Steun Reliwiki!
Voor de hosting en het onderhoud van deze site die gerund wordt door vrijwilligers is geld nodig. Ondersteun RELIWIKI met uw bijdrage op NL86 TRIO 0198 3859 94 (Triodos Bank), t.n.v. de stichting Reliwiki. Uw schenking is fiscaal aftrekbaar. Doe het vandaag nog en houdt Reliwiki en al haar data toegankelijk voor iedereen!

Uit het nieuws:


 Handelingen

,s-Gravenhage, Hanenburglaan 122 - Westduinkerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Westduinkerk
Genootschap: Gereformeerde Kerken in Nederland
Provincie: Zuid-Holland
Gemeente: 's-Gravenhage
Plaats: 's-Gravenhage
Adres: Hanenburglaan 122
Postcode: 2565GR
Inventarisatienummer: 00372
Jaar ingebruikname: 1925
Architect: Logemann, J.P., Rotterdam
Huidige bestemming: gesloopt
Monument status: geen

Geschiedenis

Dit was een zeer belangrijke vroegmoderne interbellumkerk. De toren stond stedenbouwkundig mooi in de as van de Fahrenheitstraat.

Begin jaren 1940 is de toren in opdracht van de Duitse bezetters afgebroken. Een vervangende, modernere, maar ook lagere toren is in 1959 gebouwd.

Deze interessante, ouderwets Gereformeerde, preekkerk is ondanks serieuze acties eind jaren 1980 tot behoud verloren gegaan.

Buiten gebruik in 1990, sloop begin 1991. Ter plaatse nu woningen en winkels.

Het Van Leeuwen-orgel uit 1925 kreeg in 1991 in de Chr. Geref. Eben Haëzerkerk te Urk een nieuwe bestemming. Meer daarover verderop in deze gegevens.

Het uurwerk in en de "wijzerplaten" op de toren zijn in (±) 1991 herplaatst in en op de toren van de redelijk nabij gelegen R.K. Kerk Allerheiligst Sacrament aan de Sportlaan.

In de media

  • Uit Het Vaderland, 4 Februari 1925.

EEN BEZOEK AAN DE NIEUWE WESTDUINKERK. Een rondwandeling met den architect.

Door de commissie van beheer van den kerkeraad der Gereformeerde Kerk alhier daartoe uitgenoodigd, hebben wij gistermiddag een rondwandeling gemaakt door de nieuwe Westduinkerk der Gereformeerde Kerk (West), gelegen aan de Fahrenheitstraat 709. De kerk zal hedenavond met een plechtigen dienst wórden ingewijd. De architect, de heer J.P. Logemann uit Rotterdam, leidde ons rond.

In Juli 1922 werd een prijsvraag uitgeschreven, waarop 69 inzendingen kwamen. Het ontwerp van den architect Logemann werd bekroond. Op 29 September 1923 legde dr. K. Dijk den eersten steen. De aannemer K.L.A. Weimar Jr. alhier heeft met veel slecht weer te kampen gehad. Men noteerde niet minder dan 69 dagen waarop niet kon worden gewerkt. Het kerkgebouw staat gericht naar de Hanenburglaan. Boven de ingangen is een monumentale gevel ontworpen met glas-in-loodvensters. De bouwmeester huldigt het principe waarheid in bouw. Galerijen zijn dan ook niet weggewerkt in ramen, integendeel, het inwendige van het gebouw wordt op rationeele wijze tot uitdrukking gebracht. De zijgevels zijn eenvoudig gehouden, evenals de toren, die 42 M. hoog is. Inwendig getuigt de kerk in groote lijnen van ernst, in de details van gepaste opgewektheid. Het middenschip is 16.50 M. breed en 24 M. diep. Alleen voor het podium zijn stoelen opgesteld, alle overige zitplaatsen zijn kerkbanken.

Bij het Avondmaal worden de stoelen weggenomen om ruimte voor de tafels te verschaffen.

De galerijen staan rechthoekig op elkaar. Op den beganen grond zijn 868 zitplaatsen, op de galerijen 336. Van alle plaatsen af is de voorganger te zien. Er zijn geen hinderlijke steunpunten die het gezicht belemmeren. Boven het podium is de orgelgalerij. Men is thans nog bezig het orgel te bouwen.

De architect heeft tusschen speeltafel en borstwering een ruimte gelaten voor den dirigent. Ter weerszijden van het orgel is ruimte voor koor en orkest.

De verlichting verdient speciaal vermelding. Noch de predikant, noch de toehoorders worden door een lichtbron gehinderd. Om de lampen voor het middenschip zijn metalen ringen aangebracht, waardoor slechts een diffuus licht uitstraalt. Een reflector werpt het grootste deel van het licht omlaag. Op de galerijen zijn als het ware lichtbakken aangebracht, waarvan de predikant evenmin de lichtbron kan zien. Van zijn plaats gezien hangt er 's avonds in de kerk een lichtwaas, dat bijzonder stemmig is. De toehoorders hebben helder licht op de handen.

De verwarming van de kerk geschiedt door middel van verwarmde lucht. In den kelder staan drie ovens waar de koude lucht langs strijkt. De verwarmde lucht stijgt door een rooster in den vloer in de kerk op. Voor het podium zijn luchtgaten gemaakt, waardoor de min of meer koude lucht uit het kerkruim wordt weggetrokken. Deze installatie blijft den geheelen winter branden en kost niet meer dan een kachelverwarming zou kosten, omdat men in de ovens minderwaardige brandstof gebruiken kan. Rond het ruim zijn lokalen gemaakt voor doopkamer, domineeskamer, catechisatiekamer enz.

De catechisanten komen in schoolbanken te zitten. Te hunnen behoeve is in den kelder een fietsenbewaarplaats gemaakt. De kerkbanken zijn uitgevoerd in teak- en cypressenhout, evenals de geheele betimmering der kerk, als blankhout gelakt en daarna gladgeschuurd.

De kap is van vurenhout en donker geschilderd. Er zijn vijf uitgangen. Breede trappen leiden naar de galerijen. Op het podium zijn de banken voor ouderlingen en diakenen. De toiletinrichtingen zijn onder de trappen. De predikant heeft zulk een inrichting achter zijn kamer.

De ramen zijn van glas-in-lood. Het groote frontraam is in sterke kleuren met modern motief. De zijramen zijn zachter, maar kleurrijker. Alle ramen verleenen de kerk een warme stemming. De toren krijgt een electrisch uurwerk. Hij staat op een plaat van 9 x 9 M. gewapend beton, dik 80 c.M. Men moest zoo stevig fundeeren, omdat de toren zooveel winddruk te weerstaan heeft.

Er zijn twee luidklokken aangebracht, een in F wegende 1000 K.G., de ander in Des, circa 600 K.G. zwaar. Ze worden met de hand geluid. *)zie noot.

  • Noot (niet van deze krant): deze klokken zijn in de 2e Wereldoorlog geroofd door de Duitse bezetter en de toren werd 'een kopje kleiner gemaakt'en meer dan dat. Zie de foto's. Pas jaren later, in 1959, werd de toren in een andere stijl herbouwd.

De wijzerplaat is opgebouwd in stukken van gebakken aardewerk, vormende 12 zeshoekige openingen, op de plaatsen waar anders de cijfers staan. In de openingen zijn achter een glasplaat lampen aangebracht, zoodat ook 's avonds de tijd kan worden afgelezen. Ook de wijzers zullen worden verlicht. De details zijn keurig afgewerkt. Gisteren werd daaraan de laatste hand gelegd en wij twijfelen niet of hedenavond, wanneer de dienst de plechtige stemming in dat inbouw gebracht heeft, zal ieder vol lof zijn over dit schoone, gewijde Godshuis.

Uit Het Vaderland, 8 Mei 1925.

In de onlangs in gebruik genomen (Geref.) Westduinkerk alhier werd gisteravond het inmiddels gereed gekomen orgel eveneens in gebruik genomen. Velen moesten zich met een staanplaats tevreden stellen.

