Handelingen

Zuidwolde, Boterdiep Westzijde 50 - Gereformeerde Kerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Gereformeerde Kerk
Genootschap: PKN Gereformeerde Kerk
Provincie: Groningen
Gemeente: Het Hogeland
Plaats: Zuidwolde
Adres: Boterdiep Westzijde 50
Postcode: 9785AL
Inventarisatienummer: 01409
Jaar ingebruikname: 1908
Architect: Veen, Y. van der
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 510683

Geschiedenis

Interessante neokerk met toren.

1944-1947 ook Geref. Kerk Vrijgemaakt.

Monumentomschrijving Rijksdienst

KERK van het zaalkerktype, in 1908 gebouwd als gereformeerde kerk waarschijnlijk naar een ontwerp van architect Y. van der Veen. Het exterieur vertoont kenmerken van de Overgangsstijl, het interieur kenmerken van de Art Déco. Het orgelinstrument, gebouwd in 1917 door vermoedelijk de firma A. Standaart te Rotterdam, wordt wegens te weinig monumentale waarde niet van rijkswege beschermd. Aan de zuidzijde van de kerk bevindt zich een lage aanbouw met plat dak, waarvan het eerste deel in de jaren twintig is gerealiseerd en die vervolgens in de jaren zestig en tachtig opnieuw is uitgebreid. De aanbouw valt buiten de bescherming van rijkswege, evenals de pastorie die na de Tweede Wereldoorlog is vernieuwd.

Omschrijving

Zaalkerk opgemetseld van licht gesinterde bruine baksteen en gedekt door een wolfdak, tegen een rechte topgevel, van geglazuurde blauwe gegolfde Friese pannen; op de hoeknok een houten makelaar; bakgoot op klossen.

De voorgevel heeft een symmetrische indeling. De gevels hebben een iets uitstekend trasraam van gesinterde bruine baksteen, die wordt beëindigd door een rand van rode baksteen; op de hoeken bakstenen pilasters bekroond door rechthoekige natuurstenen elementen; langs beide daklijsten een uitkragend fries van gesinterde bruine en rode baksteen; in de gevel twee gevelbanden van rode baksteen. In de middenrisaliet bevindt zich de entree in een iets uitgebouwde portiek, die wordt gedekt door een korte lessenaardak met een goot op klossen; in de portiek een dubbele houten deur, gedecoreerd met Art Déco-motieven en een lage hardstenen stoep; de deur heeft een segmentboogvormig bovenlicht met gekleurd glas-in-lood en een omlijsting van geribbelde stijlen van rode baksteen die beëindigd wordt door een segmentboog van rode baksteen; de portiek wordt beëindigd door een segmentboog van gesinterde bruine en gele baksteen met in een natuurstenen sluitsteen het opschrift `ANNO 1908'. Boven de entree, in de middenrisaliet, een tweedelig verticaal venster met gekleurd glas-in-lood, beëindigd door een natuurstenen latei waarboven een segmentboog van gesinterde bruine en rode baksteen. De middenrisaliet wordt bekroond door een vierkante dakruiter die iets uitkraagt; de dakruiter heeft een bakstenen onderbouw met aan de voorzijde een ronde plaquette van pleisterwerk; de bovenbouw is van hout en heeft aan elke zijde twee segmentboogvormige openingen met houten roosters; de dakruiter wordt bekroond door een achthoekige torenspits bekleed met grijze leien in Rijndekking; op de torenspits een windwijzer met een gouden haan. Aan weerszijden van de entree een zelfde tweedelig venster als in de middenrisaliet.

De noordgevel wordt door vier pilasters in vijf gevelvelden verdeeld. In elk gevelveld twee naast elkaar gelegen rondboogvensters met gekleurd glas-in-lood; de vensters worden beëindigd door een rollaag van rode baksteen met natuurstenen aanzet- en sluitstenen. Ter hoogte van de aanzetstenen en onderdorpels van de vensters een gevelband van rode baksteen. De achtergevel, de westgevel, heeft in het midden een rechthoekige uitbouw, een absis, gedekt door een lessenaarsdak van geglazuurde blauwe gegolfde Friese pannen. Boven de absis een groot rond venster met gekleurd glas-in-lood, voorstellende een opkomende zon. Aan weerszijden van de absis twee gelijke rondboogvensters als in de noordgevel. De zuidgevel is identiek aan de noordgevel, maar heeft over een gedeelte van de gevel een nieuwe aanbouw, waarvan de hoogte net tot aan de onderdorpels van de vensters reikt.

Het INTERIEUR van het kerkgebouw is grotendeels oorspronkelijk. De vloer is van hout en loopt vanaf de kansel naar het portaal op; de wanden zijn gepleisterd en hebben een houten lambrizering; een trapeziumvormige houten kap met houten stijlen, ijzeren trekstangen en drie gietijzeren luchtroosters. In het westelijk gedeelte een podium met in de absis beëindigd door rondboog een driezijdige kansel met houtsnijwerk in de stijl van de Art Déco; aan weerszijden van de kansel een houten trap met balustrade; de achterwand van de kansel heeft een betimmering in de stijl van de Art Déco. Aan weerszijden van de kansel houten banken voor kerkeraadsleden met houtsnijwerk in de stijl van de Art Déco. In de zaal drie rijen houten banken met houtsnijwerk in de stijl van de Art Déco. In het oostelijk gedeelte van de kerkzaal een verdieping met het orgel en extra banken, ondersteund door twee houten pilaren; de pilaren en balustrade van de verdieping zijn gedecoreerd met houtsnijwerk in de stijl van de Art Déco; het orgel heeft een driedelige kast in een meer eclectische stijl. Onder de orgelverdieping bevindt zich het portaal.

Waardering

Gereformeerde zaalkerk van algemeen cultuur- en architectuurhistorisch belang

  • als voorbeeld van gereformeerde kerkbouw in het begin van de 20ste eeuw in de provincie Groningen
  • vanwege de vormgeving die kenmerken vertoont van de Overgangsstijl en de Art Déco en het materiaalgebruik
  • vanwege de hoge mate van gaafheid van in- en exterieur - vanwege de beeldbepalende ligging in het dorp Zuidwolde

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur