Handelingen

Amsterdam, Postjesweg 123 - Augustinus (De Star)

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Augustinus (De Star)
Genootschap: Rooms Katholieke Kerk
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Amsterdam
Plaats: Amsterdam
Adres: Postjesweg 123
Postcode: 1057DZ
Inventarisatienummer: 04928
Jaar ingebruikname: 1979
Architect:
Huidige bestemming: kerk
Monument status: na te gaan m.b.t. orgel

Geschiedenis

Architectonisch, bij enig opletten herkenbare, en niet onaardige moderne kerkzaal bij Bejaardentehuis Nieuw Vredenburgh, waarin als opvallendste element het mooie Cavaillé-Coll orgel. Rechthoekige kerkzaal, met aandachtswand (gedomineerd door het orgel) aan de westzijde. De muur, die men vanaf de Postjesweg kan zien, is dus de rechterzijde van deze kerkzaal. Links van deze aandachtswand bevindt zich een kleine zijkapel, met moderne kruiswegstaties, het Tabernakel en een mooi glas-in-lood raam met voorstelling "St. Augustinus" (dit raam qua stijl vermoedelijk afkomstig uit de in 1977 gesloopte grote kerk).

Voor de ramen, links en rechts van het orgel, in de westwand, zijn aan iedere zijde twee series van elk 4 heel mooie glas-in-lood raampanelen aangebracht, die afkomstig zijn uit het koor van de R.K. Kerk O.L. Vrouw Altijddurende Bijstand aan de Chasséstraat (bijnaam "Chassékerk).

De Augustinuskerk is alleen te bereiken via de hoofdingang van Nieuw Vredenburgh. Dit heeft misschien het nadeel dat de kerk voor vreemden minder toegankelijk is. Aan de andere kant biedt het voordeel dat de receptie van Nieuw Vredenburgh toezicht heeft op de kerkruimte, zodat de kerk overdag vaak open is. Hierdoor kunnen mensen uit de buurt even binnen komen om te bidden of een kaars op te steken. Opvallend in de architectuur van de kerk is dat het altaar op het laagste punt staat. De bouwpastoor van de kerk, pater J. Bodaar o.s.a., had hiermee voor ogen dat het altaar niet boven de gemeenschap, maar midden in de gemeenschap moet staan. Als je de Augustinuskerk binnenkomt, is het forse Cavaillé-Coll orgel misschien wel het meest in het oog springende element. Dit orgel werd in 1881 aangeschaft voor “De Star” aan het Rusland in de binnenstad. Het werd bij de bouw van de Augustinuskerk aan de Postjesweg in 1929-1931 meeverhuisd en heeft ook weer een plaats gekregen in de huidige kerk. Verder bevinden zich in de kerk nog enige antieke kerkbanken uit de oude statie van de binnenstad. En er is een fraaie afbeelding van Augustinus in glas en lood. Verder is er in de kerk een afbeelding van Maria, Moeder van Goede Raad, een afbeelding die van oudsher een bijzondere plaats heeft ingenomen bij de Augustijnen.

Sinds eind jaren 2000 bestaan er plannen tot sloop van dit hele complex; onduidelijk in welk stadium deze plannen nu verkeren.

Met de sluiting van deze kerk (zie ook hieronder) lijkt het toch nog niet zo'n vaart te lopen. Begin 2012 werd ermee gerekend, dat deze kerk nog maximaal 5 jaar in gebruik zal blijven. Een en ander zal vermoedelijk samenhangen met de (uitgestelde) plannen tot sloop van het complex.

Voorgaande gebouwen

Amsterdam, Oudezijds Achterburgwal 81 - Augustinus (De Star) (1671 - 1699) Oudezijds Achterburgwal 1671 - 1699
Amsterdam, Spinhuissteeg - Augustinus (De Star) (1699 - 1848) Spinhuissteeg 1699 - 1848
Amsterdam, Rusland 7 - Augustinus (De Star) (1848 - 1929) Rusland 1848 - 1929
Amsterdam, Postjesweg - Augustinus (De Star) (1932 - 1977) Postjesweg 1932 - 1977
Amsterdam, Postjesweg 123 - Augustinus (De Star) Postjesweg 1977 - heden

Geschiedenis Cavaillé-Coll orgel. Bron: rkamsterdamwest.nl

Korte historie van het Cavaillé-Coll-orgel in de Sint Augustinuskerk te Amsterdam

door René Verwer

Op 1 september 1881 vond de feestelijke ingebruikname van het Cavaillé-Coll-orgel in de voormalige St. Augustinuskerk aan het Rusland in de binnenstad plaats. Zes jaar eerder was in het Paleis voor Volksvlijt een groot concertinstrument van de Parijse orgelmaker geplaatst en in 1879 leverde Cavaillé-Coll een klein orgel aan het Gesticht van Liefde ‘Sint Bernardus’ aan de Oude Turfmarkt. Aan het eind van de 19e eeuw bezat Amsterdam drie orgels van de vermaarde bouwer.

