovers schrijft hierover dat het een gouden tijd was wat betreft het verdienen van geld, maar een rampzalige tijd voor het godsdienstig en geestelijk leven van de mensen. Waarschuwingen en vermaningen helpen niet; er is geld te verdienen en dat is het voornaamste. En pastoor Rovers is consequent. Hij had nu de kans om veel geld voor zijn nieuwe kerk bij elkaar te krijgen, maar hij weigert smokkelgeld aan te nemen… ...omdat ik het smokkelen ten hoogste afkeurde, en ook omdat ik de kerk niet wilde rijker maken met dat smokkelgeld. Ik heb later nooit spijt gehad, aldus te hebben gehandeld. .Na de oorlog wordt de bouw weer opgepakt en in de nazomer van 1920 wil men gaan beginnen. Volgens de architect moet er gebouwd worden volgens het oorspronkelijke plan, met uitzondering van de toren, die waarschijnlijk niet opgetrokken zal worden in verband met de hoge kosten, want de bouwkosten zijn inmiddels enorm gestegen. Ging men in 1914 nog uit van ƒ 135.000,--, nu is er inmiddels sprake van ƒ 300.000,--. De architect heeft de tekening aangepast en de kerk 1.70 meter lager gemaakt en ... ...door deze verlaging is volgens het oordeel van den architect de kerk nog schooner geworden.

In 1920, op de Eerste Paasdag kan pastoor Rovers zijn parochianen meedelen dat de bisschop toestemming heeft gegeven om in de loop van dat jaar met de bouw van de kerk te beginnen. Hij doet zijn naam als 'bouwpastoor' alle eer aan, is actief bij de bouw betrokken en probeert waar het kan de bouwkosten lager te krijgen. Omdat de waalstenen enorm duur zijn ( ƒ 49,-- per duizend) gaat pastoor Rovers in Duitsland op zoek naar steenfabrieken. Zo komt hij ook in contact met de fa. Kleindorp in Kleef. Zij willen wel leveren en ook goedkoper, maar de Duitse regering heeft de uitvoer verboden. Maar Kleindorp laat zo'n grote order natuurlijk niet graag lopen; hij reist zelf naar Berlijn en krijgt toestemming voor de uitvoer. Met de architect gaat pastoor Rovers naar Kleef om de stenen te kopen, en dat zijn er 1 miljoen tweehonderddrieëntwintigduizend, voor de prijs van nog geen ƒ 30,-- per duizend franco station Groesbeek. Alles is nu klaar om met de bouw te beginnen. Het kerkbestuur levert de stenen en de rest is voor de aannemer. De aanbesteding van de kerk is op maandag 30 augustus 1920. Er schrijven slechts twee aannemers in en de bouw wordt gegund aan de laagste inschrijver, W.H. Mestrom uit Nijmegen, voor ƒ 262.102,31 met de bepaling erbij dat het kerkbestuur zou moeten bijbetalen als de lonen nog verder omhoog zouden gaan. En dat is gelukkig niet geschied, aldus pastoor Rovers.

Half september begint de aannemer met de aankoop en aanvoer van de materialen en op 27 september gaat de eerste spade in de grond. Eind oktober zijn ze met het afgraven klaar , en.. ja, het moest allemaal nog met de schop. Er wordt nu begonnen met het uitgraven van de fundamenten en dan blijkt dat het peil van de kerk te hoog is en de architect bepaalt dat het 45 centimeter lager moet. Dat is dan een tegenvaller, maar een meevaller is dat er veel mooi metselzand wordt gevonden, zoveel dat de aannemer bijna geen metselzand en kiezel van elders hoeft aan te voeren, zo schrijft pastoor Rovers in het Memoriaal.

De winter van 1920-1921 is zacht en de bouw aan de kerk hoeft maar één week te worden stilgelegd in verband met vorst. Op donderdag 28 maart 1921 wordt de 'eerste steen' gelegd. In het Memoriaal staat hierover het volgende: Op Donderdag 28 Maart heb ik plechtig den eersten steen gelegd, op de plaats van den hardsteen aan Westzijde der kerk bij de doopkapel. Ik droeg eerst de H. Mis op om Gods hulp opnieuw af te smeeken; onder enorme belangstelling trok men naar het terrein; daar hield ik tot de parochianen een korte toespraak, zegende den steen en zette hem daarna op zijne plaats.

Half november zit de kerk onder de kap en liggen de pannen er op. Net op tijd, want het wordt slecht weer. Veel sneeuw, regen en vorst, zodat er een tijd lang niet verder gewerkt kan worden. Half maart pas kan er begonnen worden met de gewelven en het bepleisteren. Op 23 augustus 1922 is de kerk helemaal klaar en op zondag 27 augustus wordt door pastoor Rovers, met machtiging van Mgr. Diepen de nieuwe kerk ingezegend. Op 27 Aug. droeg ik voor den laatsten maal de H. Mis op in de oude kerk om half 9; daaronder sprak ik een kort woord van afscheid aan de oude kerk tot de parochianen. Ik zelf en ook de parochianen waren zeer onder den indruk; 90 jaren lang waren priesters en geloovigen hier te samen gekomen; en nu voor den laatsten keer! Nu komt de zorg voor meubilering en inrichting. Een aantal zaken van de oude kerk kan nog gebruikt worden. Op de eerste plaats natuurlijk de kruiswegstaties. Deze kruisweg dateert al van 1877 en is van de Belgische beeldhouwer Jozef Geefs uit Antwerpen (1808-1885). Het hoofdaltaar (behalve tabernakel en koperwerk) van de nieuwe kerk is een geschenk van P.J.M. van Stokkum, eigenaar van een natuursteenhandel in Rotterdam. Het ontwerp van het altaar is van August van Os, beeldhouwer en kunstenaar uit Tilburg.

De officiële consecratie van de kerk wordt verricht door Mgr. A.F. Diepen en vindt plaats op maandag 23 augustus 1924.

Afbeeldingen

Exterieur


Interieur