Handelingen

Geertruidenberg, Elfhuizen 3 - Geertruidskerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam object: Geertruidskerk
Genootschap: Protestantse gemeente Geertruidenberg
Provincie: Noord-Brabant
Gemeente: Geertruidenberg
Plaats: Geertruidenberg
Adres: Elfhuizen 3
Postcode: 4931AX
Sonneveld-index: 07519
Jaar ingebruikname: 15e eeuw
Architect:
Huidige bestemming: protestantse kerk
Monument status: Rijksmonument 15950



Geschiedenis

Historische kerk met spitsloze toren.

Geertruidenberg, Geertruidskerk, plattegrond; jk 19-01-2011

De Geertruidskerk heette voor de reformatie Sint Gertrudiskerk en werd toegewijd aan Gertrud of Gertrudis van Nijvel en van Geertruidenberg (626-659). In 640 stichtte zij - met haar moeder - te Nijvel, op de zuidgrens van het hertogdom Brabant, een abdij en werd op 21 jarige leeftijd abdis. Toen haar vader haar in 1640 wilde uithuwelijken weigerde zij dit en vluchtte. Tijdens deze vlucht zou ze met een boot op de rivier de Donge ter hoogte van een ‘berg’, aan land zijn gegaan. De rest van haar leven bleef ze daar om te mediteren en stichtte er een kluis. De reizende bisschop Amandus zou op die plaats een kapel hebben gebouwd. Aan deze legende, de Berg van Geertruid, dankt de stad haar naam: Geertruidenberg. Archeologisch onderzoek heeft tot nu toe echter alleen bewonerssporen opgeleverd van 350 jaar later. Een historisch verband tussen de abdij van Nijvel en Geertruidenberg ontbreekt eveneens. De feestdag van Gertrudis valt in het bisdom Breda op 17 maart, in het bisdom Gent en Mechelen-Brussel op 12 februari. Incidenteel kerkdienst. (ca 12 x per jaar).

Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Ned. Herv. Kerk. Oorspronkelijk aan St. Gertrudis gewijd, in 1310 tot kapittelkerk verheven, waarna een (12e eeuws?) tufstenen basiliekje vervangen werd door een gebouw dat, na geleidelijke groei in de 14e, 15e en 16e eeuw, thans bestaat uit een aan de noordzijde ingebouwde toren (eigendom van de Gemeente Geertruidenberg), een driebeukig hallenschip, dwarsarmen met veelhoekige sluiting en een hoger, eveneens veelhoekig gesloten koor met onvoltooide krocht. Een deel van de toren, een midden- en een zuidbeuk van het schip en het koor met de krocht, alles nog zonder gewelven, waren ver gereed toen in 1420, bij de inval van de Dordtenaren, de kerk door brand beschadigd werd. Daarna werd de krocht dichtgegooid, de zuidarm van het transept werd in 1439 voltooid, de toren in 1447. De noordarm en de noordbeuk kwamen onderscheidenlijk tegen 1500 en omstreeks 1539 tot stand. Bij het beleg van 1593 werd vooral de toren zwaar beschadigd, waarna definitief herstel eerst in 1768 volgde, naar ontwerp van Philips Willem Schonck; omstreeks dezelfde tijd zijn de gebeeldhouwde hardstenen hekpalen (door Guilliam Carrier?) voor de westingang en aan de noordzijde, bij de Vishal, geplaatst en is de kerkhofmuur herbouwd. Restauraties van de kerk in 1876-1886 en in 1955 vv. Inwendig: houten tongewelven over de gehele kerk, op ronde kolommen. Behalve vele grafzerken een epitaaf met marmeren borstbeeld voor de stadscommandant Stephanus Coopius, omstreeks 1640; een tweede, eenvoudiger, voor zijn opvolger Dominicus Cassipinus (gestorven 1651); koperen doopvont in Lodewijk XVI stijl uit 1741; tekstborden met geschilderd rolwerk uit 1582, 1583, 1596; bord met pilasteromlijsting en geschilderd gezicht op de stad uit 1616; een negental wapenborden uit de XVIIIe eeuw. Voorts witmarmeren grafmonumenten voor schout-bij-nacht J.A. Zoutman, uit 1845, en voor J. Lagerwey (gestorven 1844).