De St. Augustinuskerk aan het Rusland, voorheen aan de Spinhuissteeg, werd in 1864 geconsacreerd. Het interieur was een driebeukige hallekerk met een altaaropbouw die enigszins deed denken aan de Mozes en Aäronkerk. Het oude orgel van Onderhorst, later vergroot door resp. Mitterreither en Van den Brink ging mee naar de nieuwe kerk. In 1880 besloot men een nieuw instrument aan te schaffen omdat het oude steeds meer mankementen ging vertonen. Het 40-jarig priesterfeest van pastoor Wilhelmus Hoorneman (1819-1889) vormde de uiteindelijke aanleiding tot de koop.

De Franse consul Ch.M. Philbert, goed bevriend met Cavaillé-Coll en een belangrijk promotor van het Franse orgel in Nederland kwam de plannen ter ore en adviseerde de parochie om met Cavaillé-Coll in zee te gaan. Men kon te rade gaan bij het orgel van het Gesticht Sint Bernardus, dat enkele honderden meters verderop stond. Bovendien was de organist van de St. Augustinuskerk, Bernard Hendriks vertrouwd met het Franse orgeltype. In 1876 had hij de tweede prijs gewonnen bij het Nationaal Orgelconcours in het Paleis voor Volksvlijt en hij had hier regelmatig geconcerteerd.

Blijkens een circulaire aan de parochianen d.d. december 1880 was het besluit al genomen om een orgel bij Cavaillé-Coll (1811-1899) te bestellen. Hij was de belangrijkste Franse orgelmaker in de 19e eeuw en in Europese context genoot hij enorm aanzien. Cavaillé-Coll is de schepper van het zgn. symfonische orgel, d.w.z. dat zijn orgelklank op het symfonieorkest is geïnspireerd. We treffen dan ook tal van registers in het orgel aan met namen van orkestinstrumenten: Flûte harmonique en Flûte octaviante (dwarsfluiten), Basson (fagot), Hautbois (hobo), Trompette, strijkende registers als Viole de gambe, Voix céleste etc.

Een negenkoppige commissie waarin overigens niet de organist Hendriks en adviseur Philbert zaten, maar wél koordirigent Phlippeau – men wilde blijkbaar een objectief oordeel vormen – onderhandelde over de aankoop. Het orgel kostte inclusief transport en plaatsing 33.000 francs (hfl. 16.000,-). Op 12 januari 1881 zond Cavaillé-Coll bestek en contract naar Amsterdam en enkele dagen later werd alles ondertekend en geretourneerd. Het orgel zou binnen zes maanden worden geleverd, ruim op tijd vóór het jubileum van pastoor Hoorneman. Het is opmerkelijk dat de toestemming voor de aankoop door het parochiebestuur aan mgr. P.M. Snickers, bisschop van Haarlem, werd gevraagd nádat het contract was ondertekend.

Het orgel kwam op de koortribune onder het roosvenster te staan. Het werd gekeurd door Philbert en Verheijen, organist van de Mozes en Aäronkerk, zij schreven een uitgebreid verslag van vijftig pagina’s. Op donderdag 1 september volgde de ingebruikname van het instrument. Volgens de ‘courant’ De Tijd geschiedde dit tijdens een plechtig lof (‘uitstelling van het Allerheiligste’), met koorzang en feestrede door de deken van Amsterdam, mgr. H. Poppen. Het koor zong werken van Verhulst en Hendriks speelde composities van Mendelssohn, Bach, Guilmant en Liszt. Hij besloot met een improvisatie.

In 1929 werd de kerk aan het Rusland gesloten en verhuisde de parochie naar de Postjesweg. Het orgel kwam links van het altaar achter een stenen arcade te staan, een uiterst ongunstige opstelling. In 1969 werd het hoogaltaar in het kader van de veranderingen van Vaticanum II vervangen door een naar voren gebrachte altaartafel. Op de vrijgekomen plaats kwam nu het orgel. In 1977 werd ook deze kerk afgebroken en sindsdien staat het prachtige instrument in de huidige parochiekerk. Het onderhoud wordt momenteel door de firma Adema’s Kerkorgelbouw te Hillegom verzorgd.

In de media

Uit Reformatorisch Dagblad, 19 oktober 2010.

In Amsterdam-West gaan drie rooms-katholieke kerken dicht „omdat er te weinig mensen gebruik van maken”, zo meldde de nieuwsdienst RKnieuws.net onlangs. Het betreft de Augustinuskerk aan de Postjesweg, De Liefde aan de Da Costakade en de Magdalenakapel in de Spaarndammerstraat.

Afbeeldingen