Steun Reliwiki!
Voor de hosting en het onderhoud van deze site die gerund wordt door vrijwilligers is geld nodig. Ondersteun RELIWIKI met uw bijdrage op NL86 TRIO 0198 3859 94 (Triodos Bank), t.n.v. de stichting Reliwiki. Uw schenking is fiscaal aftrekbaar. Doe het vandaag nog en houdt Reliwiki en al haar data toegankelijk voor iedereen!

Uit het nieuws:


 Handelingen

Amsterdam, Diepenbrockstraat 46 - Nieuwe Kerk/Vrijburg

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Nieuwe Kerk (Vrijburg)
Genootschap: Remonstrantse Broederschap
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Amsterdam
Plaats: Amsterdam
Adres: Diepenbrockstraat 46
Postcode: 1077VZ
Inventarisatienummer: 04842
Jaar ingebruikname: 1932
Architect: Roodenburgh, J.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 527834

Geschiedenis

Belangrijke interbellumkerk met kenmerken van de Amsterdamse School. Het kerkgebouw staat op 282 palen en werd ingewijd op 17 en 18 juni 1933. Het is gebouwd als Remonstrantse "Nieuwe Kerk" ook wel "Tweede Remonstrantse Kerk", als uitbreiding van de aan de Keizersgracht gelegen "Rode Hoed", welke nog tot in 1957 in gebruik zou blijven. Tot op heden is het gebouw nog altijd primair in gebruik als Remonstrantse Kerk, in samenwerking met de Vereniging Vrijzinnig Hervormden (VVH), met sinds begin jaren 2000 de naam "Vrijburg", als Vrijzinnig Kerkelijk Centrum. Daarnaast werd het gebouw sinds 1973 tot ongeveer midden jaren 2000 ook gehuurd door de Christelijke Gereformeerde Kerk (CGK).

Architect Daan Roodenburgh was een architect die met name in Amsterdam veel heeft gebouwd in de verstrakte versie van de (late) Amsterdamse School. Bekend is zijn ontwerp van een complex etagewoningen in een halve cirkel aan het Surinameplein. Hij stond niet bekend als kerkenbouwer, dit zou zelfs zijn eerste kerk worden, maar werd toch door door het kerkbestuur uitgekozen voor een besloten prijsvraag voor het bouwen van een nieuwe remonstrantse kerk in een toen nog vrijwel onbebouwd deel van Amsterdam zuid. Bijzonder is dat Roodenburgh zowel het exterieur als het interieur mocht ontwerpen. Veel onderdelen van de kerkzaal, de kerkenraadskamer, de spreekkamertjes, overige kamers en de gangen zijn nog oorspronkelijk of met de restauratie van 1998 vervangen door exacte kopieën, bijvoorbeeld de lampen die opnieuw in Leerdam zijn gemaakt. Atelier W. Bogtman uit Haarlem verzorgde het glas in lood.

Het ontwerp van Roodenburgh kende twee varianten en werd door een jury bestaande uit Boeyinga, Lammers en Roosing gekozen en aan het bestuur aanbevolen. Door verschillende omstandigheden bleek echter het bouwen van de kerk op het bij de prijsvraag bestudeerde terrein niet te kunnen doorgaan. De Remonstrantsche Gemeente werd een ander terrein in dezelfde buurt ter beschikking gesteld, waarop Roodenburgh een kerk volgens een geheel nieuw plan zou ontwerpen met weglating van de gebouwen aan de zijkanten. De tekeningen en maquettes van het eerste plan zijn bewaard omdat ze in 1931 werden afgebeeld in het Bouwkundig Weekblad. Opmerkelijk is te zien dat Roodenburgh aanvankelijk geen toren ontwierp omdat hij rekening hield met de toren die voor het (Vossius) gymnasium was gepland, dat gelijktijdig werd gebouwd. In plaats van een toren ontwierp hij twee schijven met daartussen een kruis, die vanuit de kansel, het koor en het orgel omhoog rijzen. Het ontwerp toont verder twee bijgebouwen links en rechts. Hoewel het uiteindelijke gebouw van Roodenburgh dus behoorlijk werd gewijzigd, werd het positief ontvangen. De Telegraaf besprak het onder de kop “Streven naar ideële verheffing” en vond dat Roodenburgh “door het geheel der hoofdpartijen zijn nooit opzienbarende maar altijd respectabele kwaliteiten laat zien”. Het schip van de kerk noemde men “hoog en zuiver van vorm” en Roodenburgh werd geprezen als iemand die “de doop” heeft ondergaan van de kerkenbouw en “zich meteen als degelijk werker in die nieuwe kunstrichting (heeft) doen kennen”. Wel had de krant kritiek op de “magere” toren (De Telegraaf, 19 juni 1933).

Monumentomschrijving Rijksdienst

Aan de Diepenbrockstraat, op de hoek met de Herman Gorterstraat, in 1932-1933 tot stand gekomen Remonstrantse KERK met aan de Herman Gorterstraat gesitueerde CATECHISATIELOKALEN en een KOSTERSWONING naar ontwerp in Late Amsterdamse School-stijl van J. Roodenburgh in opdracht van het bestuur van de Remonstrantse Kerk bij monde van secretaris Mr J. Nolen. N.B. De kerk is een voortzetting van de voormalige remonstrantse kerk 'Vrijburg' aan Keizersgracht 102.

Exterieuromschrijving Rijksdienst

Op een rechthoekig grondplan, in baksteen opgetrokken geheel onderkelderd kerkgebouw met aan de langszijden twee kleinere zijvleugels. De kerk wordt gedekt door een hoog oprijzend overstekend zadeldak met zwarte pannen; de zijvleugels door eveneens met zwarte pannen gelegde lessenaarsdakjes. Aan de voorzijde heeft de kerk een rondboogvormige ingang geaccentueerd door decoratief metselwerk waarboven in bronzen letters:'remonstrantse kerk'. Dubbele eikehouten panelendeur met een straalvormig patroon van bovenlichten. Aan weerszijden van de ingang vijf in bovenwaartse richting naast elkaar geplaatste zijlichten met diepliggende glas-in-loodramen. Boven de ingang een gemetselde vensterpartij in de vorm van een kruis met diepliggende glas-in-lood ramen. In de punt van de topgevel een sierijzeren decoratie en vlechtingen langs de zijde. De hoeken van de voorgevel zijn voorzien van hoekstenen, waarvan de bovenste voorzien van reliëfwerk. Beide langsgevels - met smalle glas-in-lood vensters - zijn voorzien van door de dakgoot brekende topgeveltjes met zwarte pannen. In deze topgeveltjes vijf smalle door gemetselde stijlen gescheiden en diepgelegen glas-in-lood ramen. In de top van de geveltjes bevindt zich beeldhouwwerk. Beide zijbeuken zijn aan de zuidwestzijde voorzien van een tweede ingang achter een uit twee treden bestaande stoep onder een puntgevel waarin beeldhouwwerk. De zijbeuken hebben smalle vensteropeningen met diepliggende glas-in-loodramen. De gemetselde vensterstijlen zijn voorzien van natuurstenen hoek- en aanzetstenen. De zuidoostelijk gesitueerde langsgevel heeft aan de achterzijde een vijfzijdige deels ingesnoerde uitbouw - bestemd voor de predikant - van twee lagen onder een plat dak. De vensters zijn voorzien van door roeden onderverdeelde bovenlichten. Halverwege dezelfde langsgevel een ingang bereikbaar via een haaks daarop geprojecteerde uit vier treden bestaande stoep met borstwering. De andere langsgevel (NW) heeft achter de zijbeuk een hoog oprijzende rechthoekige toren met naaldspits en windwijzer. De toren heeft bovenin galmgaten en is aan de noordwestzijde voorzien van smalle vensteropeningen. De in de toren gesitueerde ingang onder een luifel geeft toegang tot de aan de straatzijde uitstekende kosterswoning bestaande uit twee lagen onder een zadeldak met zwarte pannen. Aan de voorzijde zijn de vensters per drie gekoppeld en voorzien van kleine onderverdeelde bovenlichten. Beide zijden voorzien van tot vlak onder de gootlijst oprijzende risalieten met dito (doch niet gekoppelde) vensters. Links van de kosterswoning, onder een uitkragend bouwdeel, de toegang tot het achter de kerk lager opgetrokken en naar achter gerooid bouwdeel waar de catechisatielokalen en de consistoriekamer zijn gesitueerd. Dit bouwdeel heeft een wolfsdak. Aan de noordwest- en zuidoostzijde loopt het dak verder door. Aan de achterzijde heeft dit bouwdeel twee lagen. De vensters hebben bovenlichten met kleine roedenverdeling. Aan beide straatzijden een tuin met een heg als perceelscheiding. Aan de rechterzijde van de kerk een decoratief ijzeren tuinhek.

Beeldhouwwerk gevel

Het beeldhouwwerk aan de gevel is van de hand van Louise Beijerman. Boven de ramen aan beide zijkanten zien we bloemen, vruchten en insecten die de gemeenschap in de natuur uitbeelden. De meer geordende gemeenschappen worden weergegeven door een school vissen, een vlucht vogels en een groepje mensen. De hoeken aan de voorgevel verbeelden het contact van de mens met andere wezens om samen God te vereren en te dienen (uit de remonstrantse beginselverklaring): muziek, zang, viool, het orgel, een meisje dat met een dier speelt, een vogel die opvliegt en een moeder die haar kind opheft naar de zon. Verder ziet men een hamer die het ijzer smeedt, een maaier die zijn sikkel in het koren slaat, de geleerde die boven een boek en een instrument gebogen staat en een moeder die haar kind verzorgt. Uit dit alles stijgt hoog in de voorgevel de bevrijde mens op, de handen omhoog om het licht te ontvangen. Het beeldhouwwerk in tufsteen aan de buitenzijde is erg poreus en gevoelig voor weers- en milieu-invloeden. Reden waarom delen van het beeldhouwwerk na ruim 70 jaar aan vervanging toe waren. Met een bijdrage van monumentenzorg is het mogelijk geworden om de eerste steen, met de jaren 1932/1933 er op, en de twee hoekstenen hoog in de voorgevel, deels of geheel, te vervangen. De firma Ton Mooy heeft het beeldhouwwerk opnieuw gehakt en vervangen.

Omschrijving interieur

De kerk heeft haar hoofdingang in een halfronde ingangspartij aan de voorkant. Rond de houten voordeuren bovenlichten van glas in lood als een krans. De deur leidt tot een vestibule. Deze vestibule is ook via deuren aan beide zijkanten toegankelijk. Hier bevinden zich onder meer wc's en trappen naar het balkon, dat aan de voorzijde van de kerkzaal is gelegen.

De kerkzaal heeft een zeer hoge houten kap waarvan de constructie en de draagbalken goed zichtbaar zijn. Het monumentenregister spreekt van "hoogopgaande kapgewelven met gewelfbetimmeringen". In het plafond kijkt een pelikaan met haar jongen op ons neer. De pelikaan is een oud beeld van onbaatzuchtige liefde. De kansel en het orgel bevinden zich in een hoge paraboolvormige nis aan het uiteinde van de kerkzaal. Opmerkelijk aan de kansel is dat deze van geglazuurde baksteen gemaakt is, in de kleuren geelbruin en roodbruin. Het roodbruin is als een zigzagmotief aangebracht. De zelfde geglazuurde bakstenen met een gelijk motief vinden we overal in de kerk, met name tegen de zijmuren en als pilaren die het dak dragen. Het monumentenregister spreekt van een "lambrisering van schoon metselwerk met meanderpatronen waarboven witgepleisterde wanden." Verder valt in het kanselgedeelte het gebruik van travertin op.

Bij opening was sprake van eikenhouten meubelen. Later zijn er rode buismeubelen van het merk HOPI aan het interieur toegevoegd, die nog in kleine hoeveelheden aanwezig zijn.

De kerkzaal is uitzonderlijk rijk voorzien van glas in lood uit het atelier van Willem Bogtman te Haarlem. De voorstellingen zijn zowel abstract als figuratief. Bogtman heeft hier en daar waarschijnlijk de airbrush techniek toegepast. Aan de oostzijde (bij binnenkomst rechts) zijn de Kerstramen aangebracht, zowel in de zijwand (korte langwerpige ramen) als in de kap (lange langwerpige ramen). De ramen verbeelden achtereenvolgens advent (een gebogen engel bij een ster), geboorte (de ster die een ontluikende lelie bestraalt) en verkondiging (de ster met een engel die op de bazuin blaast). De tegenoverliggende westelijke zijde (bij binnenkomst links) heeft de Paasramen. Deze ramen tonen een vogel (oud symbool voor de ziel) wachtend voor het kruis, het zgn. staan voor het kruis. Daarnaast de aanvaarding van het kruis: het kruis omringd door talloze doorntakken. Tenslotte de opstanding: de vogel stijgt boven het kruis uit.

Het zeer kleurige en uitbundige Pinksterraam boven de galerij heeft de vorm van een kruis. Helemaal onderin zien we vissen. Verder naar boven rijst uit de aarde, met daarin het evangelie verborgen, het kruis op met in het hart een schaal, waaruit een louterende vlam ontspringt die tevens het vuur in de mens ontsteekt. Boven deze vlam ziet men een vlucht vogels op weg naar de eeuwigheid, die geen kleur heeft, maar omsloten wordt door de alpha en de omega: het begin en einde. Deze afbeelding van alpha en omega is eerder een zeldzaamheid in kerkramen.

Vrijwel elke andere vensteropening van het gebouw is eveneens voorzien van glas in lood, meestal abstract. Het gaat hier om de gangen achter de kerkzaal, de kleine langwerpige nisjes langs de trappen naar de galerij en de nisjes in de kap, die vanaf de galerij zichtbaar zijn. In de vestibule zien we heel afwijkend expressief glas in lood dat een baken in golven laat zien. De wc's, de deurlijsten, binnendeuren en de toegangsdeuren aan de zijkant achter in het gebouw zijn tenslotte voorzien van grijs en blauw glas in lood dat is aangebracht in kleine blokjes en streepjes. Tenslotte moet nog het langwerpige glas in lood in het paraboolvormige kanselgedeelte genoemd worden. Dit is in zeer smalle stroken aangebracht.

Waardering Rijksdienst

Uit 1932 daterende Remonstrantse kerk met aangebouwde kosterswoning en catechisatielokalen in versoberde expressionistische trant van algemeen belang vanwege de architectuur- en cultuurhistorische waarde als gaaf bewaard voorbeeld van een zorgvuldig, eigentijds gedetailleerde Protestantse kerk uit het tweede kwart van de twintigste eeuw. Voorts van stedenbouwkundige waarde wegens de vrijstaande situering tegenover het Beatrixpark en het markante silhouet van hoge kap en smalle torenspits. Tevens van kerk-historische waarde als voortzetting van de voormalige remonstrantse kerk 'Vrijburg' aan de Keizersgracht 102.

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur