Handelingen

Amsterdam, Dintelstraat 134 - Maarten Lutherkerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Maarten Lutherkerk
Genootschap: PKN Evangelisch-Lutherse Kerk
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Amsterdam
Plaats: Amsterdam
Adres: Dintelstraat 134
Postcode: 1078VS
Inventarisatienummer: 04831
Jaar ingebruikname: 1937
Architect: Jantzen, F.B.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Gemeentelijk monument (2016)


Geschiedenis

Interessante vroegmoderne kerk, kenmerkend in de protestantse kerkbouw van de jaren 1930: ruime, eenbeukige zaalkerk in traditionalistische stijl, enigszins beïnvloed door de Scandinavische trant. Voorgevel met portaal in een driedelige loggia, en een terzijde staande toren, waarop een zwaan als windwijzer. In beide zijwanden mooie glas-in-loodramen, met o.a. de vier evangelisten.

In 1998 kerk Samen op Weg (SOW), later PKN, als "Samenstroomgemeente" van de Rivierenbuurt, voortgekomen uit (naast de Lutherse gemeente) de voormalige Gereformeerde Waalkerkgemeente en de Hervormde Maranathakerkgemeente. Wegens gebrek aan draagkracht is deze Samenstroomgemeente ± 2e helft jaren 2000 opgeheven.

Enkele decennia lang ook in actief medegebruik door de Zevende-Dags Adventisten, die hier op zaterdagen hun kerkelijke vieringen hielden. Sinds ± 2011 maken de Zevende-Dags Adventisten echter gebruik van de Pelgrimskerk aan de Van Boshuizenstraat in Amsterdam-Buitenveldert.

De Evangelisch-Lutherse Gemeente (onderdeel PKN) Amsterdam probeert de Maarten Lutherkerk, die over prima nevenruimten beschikt, "nieuw leven in te blazen" in de vorm van diverse culturele, maatschappelijke en buurtactiviteiten, kleinschalige meditatieve vieringen, enz. (nadere informatie te vinden op Internet).

opname 1970 © AvD.

Gebouwomschrijving SKKN

De bouw van de Maarten Lutherkerk aan de Dintelstraat/Uiterwaardensraat in Amsterdam-Zuid werd financieel mogelijk na de sluiting van de Ronde Lutherse Kerk in 1935. Op 9 maart 1936 verstrekte een bouwcommissie, met ds. L. Schutte als voorzitter en ds. W.J. Kooiman als secretaris, aan architect F.B. Jantzen F.Gzn. de opdracht een kerkgebouw te ontwerpen van ca. 400 zitplaatsen, een kosterswoning, een wijkgebouw en een vergaderzaal. Reeds in mei gingen kerkenraad en grote kerkenraad akkoord met de plannen van de architect, waarbij, naar voorbeeld van enkele nieuw gebouwde lutherse kerken in Duitsland, het wijkgebouw onder de kerk werd geprojecteerd. Het heien van de eerste paal gebeurde op 25 januari 1937 en op 8 mei plaatste genoemde L. Schutte, destijds oudste predikant van de Evangelisch-Lutherse gemeente te Amsterdam, de hoeksteen van de toren. De inwijding vond plaats op 23 december 1937 door J.P. van Heest, voorzitter van de kerkenraad en wijkpredikant te Amsterdam van 1928 tot 1954. De Maarten Lutherkerk is een van de eerste lutherse kerken waarin de vernieuwde liturgische inzichten gestalte kregen onder de leidende bezieling van Kooiman. Een brede stoep met bordes voert naar de voorhal, die door een wand met glas-in-loodbezetting is gescheiden van de kerkruimte. Een breed middenpad leidt naar de koorruimte. De altaartafel, voorzien van antependia, staat hierin centraal. Links ervan staat de preekstoel, rechts voor het koor de doopvont. In het koor staat voorts een afzonderlijke credenstafel, een blok waarop de kerkcollecte kan worden neergelegd. In de afsluitwand van het liturgisch centrum is een kruis van Ettringer tufsteen gemetseld.

Interieuromschrijving Guido Hoogewoud, Cuypersbulletin 2016-2

De kerkruimte is opgezet als een brede pseudobasiliek en heeft een hoofdbeuk met smalle, als loopgangen opgevatte zijbeuken. De ruimte telt vijf traveeën met een uitgebouwde apsis van één travee. De kap boven de hoofdbeuk rust op een samenstel van pijlers en dwarswanden waarin hoog opgaande bogen zijn aangebracht. Deze constructie vormt een reeks van jukken die één geheel vormen met de nok en onderling zijn gekoppeld door doorlopende geprofileerde lateien. De jukken zijn gewit en het plafond is bekleed met blauw gekleurde heraclithplaten die zijn vastgezet met metalen lijsten. Onder de ramen van het schip loopt een lambrisering van Slavonisch eiken. De basementen van de pijlers zijn zwart gemarmerd en de vloer van de kerkzaal is belegd met parket.

De kerkzaal wordt verlicht door twee reeksen van vier armaturen, die behoren bij de oorspronkelijke, door de architect ontworpen uitrusting van het kerkgebouw. Het doopvont is van hout en heeft een metalen deksel met randschrift. De aandachtswand is blind en voorzien van een kruis in Ettringer tufsteen. Voor de aandachtswand bevindt zich een podium met daarop het in hout uitgevoerde altaar. De apsis heeft aan beide zijden drie hoog geplaatste, smalle ramen met opnieuw gebrandschilderd glas, voorstellende de sacramenten van de Doop, voorgesteld door een duif in een golfmotief, en het Heilig Avondmaal, voorgesteld door een avondmaalsbeker met schotel.

De ramen van het schip zijn gevuld met gebrandschilderd glas. Op de hoeken van de ruiten zijn de symbolen van de evangelisten aangebracht (...): de gevleugelde leeuw van Marcus, de stier van Lucas, de mens van Mattheus en de adelaar van Johannes. Het middenraam bevat een afbeelding van een engel, die de opstanding verkondigt. Een ander raam draagt de tekst "Het woord Gods blijft in eeuwigheid" met een opengeslagen bijbel met de A en Ω, en een volgend raam toont de tekst "Vaste Burcht" met een afbeelding van een rots met golven en een regenboog. In de noordelijke gevel bevat één raam de tekst "Uit genade zalig door de Geest" en de afbeeldingen van een anker en serafim. Een ander raam heeft de tekst "Waar vergeving der zonden is, daar is ook Leven en zaligheid" en een symbolische uitbeelding van het Geloof. In het midden is een raam met voorstelling van de Glorificatie van het Kruis met het Lam op het boek van de Openbaringen van Johannes.

Orgels

Hoofdorgel

Het hoofdorgel is in 1937 gebouwd door de firma H.W. Flentrop (Zaandam).

Dispositie:
  • Hoofdwerk (manuaal 1): Bourdon 16' (1944) - Prestant 8' - Roerfluit 8' - Octaaf 4' - Gemshoorn 4' - Mixtuur 2' 4 sterk - Dulciaan 16' - Trompet 8'.
  • Kroonpositief (manuaal 2): Quintadeen 8' - Openfluit 4' - Prestant 2' - Sesquialter 2 sterk - Scherp 3-4 sterk.
  • Zwelwerk (manuaal 3): Holpijp 8' - Viola 8' - Voix céleste 8', vanaf c - Italiaanse Prestant 4' - Nasard 2⅔' - Fluit 2' - Schalmei 8' - Tremulant.
  • Pedaal: Subbas 16' - Prestant 8' - Gedekt 8' (unit) - Octaaf 4' (unit) - Flageolet 2' (unit) - Dulciaan 16' (transm.) - Dulciaan 4' (unit).
  • Koppelingen: P + I / P + II / P + III / I + II / I + III / II + III.
  • Speelhulpen: vrije combinatie; Tutti.

Elektro-pneumatische kegelladen. Manuaalomvang: C-g3. Pedaalomvang: C-f1.

Koororgel

Het koororgel is ca. 1980 gebouwd door de firma Flentrop Orgelbouw (Zaandam).

Dispositie
  • Manuaal: Holpijp 8' - Fluit 4' - Fluit 2'.

Geen pedaal. Mechanische sleeplade. Omvang: C-f3.

In de media

Begin 2016. Op verzoek van Heemschut en het Cuypersgenootschap heeft Stadsdeel Amsterdam Zuid onlangs de Maarten Lutherkerk aangewezen tot Gemeentelijk monument. Deze beeldbepalende kerk aan de Dintelstraat in de Rivierenbuurt was in de ogen van beide organisaties echt een vergeten monument.

Literatuur

http://cuypersgenootschap.nl/documenten/2016_2.pdf

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur