Handelingen

Rotterdam, Schepenstraat 69 - Prinsekerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Prinsekerk
Genootschap: PKN Nederlands Hervormd
Provincie: Zuid-Holland
Gemeente: Rotterdam
Plaats: Rotterdam
Adres: Schepenstraat 67-69
Postcode: 3039NA
Inventarisatienummer:
Jaar ingebruikname: 1933
Architect: Meischke, J.C. en Schmidt, P.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Gemeentelijk monument

Geschiedenis

Architectonisch uiterst belangrijke interbellumkerk, met omringende bijgebouwen en toren. Zowel de kerk als de naastgelegen pastorie zijn Gemeentelijk monument.

Grote zaalkerk, gebouwd in 1933 door J.C. Meischke en P. Schmidt. Rechthoekige smalle toren met tentdak. Inwendig gelobd houten tongewelf. Meubilair, orgel en kansel uit de voormalige, in 1933 gesloopte, Oosterkerk te Rotterdam. Na sloop van de nabij gesitueerde Gereformeerde Statensingelkerk ook in gebruik door de Gereformeerde Kerk. Later kerk van de PKN.

De kerk is sinds 02-07-2012 ook in gebruik bij de IZB Gemeente Noorderlicht!

Nadere beschrijving. Bron: orgels-en-kerken.nl

De Prinsekerk werd gebouwd naar een ontwerp van de architecten Meischke en Schmidt en dit fraaie gebouw werd gesitueerd op de hoek van de Statensingel en de Schepenstraat. De eerste steen werd gelegd door Mr. Abm. van der Hoeven op 17 December 1932. Op 13 december 1933 werd de kerk door ds. A.C.G. den Hertog in gebruik genomen.

De naam Prinsekerk ontleende men aan het feit dat het in 1933 vierhonderd jaar geleden was dat Willem de Zwijger werd geboren.

Toen in 1933 de laatste dienst plaats vond in de Hervormde Oosterkerk te Rotterdam, gebouwd in 1682 en gesloopt in 1933/1934, besloot men het orgel en het merendeel van het meubilair over te brengen naar de toen nieuw gebouwde Prinsekerk. Mede hierdoor is het interessant om deze kerk eens van binnen te bezichtigen. Zo zijn er bijzonder fraaie meubelstukken bewaard gebleven, t.w.:   de vierkanten eiken preekstoel met drie weelderig met lover gesneden rechthoekige panelen. Het voorste toont een opengeslagen bijbel als symbool van het geloof. Het linker paneel heeft het anker als teken van de hoop. De liefde en barmhartigheid wordt op het rechterpaneel gesymboliseerd door een gevleugeld en brandend hart. Het ruggeschot toont een ovalen spiegel als symbool van de voorzichtigheid; erboven een gesneden lijst. Genoemde symbolen zijn gevat in de ouroboros, een slang die zichzelf in de staart bijt, het symbool van de eeuwigheid. Het rechthoekige klankbord heeft een gesneden lijst en rust op twee grote takken en wijd geopende bloemen, de bollen zijn nieuw. In de Oosterkerk had de preekstoel de trap aan de achterzijde. De twee leuningen werden in de Prinsekerk verzet naar de zijkanten omdat het meubel aldaar tegen de muur is geplaatst. De panelen zijn rijkelijk versierd met acanthusbladeren. Op de twee gebogen leuningen groeien takken en bladeren, die bij de eerste traptrede beginnen met wortels. Hoger opgaand ontluiken de knoppen en bloemen.

Ter weerszijden van de preekstoel twee banken voor ambtsdragers met ieder twee gesneden consoles.

Twee zijbanken onder het orgel met ieder een gesneden console, gelijk aan genoemde banken.

Tegen de achterwand van de bank onder het orgel zes Ionische kapitelen op gereconstrueerde gecanneleerde pilasters en basementen, luifel met gesneden lijst en twee vergulde knoppen.

Van de vier liedborden bleven er twee in de kerk en een op de torenzolder bewaard, in vergulde letters: PSALM, GEZANG, VERS.

Tegen de galerij een paneel met rococo snijwerk op een nieuwe achtergrond. Muziekinstrumenten o.a. blokfluit, serpent, lier met leeuwekop, viool en cello.

Voor de preekstoel een paneel met rococo snijwerk op nieuwe achtergrond. Voorstellingen o.a. de wetstafelen, een opengeslagen bijbel, een eiketak en de vleugel van een roofvogel.

In de triomfboog hoog boven het liturgisch centrum een ronde schildering met de zegenende Christus, een bijbel en engelen. In de Oosterkerk als roset binnen een achthoek in het midden van het Griekse kruis.

Aan de eiken kast van het hoog in de kerk opgehangen majestueuze orgel zijn tal van boeiende details te ontdekken. Het hoofdwerk wordt ter weerszijden gedragen door twee vrouwenfiguren, de driehoekige pijpvelden rusten op acanthusbladeren en de halfronde toren op een grote uitgewerkte ronde knop en vijf consoles.De bekroning bestaat uit vier musicerende engeltjes en een vlammende pot, terwijl de buitenste figuren door muziekinstrumenten worden geflankeerd.Op het vooruitstekende rugwerk staan vlammende potjes, een boek, lover en een engel met in de hand een lint. Tot 1795 dienden drie wapenschildjes als bekroning. Voor de bovenkanten van de pijpen en de pijpvoeten verguld houtsnijwerk. Het sofiet of lampet onder het positief bestaat uit een zwaar wolkendek, waaruit drie engelen en twee gevleugelde kinderkopjes te voorschijn komen. Op de galerij onder het orgel staat de speeltafel.

