Handelingen

Utrecht, Draaiweg 44 - Jozef

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Joseph
Genootschap: Rooms Katholieke Kerk
Provincie: Utrecht
Gemeente: Utrecht
Plaats: Utrecht
Adres: Draaiweg 44
Postcode: 3515EM
Inventarisatienummer: 00508
Jaar ingebruikname: 1901
Architect: Ebbers, G.A.
Huidige bestemming: buiten gebruik
Monument status: Rijksmonument (orgel); Gemeentelijk monument (kerkgebouw)

Geschiedenis

Interessante neogotische kerk met rechts naast voorgevel traptorentje. In volksmond "Draaiwegkerk" genoemd.

1896 Terrein aangekocht. 10-05-1900 Eerste steen door pastoor Jansen. 1900-1901 Gebouwd ter ondersteuning van Wittevrouwenparochie (Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopneming, Biltstraat). Architect G.A. Ebbers, leerling van A. Tepe. Pseudo-basiliek volgens de principes van het St Bernulphusgilde. De kerk is 49 meter lang, 19 meter breed en de hoogte van het middenschip is 15 meter. 25-02-1901 geconsacreerd door Mgr. van de Wetering, aartsbisschop van Utrecht. 1916 kruiswegstaties (H. Poland). De glas-in-loodramen in de St. Josephkerk zijn heel bijzonder. Otto Mengelberg, die ook het monumentale raam in de Nieuwe Kerk te Amsterdam ontwierp, maakte ook de tekeningen van deze ramen in de Nederlands Gotische Keldermansstijl. Bijzonder is hierbij ook, dat deze kerk geheel is beglaasd met in totaal 28 glas-in-loodramen. (Er is in deze kerk een boekje ao. 1997 te koop, waarin een goede, systematische, beschrijving van deze ramen, met daarnaast ook nuttige informatie over kerkgebouw en orgel).

In 1913 is het hoofdaltaar voltooid. De kerk bestond toen 12,5 jaar. Ter gelegenheid daarvan zijn vier mooie beelden geplaatst. Rechts St. Bonifatius en Willibrordus en links Bernulfus en Ludgerus.

In 2e helft jaren 1970 waren er verzakkingen, die provisorisch werden hersteld. In 2e helft jaren 1980 bestonden serieuze plannen om deze mooie kerk te slopen, en te vervangen door een modern complex met kerkzaal. Mede doordat de kerk de status van Gemeentelijk Monument kreeg, is het gebouw in de jaren 1990 gerestaureerd, deze restauratie voltooid in 1997.

  • Voornemen tot sluiting 2015.

Monumentomschrijving Rijksdienst (orgel)

De RK St. Josephkerk vanwege het tweeklaviers orgel met vrij pedaal dat in 1872 vervaardigd werd door de Duitse orgelmaker Friedrich Meyer (Herford) voor de Johanneskirche in Barmen (D). In 1920 werd het geplaatst in de Josephkerk door J.J. Elbertse (Soestwijk). Deze wijzigde het orgel in 1926. In 2010 is het door de firma Gebr. Van Vulpen (Utrecht) gerestaureerd, waarbij de oorspronkelijke staat van het instrument is hersteld.

Waardering

Het orgel in de St. Josephkerk is het enige orgel van de orgelmaker Meyer in ons land. Het instrument is een goed voorbeeld van de Westfaalse orgelbouw uit de tweede helft van de 19de eeuw. Van Friedrich Meyer, die tussen 1858 en 1891 ruim 80 instrumenten maakte, zijn slechts twee orgels bewaard gebleven. Het andere staat in Paderborn. Van het Utrechtse orgel bleef circa 95% van het pijpwerk gaaf bewaard, alsmede de orgelkas, windvoorziening, windladen, klaviatuur en mechanieken.

Foto: Cees van der Poel

Oorspronkelijk stond het orgel, vanuit de kerk bezien, rechts op de galerij boven de ingang van de kerk. Het is nu centraal op deze galerij geplaatst. Hierdoor is het grote moderne glas-in-loodraam, ao. 1997, in de voorgevel minder goed te zien.

In de media

  • Uit Het Centrum, 27 Mei 1922.

Er zijn waarlijk grootsche plannen voor de verfraaiing en versiering der St. Jozefkerk aan den Draaiweg. We waren in de gelegenheid er kennis van te nemen en als we ze hier gaan meedeelen, dan bekruipt ons de lust, om tevens een stukje geschiedenis te schrijven van stichting en groei van een kerk, welke weldra 25 jaar zal bestaan en voor even 20 jaar nog stond aan den buitenkant der stad. Voor 22 jaar nog staande nog tusschen moesgoed en hovenierswoningen, met ’n klein kuddeke van geloovigen er om heen, is ze nu geworden een flinke parochie, met een krachtig, warmkloppend katholiek leven. En wie het serieus, krachtig en volhardend werken kent en heeft gevolgd van pastoor Janssen gedurende de stichting der parochie, behoeft zich niet te verwonderen over den goeden Roomschen geest in de Jozefparochie. Vuur en ijver, als gevolg van de door hem steeds zoo gevoelde en begrepen verantwoordelijkheid voor de hem toevertrouwde kudde, hebben pastoor Janssen's werken van het begin begeesterd en met het klimmen der jaren is van vermindering of verslapping nooit iets te bespeuren geweest. “Niet versagen” mag zijn lijfspreuk heeten, en zoo lang wij pastoor Janssen hier in Utrecht hebben gekend, heeft hij al zijn krachten gegeven, met dit doel voor oogen: liefde wekken voor de H. Eucharistie en eerbied voor Gods Huis. En ook de kerk zelf is van dit streven het bewijs. De vriendelijke, tot devotie stemmende kerk aan den Draaiweg, met haar sobere, maar — we zouden haast zeggen — ideale beschildering, mist op elken bezoeker haar invloed niet. Dit deed ze al, toen bij de karige middelen van een arme, beginnende parochie van 'n versiering of verfraaiing der kerk nog geen sprake was. Maar het sterk verlangen van pastoor Janssen, om zijn kerk te maken tot een waardige woonstede van Jezus in het H. Tabernakel, om zijn eerbied voor Gods Huis ook te uiten in waardige versiering, wist ook anderen te bezielen en zoo werd het aankleeden der kerk begonnen en kwamen achtereenvolgens drie gebrandschilderde ramen, het majestueuze hoofdaltaar, het fraaie, groote orgel, de geschilderde kruiswegstaties, het electrische licht. En vóór eenige maanden verloopen zijn, zullen alle ramen tot aan het schip der kerk van gebrandschilderde vensters voorzien zijn, en zullen ook weldra een nieuw Maria- en Jozefaltaar Godshuis sieren. Bij de reeds aanwezige drie gebrandschilderde ramen zullen de nieuwe ramen aansluiten, volgens één schoone gedachte en een geheel uitgewerkt plan en idee van pastoor Janssen zelf waarbij het H. Sacrament het uitgangspunt en middelpunt is. Het middenraam in het priesterkoor stelt voor: De geboorte van Christus; Christus daalt neer, aanbeden door Engelen en menschen. De ramen links en rechts symboliseeren de ondankbaarheid der menschen: De rust op de vlucht naar Egypte en De afwijzing in Bethlehem. Het halve raam boven de sacristie-deur, dat zich moeilijk voor ’n voorstelling leent en ook weinig in het oog valt, wordt alleen decoratief gehouden. Het raam daar tegenover, rechts van het priesterkoor, zal de Kerk symboliseeren, door de voorstelling van een koninklijke Vrouwe met gouden en diamanten diadeem gekroond in biddende houding, dragend in de eene hand de kelk en in de andere hand de H. Hostie. Daaronder de woorden: „De H. Kerk belijdt U over heel de aarde." Boven en rond het Maria-altaar komen ramen, betrekking hebbende op de H. Maagd. Boven het Maria-altaar twee ramen met voorstellingen: God vervloekt de slang; met het eerste zondige ouderpaar op den achtergrond en De Onbevlekte Ontvangenis! Op het groote raam links van het Maria- altaar komt: De Verschijning van Lourdes, waar Maria aan Bernadette meedeelt: „Ik ben de onbevlekte Ontvangenis." Dit was de bevestiging door Maria zelf van de onfeilbare uitspraak van Maria's Onbevlekte Onvangenis, door Paus Pius IX. gedaan, 3 ½ jaar voor de verschijning in Lourdes. .Rond en boven het St. Jozefaltaar voorstelling uit het leven van den H. Jozef. Daarboven de Huwelijkssluiting