Dr. K. Dijk, de wijkpredikant, opende de samenkomst met het lezen van Psalm 150 en gebed en begon zijn toespraak met de opmerking, dat deze plechtigheid de kroon is op de blijdschap der gemeente. Spr. wees op de beteekenis van het orgel in den eeredienst en dankte de commissie van beheer en de bouwcommissie voor haar arbeid; den heer Besselaar voor zijn adviezen en den heer v. Leeuwen, den orgelbouwer, voor zijn werk. Spr. hoopte, dat mede door het werk van den organist het zwakke Psalmgezang der Gemeente moge opklimmen als een machtige lofzang ten hemel. De gemeente zong nu de drie verzen van Psalm 150, terwijl een gave voor het orgelfonds werd ingezameld. Hierna bracht de heer J.H. Besselaar Jr., organist te Rotterdam, een zeer gevarieerd programma ten gehoore. Het ving aan met een Prélude op. 20, No. 1, g-moll, van G. Pierné. Verder gaf de organist een Sonate op. 80, no. 5, c-moll, van A. Guilmant, een Pastorale op. 19, no. 4, E-Dur, van César Franck; een Fantaisie in Es-dur van Saint-Saëns; een Largo uit de Sonate no. 5 C-dur van J.S. Bach; een Vivace uit de Sonate no. 6 G-dur, eveneens van Bach; een Toccata in C-dur, ook van Bach, om met een orgelconcert in C-moll van G.F. Händel het geheel te besluiten. Op schitterende wijze demonstreerde de heer Besselaar de uitnemende kwaliteiten van het orgel, dat een sieraad is in dit nieuwe bedehuis en dat tot opluistering van den eeredienst niet weinig zal bijdragen. Aan het einde vertolkte dr. Dijk aller dank jegens den heer Besselaar en dankte hij het college van organisten, die voor het orgelfonds reeds onderscheiden concerten gaven. Na het zingen van Psalm 141 : 2 sloot dr. Dijk de samenkomst met dankzegging. De beide andere predikanten van de Geref. Kerk van Den Haag-West, ds. M Schuurman en dr. D.H.Th. Vollenhoven, woonden deze samenkomst mede bij.

  • Noot (niet van deze krant). Dr. K. Dijk (1885-1968) was de 'bouwpastor' van deze kerk. In 1912 begon hij zijn predikantswerk in Rijswijk (ZH). In Den Haag ving hij in 1916 zijn werkzaamheden aan in de toen nog jonge Nieuwe Zuiderkerk, om begin jaren 1920 over te stappen naar de te bouwen Westduinkerk en de opbouw van een nieuwe wijkgemeente ter hand te nemen. In 1937 werd hij benoemd tot hoogleraar aan de Theologische Hogeschool te Kampen van de Gereformeerde Kerken in Nederland tot aan zijn emeritaat in 1955. Prof. Dijk heeft op het 'Gereformeerde erf' op veel terreinen blijk gegeven van zijn grote eruditie en was ook een veelvuldig publicist en een uitstekend redenaar. Van begin af aan toonde hij een grote betrokkenheid bij het jeugdwerk. Hij was van 1935 tot 1948 voorzitter van de Bond van Jongelingsverenigingen op Gereformeerde grondslag. Zijn afscheid viel samen met het 60-jarig bestaan van deze bloeiende jeugdorganisatie.

Het orgel

Uit Het Vaderland, 13 Mei 1925.

Dank zij de welwillendheid van den organist der Westduinkerk alhier, den heer S. Slavekoorde, zijn we in de gelegenheid geweest het nieuwe instrument nog eens rustig in oogenschouw te nemen en te hooren. We zijn er te meer door overtuigd, dat de bouwer van dit orgel, de heer G. van Leeuwen te Leiderdorp, een stuk werk van voortreffelijke kwaliteit heeft tot stand gebracht. Een wandeling in het orgel tusschen de pijpen wekt al aanstonds dien indruk. De opstelling der stemmen en de verdeeling der binnenruimte is zoodanig, dat men zich betrekkelijk gemakkelijk bewegen kan niet alleen, maar dat ook alles zonder bijzondere moeite bereikbaar is. Voorts getuigt de geheele afwerking van groote nauwkeurigheid en degelijkheid. Zooals we reeds meedeelden is het orgel, waarvan het geluid sterke overeenkomst vertoont met dat van het orgel in de Groote Kerk alhier, gebouwd volgens het rein-pneumatisch systeem met kegelladen. De kegelladen zijn vervaardigd van massief eikenhout. De pijpen van het hoofdmanuaal staan op twee afzonderlijke laden: c-kant en cis-kant; die van het bovenmanuaal zijn op een enkele lade geplaatst en bevinden zich binnen een zwelkast, waarvan wij de prachtige werking hebben kunnen waarnemen. Ook de pijpen van het pedaal staan op twee laden; de lade voor de contrabas staat namelijk geheel afzonderlijk. Bovendien is er een afzonderlijke lade voor de transmissieregisters. Deze is van bijzonder ingenieuse constructie.

