Handelingen

Utrecht, Springweg 162 - Synagoge

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam object: Synagoge
Genootschap: Joodse gemeenschap
Provincie: Utrecht
Gemeente: Utrecht
Plaats: Utrecht
Adres: Springweg 162
Postcode: 3511VP
Jaar ingebruikname: 1926
Architect: Elte, Harry Phzn
Huidige bestemming: synagoge
Monument status: Gemeentelijk monument

Geschiedenis

Architectonish uiterst interessant gebouw.

Gebouwd ter plaatse van een Doopsgezinde Kerk uit 1618. Een deel is sinds 1983 in gebruik bij de Evangelische Gemeente. (Evangelische Gemeente Ruth en Broodhuis.)

In de media

Uit Het Vaderland, 21 December 1926.

DE VERBOUWDE SYNAGOGE DER NED. ISRAËLITISCHE GEM. TE UTRECHT.

Zondagmiddag heeft de inwijding van de verbouwde synagoge en van de nieuwe school en admmistratiegebouwen der Ned. Israëlitische gemeente te Utrecht plaats gehad. Vooraf ging een plechtigheid in de kerkeraadskamer welke, behalve een groot aantal gemeenteleden, ook dr. H.Th. 's Jacob, commissaris der Koningin in de provincie Utrecht, dr. J.P. Fockema Andreae, burgemeester van Utrecht, en luitenant-kolonel W. du Vijn, commandant van het 1ste regiment veld-art. en plaatselijk commandant, bijwoonden. De voorzitter van bet kerkbestuur, mr. J. Hamburger A.Dzn., opende de bijeenkomst met een woord van welkom tot de aanwezigen in het bijzonder tot de aanwezige autoriteiten. In het kort nagaande, welke de motieven voor de verbouwing waren, zette spr. uiteen, dat het oorspronkelijke gebouw ter plaatse tot het einde der 18de eeuw als kerk van de Doopsgezinde gemeente had gediend en toen ten behoeve der Israëlitische gemeente was gekocht en tot synagoge was ingericht. In 1848 had men reeds plan tot een verbouwing over te gaan, doch ten slotte bepaalde men zich toen tot het doen van enkele herstellingen. Hoewel de gebouwen nadien telkens werden uitgebreid, klaagde men over hunne onvoldoendheid. Ten slotte werd besloten, het geheele gebouwencomplex te vernieuwen en hij bracht dank aan den heer Elte voor de uitvoering daarvan, waardoor een artistiek en monumentaal geheel is verkregen. Een groote moeilijkheid was er om den dienst tijdens de verbouwing te doen doorgaan en spr. bracht dank aan het bestuur der afd. Utrecht van den Ned. Protestantenbond voor het mogen doen houden van de godsdienstoefeningen in het gebouw aan de Boothstraat. Met den wensch, dat het Opperwezen de gemeente zal behoeden, besloot spr.

Dr. H.Th. 's Jacob, commissaris der Koningin, sprak een kort woord van gelukwensch. Dr. J.P. Fockema Andreae, burgemeester van Utrecht, wees er op, dat de voltooiing van deze verbouwing voor Utrecht in het algemeen en voor de Israëlitische gemeente in het bijzonder van belang mag worden geacht. De heer H. Elzas bood daarna namens een comité uit de gemeenteleden bronzen lichtkronen in de synagoge en stoelen voor de kerkeraadskamer aan.

De heer M. Schaap, oudste lid van den Kerkeraad, betuigde aan den voorzitter dank voor de groote toewijding, waarmee deze gedurende twintig jaar de vergaderingen van den kerkeraad heeft geleid en bood hem als klein bewijs van hulde en sympathie een gouden medaille aan, aan de eene zijde een beeld gevende van de gebouwen der gemeente voorheen en aan de andere zijde van de gebouwen zooals ze thans zijn. Spr. dankte hem tevens voor de voortvarendheid, door hem betoond ten aanzien van de totstandkoming van de nieuwe gebouwen. Meerdere personen boden vervolgens geschenken aan voor het nieuwe gebouw. De opperrabbijn Tal sprak enkele woorden van vreugde over de totstandkoming van de verbouwing. De voorzitter van het kerkbestuur mr. Hamburger dankte ten slotte de sprekers voor hun woorden en de gevers voor hun geschenken. De plechtigheid in de kerkeraadskamer was hiermede ten einde.

Daarna volgde een bijzondere inwijdingsdienst, waarbij o.a. de beer Tal. opperrabbijn, een predicatie hield, en welke, behalve door een overtalrijke menigte gemeenteleden, bijgewoond werd door de in den aanhef van dit verslag genoemde autoriteiten.

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur