Handelingen

Amsterdam, Keizersgracht 566 - Keizersgrachtkerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Keizersgrachtkerk
Genootschap: PKN Gereformeerde Kerk
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Amsterdam
Plaats: Amsterdam
Adres: Keizersgracht 566
Postcode: 1015CN
Inventarisatienummer: 04774
Jaar ingebruikname: 1888
Architect: Salm, G.B. en A., Amsterdam
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 518347

Geschiedenis

Zeer belangrijk Gereformeerd kerkgebouw, de enige "Doleantiekerk" in Amsterdam die nog voor kerkdiensten in gebruik is.

Gerestaureerd en gemoderniseerd in 1958 onder leiding van C. van der Bom.

Daarbij is de buitengewoon interessante architectuur gaaf bewaard gebleven.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Een in 1887-1888 tot stand gekomen KERK voor de Nederduitsche Gereformeerde Kerk (doleerende), zogenaamde 'Keizersgrachtkerk' of 'kathedraal der doleantie'. Eerste doleantiekerk van Amsterdam. Opdracht tot de bouw werd verleend door de Nederduitsche Gereformeerde Kerk onder leiding van Abraham Kuyper. Om de praktische zaken te regelen werd de vereniging 'de Kerkelijke Kas' opgericht. A. Kuyper trad op namens district V van die vereniging. Aanvankelijk werd gezocht naar een mogelijkheid op het terrein achter een 17de-eeuws dubbel herenhuis aan de gracht te komen tot een lokaal voor het houden van openbare godsdienstoefeningen. Het stadsbestuur hield dit tegen en het herenhuis werd voor nieuwbouw gesloopt. De Kerkelijke Kas wilde eerst de opdracht verlenen aan de architect J.W. Meijer. Men koos er ten slotte toch voor een prijsvraag uit te schrijven. Er moest ruimte geboden worden aan 1600 gemeenteleden. Alleen Meijer en Tj. Kuipers reageerden. Vervolgens werden A.L. van Gendt en G.B. Salm om ontwerpen gevraagd. Het ontwerp Soli Deo Gloria van G.B. Salm en A. Salm G.Bzn. werd gekozen. Meijer ontwierp het dienst- en schoolgebouw aan de Kerkstraat. Ontworpen in neo-Venetiaanse stijl, verwant aan de neo-renaissance. Galerijkerk met rechthoekige ruimte. In 1942 werd de verzwakte fundering versterkt. In 1958 is de kerk gerestaureerd en gemoderniseerd.

Omschrijving

Een op een rechthoekig grondplan ontworpen kerkgebouw met een symmetrische gevel. Voorgevel bestaat uit een puntgevel geflankeerd door twee lage torens. Achter de puntgevel is een met pannen gedekt zadeldak zichtbaar. Zinken afdekking van de noklijn. Op de nok een als dakruiter geplaatste vierkante houten opbouw met metalen tentdak en luchtroosters. De torens hebben een vierzijdig tentdak met metalen dekking, versterkte ribben en een geornamenteerde piron.

Gevel rust op een witgepleisterde sokkel met plint. Centraal de hoofdtoegangspartij. Trap met negen treden en eenvoudige metalen leuning leidt naar verdiept geplaatste recente toegangsdeuren. Toegangspartij aan de gevel afgesloten door een spitsboog met fries met kruisvormen en profiellijsten. Spitsboog rust op geprofileerde cordonlijst gedragen door een aan weerszijden geplaatste gedrongen hardstenen zuil met nodus met knoppen en basement en kapiteel. In de sokkel verder kleine vensteropeningen en een tweede toegang aan de rechterzijde. Boven de sokkel een geveldeel met zowel links als rechts een venster met dubbel licht getoogd raam. Glas-in-lood raamvulling en horizontale roedenverdeling. Aan de onderzijde bij wijze van borstwering als bij een balcon, een bewerkte natuurstenen element met dorpels en consoles. Deze gevelzone verder opgebouwd uit blokken natuursteen met enkele gemetselde velden. Ornament centraal boven de spitsboog van de toegang. Twee geornamenteerde rozetten met elk een ijzeren afhangende lantaarn met steunpunt tegen de gevel. Boven smalle lijst een breed met florale ornamenten gesierd fries. Uitkragende cordonlijst op klossen of consoles. Hierboven een serie van zeven gekoppelde spitsboogvensters met geleding en glas-in-lood raamvulling. Tussen de vensters ranke halfzuilen met kapiteel. Aan de onderzijde van de vensters siersmeedijzeren hek. Aan de bovenzijde geprofileerde kraagstenen, pinakels, lijstwerk en tuit. Verder een fries met kleine kruisvormen. Hierboven een groot en spits en segmentvormig spaarveld met centraal roosvenster met geometrische cirkelvormige geleding. Glas-in-lood raamvulling. Verder nog twee kleine ronde vensters met horizontale geleding. Vulling van spaarveld bestaat uit decoratief vermetselde baksteen. Hierboven nog het resterende deel van de puntgevel met cremekleurig tegelwerk met in vierkant geschreven cirkels. Centraal hierin een vierpas met natuurstenen kader. Natuurstenen en metalen gevelbeeindiging. Naast de serie van zeven gekoppelde vensters bevindt zich in elke toren een vensterpartij opgebouwd uit een gekoppeld dubbel venster als in de centrale serie van zeven. Naast hekwerk en halfzuil nu ook kwartzuil. Boven kroonlijst een fries met ornamenten. Spitsboogvormig verdiept geplaatst spaarveld met lijstwerk en centraal rond kader met florale en geometrische ornamentvulling. Afwisselend gebruik van natuur- en baksteen. Torenopbouw boven uitkragende lijst. Hoekzuilen dragen lijst met spitsboogvorm. Hieronder zeslobbig roosvenster met glas-in-lood raamvulling. Afwisselend gebruik van natuur- en baksteen. Onder roosvenster nog drie getoogde vensteropeningen met scheidende gedrongen posten. Voorste gevelvlak van de torenopbouw met cremekleurig tegelwerk als omschreven bekleed. geprofileerde kroonlijst met piron. Op de hoeken nog gemetselde lage post met kleine natuurstenen afdekking met floraal ornament. Overige gevelvlakken van de torenopbouw eenvoudiger van opzet. Hier gepleisterde blinde vensters en lijstwerk.

INTERIEUR. Twee op zuilen geplaatste galerijen. Traditionele houtbouw en gietijzeren kolommen (Enthoven, 's Hage). Hoogeplaatste preekstoel zonder klankbord. Dubbele opgaande trap en kuip op gekoppelde zuil. Aanvankelijk rode bekleding, later gewijzigd. Houten koofplafond met steekkappen naar de vensters en kerkbanken met gietijzeren voet, gemerkt: Patent 1881 Chicago/New York (klapbanken). Het orgel is het laatste mechanische orgel dat door D.G. Steenkuyl werd gebouwd (1897).

Waardering

Kerk met bijbehorend interieur van algemeen belang vanwege zijn architectuurhistorische waarde. Belang van het pand als bijzondere uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling, zowel binnen de geschiedenis van de gereformeerde kerk als binnen de kerkgeschiedenis van Nederland. Typologische en situationele waarde. Gevel en interieur zijn redelijk goed bewaard gebleven.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur