Handelingen

Hilversum, Melkpad 12 - Sint Vituskerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: St. Vituskerk
Genootschap: Oud Katholieke Kerk
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Hilversum
Plaats: Hilversum
Adres: Melkpad 12
Postcode: 1217KC
Inventarisatienummer: 00582
Jaar ingebruikname: 1889
Architect: Weeldenburg, P.A.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument
Monumentenbordje 2014.jpg
22159


Geschiedenis

Monumentale neobarokke kerk met koepel.

Monumentomschrijving

Driebeukige KRUISBASILIEK, hoofdonderdeel van het kerkcomplex 'Oud-Katholieke kerk St. Vitus', gebouwd in 1889 naar het ontwerp van P.A. Weeldenburg (1849-1912) in de stijl van de Neo-Barok. De kerk is noord-zuid georiënteerd en vrijstaand gesitueerd op een terrein aan de noordzijde van het Melkpad, ongeveer 25 meter vanaf de straat, terwijl de terugliggende pastorie in de noordwesthoek met de kerk is verbonden.

Omschrijving

Driebeukige kruisbasiliek met kruisingskoepel en sacristie aan de noordzijde in een aanbouw van één bouwlaag waarin zich tevens bergkamers bevinden, opgetrokken in rode baksteen op een hoge gepleisterde sokkelzone op natuurstenen plint, terwijl de hoeken van de gevels en de vensteromlijstingen pleisterwerk bevat in natuursteenimitatie. De zadeldaken van schip en transept, de opgaande dakschilden van de zijbeuken en de koepel zijn met blauwe leien bedekt.

De voorgevel (Z) bevat een risalerend zuilenfront in twee zones, bekroond door een fronton, ter breedte van het schip. De benedenzone is opgebouwd uit twee vierkante pijlers ter weerszijden van twee dorische zuilen, op sokkels geplaatst en versierd met horizontale banden. Het hoofdgestel bevat een architraaf, fries en kroonlijst. In de geheel gepleisterde gevel bevindt zich in het midden, omgeven door een blokband, de grote houten dubbele toegangsdeur met geprofileerde paneelomlijstingen, bereikbaar via vier natuurstenen treden, onder een boogveld met plastische decoratie met onder meer een wereldbol. In de muurvlakken ter weerszijden van de ingang bevinden zich vier rechthoekige panelen. De tweede zone bevat vier ionische zuilen op sokkels die een architraaf en fries dragen, terwijl de trigliefen van het fries dienen als consoles voor het fronton. In een boognis, in het brede middelste intercolomnium, staat een groot Christusbeeld, vervaardigd door S. Miedema in 1889. In het gevelvlak worden de zuilen als pilasters herhaald en zijn vier panelen aangebracht. De zijbeuken reiken tot het onderste hoofdgestel waarvan de bovenzijde zich ter hoogte van de daklijst bevindt.

De identieke zijgevels (O en W) bevatten zeven rondboogvensters met gebrandschilderde ramen. De houten deuren van de zijingangen bevinden zich in het onderste gedeelte van de rondboogvensters ter weerszijden van de transeptarmen in het midden. De transeptarmen steken iets uit en hebben ter hoogte van de lichtbeuk een driedelig rondboogvenster onder tympaanvormige afsluiting. In de lichtbeuk van het schip bevinden zich aan de oost- en westzijde zes grote ronde vensters met gekleurde glas-in-loodramen. De achtergevel (N) bevat de aanbouw ter hoogte van een souterrain en een bouwlaag, waarin zich vier vensters bevinden, onder lessenaarskap.

De grote achthoekige tamboer van de koepel op de kruising bevat grote ronde vensters met gekleurde glas-in-loodramen, waartussen steunberen met krullen die in de daklijst van het koepeldak worden bekroond door een fronton, het geheel herhaald in de lantaarn, die bekroond wordt door een kruis. De binnenruimte van de kerk wordt gevormd door het middenschip met lichtbeuk, zijbeuken, het transept, de kruisingskoepel, een boogvormig beeïndigd koor met twee boogvormig beeïndigde zijkapellen, uitgevoerd in wit en grijs stucwerk. De binnenruimte wordt betreden via het portaal onder de orgelgalerij. Ter weerszijden van het looppad en in de zijbeuken staan banken. Het schip en een gedeelte van het koor worden overspannen door een tongewelf waardoorheen de rozetvensters steken, terwijl de transeptarmen dwarse tongewelven bevatten. De opstand van het schip bestaat uit blokpijlers op basement met daartussen rondbogen op impostlijsten. De daartegenaangeplaatste dorische pilasters dragen een hoofdgestel. De schilderingen op de panelen tussen de pilasters in de zone daarboven zijn van P. Determeyer uit de periode 1933-1944 en stellen voor: de Aankondiging, de Geboorte, de Opdracht van de heer in de tempel, de Aanbidding der wijzen, de Vlucht naar Egypte, de Twaalfjarige Jezus in de tempel, Doop in de Jordaan, Bruiloft te Kana, de Genezing van de blind geborene, Maria en Martha, de Olijfberg, Ecce Homo, de Kruisiging en de Verrijzenis. Tegen de zijmuren zijn schilderijen van de vier evangelisten geplaatst, bij het koor van David en Cecilia, terwijl in het transept de schilderingen voorstellen Wonderbare spijziging, Abrahams offer, Emmaüsgangers, Elia in de woestijn en de Wonderbare visvangst. De zijkapellen liggen een trede verhoogd ten opzichte van het schip, terwijl het koorgedeelte achter de communiebank vijf treden in niveau verschilt. In het midden van het schip tegen de zijmuren dragen driekwartzuilen met hoofdgestel een rozet, vazen, aedicula met guirlandes, putti, bustes van Petrus en Paulus. De koorsluiting is bovenin bezet met platte ribben met panelen waartussen achthoekige panelen met bloemplastiek, en draagt op de band de tekst: 'Ecce Agnus Dei Ecce Qui Tollit Peccatum Mundi'. De koepel, aan de binnenzijde voorzien van rijk bewerkte consoles waartussen engelenkopjes, guirlandes en een cassetteplafond, draagt de tekst: 'Gloria In Excelsis Deo Et In Terra Pax Hominibus Bonae Voluntatis'. De gebrandschilderde ramen, vervaardigd in het Haarlemse atelier Bogtman naar het ontwerp van P. Determeyer in de periode 1948-1965 bevatten voorstellingen van: de Zaaier, het Huis op de rots, de Verloren zoon, de Barmhartige Samaritaan, de Goede Herder en de Ware wijnstok. De preekstoel van slavonisch eiken, geplaatst tegen de noordwestelijke transepthoekpijler, is vervaardigd door de beeldhouwer Schultsz van de fa. P.H. van Thiel uit Haarlem, en bevat panelen met houtsnijwerk, voorstellende de vier evangelisten, terwijl het klankbord is versierd met engelenkopjes. Het houten (draai)tabernakel werd in 1914 vervaardigd door de firma P.H. Vree uit Utrecht en bevat een zilveren plaatje met de ingegraveerde tekst: 'Ter herinnering aan het 40-jarig Priesterschap van Pastoor G.C van Schaik werd dit Tabernakel aan de Kerk van den Heiligen Vitus aangeboden op 1 november 1914'. In de westelijke zijkapel staat het Willibrordusaltaar met gesneden front en retabel, in de oostelijke zijkapel het Bonifatiusaltaar en doopvont. Op de orgelgalerij met balustrade staat een orgel gemaakt door C.G.F. Witte in het jaar 1873, met twee klavieren en pedaal. Orgelkast uit grenen- en vurenhout. In de oostelijke transeptarm staat een orgel gemaakt door Th. Bates in het jaar 1835 met 1 klavier, afkomstig uit de St. Andrew's Church in Fersfield, Norfolk.

Waardering

Driebeukige kruisbasiliek, hoofdonderdeel van het kerkcomplex 'Oud-katholieke kerk St. Vitus', met interieuronderdelen is van algemeen belang wegens architectuur- en cultuurhistorische waarde als zeldzaam en gaaf bewaard gebleven voorbeeld van een driebeukige kruisbasiliek met kruisingskoepel in de stijl van de Neo-Barok, gebouwd in het laatste kwart van de negentiende eeuw naar het ontwerp van P.A. Weeldenburg, beeldbepalend gesitueerd aan het Melkpad. Van belang als historisch-ruimtelijk onderdeel van het kerkcomplex.

Externe links

Afbeeldingen