Zeer opvallend is de bij uitstek overzichtelijke ligging van het buizennet, dat de verbinding van de speeltafel met de laden tot stand brengt; iedere buis kan zonder het minste bezwaar van begin tot eind gemakkelijk gevolgd worden. De speeltafel is ongeveer 4 Meter midden voor het orgel geplaatst. Hierdoor zit de organist tusschen het orgel en de gemeente in, zoodat hij beide goed kan hooren. De afstand van de speeltafel tot klavier II bedraagt ongeveer 15 Meter, wat echter niet verhindert, dat onmiddellijk bij het aanraken der toetsen het orgel aanspreekt. Over de 39 registers deelden we reeds een en ander mede, daaraan behoeft weinig toegevoegd. De registers, als "drukkers" uitgevoerd, zijn boven de klavieren geplaatst. Daarboven zijn twee rijen, elk van 39 trekregister, knopjes aangebracht voor de twee vrije combinaties. Met deze vrije combinaties, kan men twee willekeurige registratie, vooraf klaar zetten en op elk gewenscht oogenblik inschakelen. De vijf groepen van drukknopjes (zie dispositie) zijn onder het hoofdmanuaal opgesteld. Verder is aanwezig een rolzweller, waarmede de registers overeenkomstig een bepaalde volgorde achtereenvolgens kunnen worden in- of uitgeschakeld. Dit geschiedt met de voeten. Naast den rolzweller bevindt zich de crescendotrede voor het tweede klavier. Het zwelwerk voor het tweede manuaal werkt bijzonder. Het geluid kan er enorm door versterkt of afgedempt worden. De opstelling van het geheele orgel is ook bij uitstek gelukkig gekozen. De ruime gaanderij, het ononderbroken gewelf van de kerk boven het orgel en de uitmuntende akoustiek werken alle mede om de schitterende kwaliteiten van het orgel te doen uitkomen. De heer van Leeuwen, die op het gebied van orgelbouw een zeer solide reputatie geniet, zal deze, dank zij de groote zorg, die hij aan het instrument in de Westduinkerk heeft besteed, stellig nog vergrooten.


VERPLAATST NAAR URK

Dit omvangrijke Van Leeuwen-orgel uit 1924 is grotendeels herplaatst in de Chr. Geref. Eben Haëzerkerk in Urk. Bron: Stichting Orgelcultuur Flevoland / K. Kapitein 1991, waaraan de volgende tekst is ontleend:

"Dit orgel is oorspronkelijk gebouwd in 1924 voor de Gereformeerde Westduinkerk te 's Gravenhage. Deze kerk is echter in 1990 voor de eredienst gesloten en verkocht aan Albert Heijn. AH heeft de kerk vervolgens laten afbreken om op deze plaats een supermarkt te bouwen. Het orgel is geschonken aan de Eben-Haëzerkerk op Urk. Bij de overplaatsing door Klaas Kapitein uit Urk is het orgel voorzien van een nieuwe speeltafel; De oude speeltafel bleek de verhuizing niet meer waard te zijn. Het orgel bezat in de oorspronkelijke situatie nog de volgende stemmen: Op het hoofdwerk een Prestant 16'. En op het pedaal: een Contrabas 16'. Deze registers zijn niet herplaatst i.v.m. de hoogte van de beschikbare ruimte, terwijl de bazuinbekers van het pedaal zijn geruild met die van de Sionkerk te Urk, waardoor de bazuin wel onder het dak paste. Het orgel is nu grotendeels in de toren van de kerk opgesteld en voorzien van een nieuw front met gebruikmaking van de oude frontpijpen. In 2011 is het orgel gemodificeerd door Klaas Kapitein te Urk en er is een nieuwe speeltafel geplaatst van Content." ________________________________________


De huidige dispositie is als volgt: Hoofdwerk Bourdon 16 ~ Prestant 8 ~ Roerfluit 8 ~ Quintadeen 8 ~ Octaaf 4 ~ Openfluit 4 ~ Quint 2 2/3 ~ Prestant 2 ~ Cornet V ~ Mixtuur IV ~ Trompet 8

Bovenwerk Vioolprestant 8 ~ Gamba 8 ~ Holpijp 8 ~ Octaaf 4 ~ Roerfluit 4 ~ Nasard 2 2/3 ~ Sesquialter II ~ Gemshoorn 2 ~ Scherp III ~ Hobo 8 ~ Tremulant

Pedaal Subbas 16 ~ Octaafbas 8 ~ Fluitbas 4 ~Quintadeen 8 ~ Ruispijp III ~ Koraalbas 4 ~ Bazuin 16

Koppelingen Hoofdwerk + Bovenwerk, Pedaal + Hoofdwerk, Pedaal + Bovenwerk, Generaal Crescendo

Manuaalomvang C-f3

Pedaalomvang C-d1

Systeem Elektro-pneumatisch

Externe links

Van dit kerkgebouw zijn meer foto’s te vinden in de digitale beeldbank van het gemeentearchief van Den Haag. Zie [1]

Afbeeldingen