van den H. Jozef, waardoor Hij Voedstervader wordt van Jezus; De H. Jozef als Voedstervader, gesymboliseerd door het huiselijk leven te Nazareth. Het groote raam rechts zal een afbeelding geven van het sterfbed van den H. Jozef. Twee grootsche, schitterend uitgevoerde voorstellingen zullen komen op de twee tegenovergestelde groote ramen met zijramen in het transept. De voorstellingen zullen daardoor als triptieken kunnen worden behandeld. Links: Jozef van Egypte als voorafbeelding van den H. Jozef. Daar zien we Jozef als onderkoning door koning Pharao in plechtigen optocht aan het Egyptische volk voorgesteld, dat hem huldigt en eerbied betuigt. De ramen rechts in het transept beelden uit den H. Jozef als onderkoning en beschermer van Gods kerk, door paus Leo XIII aldus verklaard. Ook hier grootsche groepen en machtige partijen van geestelijken en leeken van alle rangen en standen, welken den H. Jozef vereeren en huldigen. Door groepeering, technische uitvoering, breedheid van opvatting en kleurenweelde, beloven deze beide voorstellingen, met hun onderlinge, innige harmonie en religieuse verwandschap (sic) iets grandioos te worden. Van deze gebrandschilderde ramen, welke vervaardigd worden op het atelier Otto Mengelberg, waar ook de reeds bestaande ramen zijn vervaardigd, zullen die in het priesterkoor over zes weken reeds geplaatst worden, terwijl de anderen, hierboven beschreven, met 15 Augustus gezet zijn. Dan blijven nog over de ramen in het schip der kerk, waarvan er reeds een is geschonken, maar later wordt geplaatst. Ook bij deze ramen zullen de voorstellingen zich kenmerken door eenheid van gedachte; door het volgen van een vaste lijn. Op het eerste raam links in het schip der kerk komen de apostelen Petrus, Paulus en Johannes, verbeeldende Geloof, Hoop en Liefde, de drie Goddelijke deugden, waardoor wij O.L. Heer volle aanbidding betuigen. Meer nog moeten deze voorstellingen wijzen op den H. Petrus als den eersten Paus, op den H. Paulus, als den grooten apostel der Heidenen en op den H. Joannes als het groote voorbeeld der liefde, dat de Zaligmaker Zijn groote Gebod noemde. Zij zijn de eersten door God aangewezen, van wie ook de bisschoppen van Utrecht de opvolgers zijn. En uitwerkend deze gedachte, wil pastoor Janssen in de overige ramen in het schip plaatsen alle portretten van de bisschoppen, welke de kerk van Utrecht hebben bestuurd. Een schoon idee, omdat in onze kerken veel te weinig plaats wordt gegeven aan de Utrechtsche bisschoppen, die vanaf St. Willibrord, aan het hoofd van het Hartsdiocees hebben gestaan. Door het initiatief van pastoor Janssen wordt hier aan een eereschuld voldaan en de St. Jozefkerk daardoor gestempeld tot een specifiek Utrechtsche kerk. Inzake de beide nieuwe altaren is omtrent karakter, stijl en maker nog geen beslissing genomen. Hoewel hier dus nadere bijzonderheden moeten achterwege blijven, kunnen we wel meedeelen dat de muurvlakten rondom de beide zijaltaren met toepasselijke gordijnen zullen worden behangen. We spraken hierboven van grootsche plannen en we hebben waarlijk niet te veel gezegd. Zoo langzamerhand wordt de St. Jozefkerk een der schoonste van onze stad en zal zij tot in nageslachten getuigen van den eerbied van haar stichter voor Gods huis en zijn artistieken zin.

  • Uit Utrechtse Internetcourant, 23 december 2015

Donderdag wordt aan de Draaiweg de laatste kerstnachtmis gehouden. De Sint-Joseph (zoals de kerk eigenlijk heet) is één van de vijf Utrechtse kerken die komend voorjaar dicht gaan vanwege het besluit van de Ludgerusparochie tot concentratie. De laatste viering aan de Draaiweg is gepland op 13 maart. Wat gaat er met deze mooie neogotische kerk uit 1901 gebeuren? Het aanvankelijk sobere interieur werd in de loop van de 20e eeuw verfraaid met glas-in-lood, beeldhouwkunst en houtsnijwerk van bekende Utrechtse kunstenaars.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur

Orgel

Hieronder een aantal opnamen van het orgel, in restauratie.