In de toren van de kerk hangen drie luidklokken, de Juicher, de Roeper en de Trooster.

De gedenkstenen, in de vorm van vier marmeren platen over de bouw van de Oosterkerk, welke daar ter weerszijden van de kansel en de regeringsbank waren bevestigd, werden opnieuw ingemetseld. Een van de stenen(gedateerd 1680), is ingemetseld aan de zijuitgang van de kerk. De overige drie platen, met daarop de verantwoordelijke bestuurderen, een soort bouwverslag en het feit van ingebruikname, zijn op de onderste torenverdieping terecht gekomen.   Bron: “De Prinsekerk te Rotterdam 1933-1983” door T. Brouwer. Uitgegeven ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van de Prinsekerk te Rotterdam.

Orgels

Hoofdorgel

Het hoofdorgel is gebouwd door J.F. Witte in 1877 voor de Oosterkerk in Rotterdam. Hierbij werd gebruik gemaakt van een oude orgelkas, gebouwd door F. van Douwen en stamt uit 1723. Het orgel is in 1933 overgeplaatst naar de Prinsekerk in Rotterdam door firma G. van Leeuwen, het orgel werd tevens gewijzigd en uitgebreid.

Kapelorgel

In de kapel van de Prinsekerk staat een orgel welke gebouwd is door G. van Leeuwen in 1934. Het orgel is nauwelijks zichtbaar vanuit de kapel, het orgel staat geheel in een zwelkast. Momenteel is het orgel niet bespeelbaar.

In de media

Uit Reformatorisch Dagblad, 16 december 2008.

De Rotterdamse Prinsekerk bestaat deze maand 75 jaar. Het karakteristieke kerkgebouw werd op 13 december 1933 in gebruik genomen. De kerk is opgetrokken rond een binnenhof en omvat naast de kerkzaal een kapel, enkele lokalen en de kosterswoning.

De kerk heeft een toren van 29 meter hoogte. In deze toren bevinden zich drie luidklokken: de juicher, de roeper en de trooster.

Zondag heeft de hervormde gemeente in een gezamenlijke „feestelijke dienst” met de andere gebruiker van het kerkgebouw, de Heritage Full Gospel International Church, stilgestaan bij het jubileum. De wijkpredikant, ds. mw. S.A. van de Graaf-Leentfaar, leidde de dienst. De hervormde gemeente geeft een herinneringsboekje uit en in het gebouw is een fototentoonstelling te zien.

  • Uit: Algemeen Dagblad editie Rotterdam 03-07-2017

Kerkgemeente is een bruisende uitzondering

De kerkelijke gemeente Noorderlicht in Rotterdam-Blijdorp vierde gisteren haar vijfjarig jubileum. Ballonnen, muziek, een preek en aan jonge mensen de mijlpaal glans.

Rotterdam

Dominee Niels de Jong bloost een beetje wanneer de ouderling hem vanaf de kansel eert voor zijn arbeidde afgelopen jaren. De Jong, nog maar 37 jaar, steekt dan dankbaar zijn hand op vanaf de tiende rij. Even later, wanneer de predikant zelf aan het woord is, laat hij alle mensen meedelen in het succes. "Dit is het werk van iedereen", klinkt het overtuiging. Met 'iedereen' doelt De Jong op een grote groep kerkgangers en hun bestuur. Het aan de Schepenstraat gelegen Noorderlicht telt anno 2017 zo'n driehonderd vaste leden. In een tijd waarin kerken leeglopen en de vergrijzing duidelijk waarneembaar is, vormt de gemeente een bruisende uitzondering. "Het is ons gelukt met z'n allen", herhaalt De Jong. Het idee om in Blijdorp een kerkelijke gemeente te beginnen ontstond in 2010. Een jaar later werkte een vijftal mensenhet voornemen uit via een brainstormsessie, waarna de eerste proefdienst in 2012 een feit werd. Op projectbasis maakte de kerk een evenwichtige groei door, waarbij de hoogtepunten zich snel opstapelden. Het eerste avondmaal werd gevierd in 2013, net als de eerste doopdiensten en belijdenis. Er werden hulpacties in de wijk gestart en het aantal sociale activiteiten steeg. Tijdens de kerstnachtdienst van 2016 begroette Noorderlicht liefst 450 kerkgangers. Enkele weken terug verkreeg de kerk de status van zelfstandige gemeente, een wapenfeit dat haar bestaansrecht krachtig onderstreepte. Het project dat zeven jaar terug nog zo ongewis leek is meer dan geslaagd. Wellicht ten overvloede, verteld De Jong dat iedereen welkom is. Tijdens zijn preek zoomt hij in op de twijfel die elke gelovige kent op sommige momenten. Na de dienst, wanneer de koffie met cake rondgaat, verteld de dominee dat dertig procent van de vaste leden niet kerkelijk was voordat zij bij Noorderlicht aanmeerden. "Het kan dus wel, nieuwe leden trekken." Wat betreft de toekomst staat Noorderlicht voor een boeiend vraagstuk. Worden de activiteiten uitgebreid op de huidige locatie of heeft het de voorkeur om op meer plekken in de stad nieuwe kerken te beginnen? Vooralsnog lijkt dat laatste de voorkeur te hebben. Het argument, volgens de jubileumbrochure? "Het lijkt ons meer in lijn wat God zou willen."

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur kerkzaal

Interieur kapel