Klokkenstoel met gelui bestaande uit een klok van C. en D.J. Ouderogge, 1647, diam. 75 cm, en een klok van J. van Venloe, 1447, diam. 120 cm.

Cultuur Historische Waardekaart

jk 04-08-2014
  • Bouwperiode: 1300-1700
  • Bouwstijl: Gotiek
  • Gevels en Materialen: Schoonmetselwerk met speklagen van natuursteen. Aan noordzijde ingebouwde westtoren in vier geledingen.
  • Vensters en Deuren: Venster traceringen XV en XVI zijn vernieuwd.
  • Dak en Bedekking: Drie parallelle zadeldaken met leibedekking.
  • Interieur: Houten tongewelven over de gehele kerk, op ronde kolommen. Behalve vele g rafzerken en epitaaf met marmeren borstbeeld voor de stadscommandant Stephanus Coopius, omtreeks 1640. Een tweede, eenvoudiger, voor zijn opvolger Dominicus Cassipinus (gestorven 1651); koperen doopvont in Lodewijk XVI stijl uit 1741; tekstborden met geschilderd rolwerk uit 1582, 1583, 1596; bord met pilasteromlijsting en geschilderd gezicht op de stad uit 1616. Een negental wapenborden uit de XVIIe-eeuw. Voorts witmarmeren grafmonumenten voor schout-bij-nacht J.A. Zoutman, uit 1845, en voor J. Lagerwey (gestorven 1844). Twee klokken waarvan een in 1447 gegoten door 'Jan die Clockgieter van Venloe', en een in 1647 gegoten door Cornelis Ouderogge te Rotterdam. Eenklaviers orgel, in 1861 gemaakt door J.J. Vollebregt en Zoon. Gerestaureerd in 1983. In 1310 tot kapittelkerk verheven, waarna een (12e eeuws?) tufstenen basiliekje vervangen werd door een gebouw dat, na geleidelijke groei in de 14e, 15e en 16e eeuw, thans bestaat uit een aan de noordzijde ingebouwde toren (eigendom van de Gemeente Geertruidenberg), een driebeukig hallenschip, dwarsarmen met veelhoekige sluiting en een hoger, eveneens veelhoekig gesloten koor met onvoltooide krocht.

Orgel

Vollebregt-orgel (1861)

Het orgel van Vollebregt is geplaatst in de plaats van een instrument van J.H.H. Bätz uit 1750. Dit orgel was afkomstig uit de Waalse Kerk te Heusden, en stond sinds 1818 in Geertruidenberg. Toen werd het verkocht aan de Hervormde Kerk te Middelharnis. De balgen bleven achter, en Vollebregt gebruikte ze voor het nieuwe orgel. Het werd een orgel met één manuaal en aangehangen pedaal, maar in het bestek werd door Vollebregt aangegeven dat de kas ruim genoeg zou worden gemaakt voor een eventueel later te plaatsen tweede klavier. Dit is echter nooit meer gemaakt. In 1912 verving Van Dungen de Quint 3' door een Aeoline 8' (vanaf c), en beleerde hij de Trompet 8'. In 1976 is het instrument door Van den Heuvel gereviseerd, waarbij de belering weer is verwijderd. Al snel bleek dat een grondigere restauratie nodig was. Deze werd in 1982/1983 uitgevoerd door de firma Vermeulen uit Weert. Adviseurs bij de werkzaamheden waren Jan Jongepier en Frans Jespers, terwijl Onno Wiersma toezicht hield namens Monumentenzorg. Er werd een nieuwe Quint gemaakt, met uitzondering van het groot octaaf, dat nog aanwezig was. Op 3 juni 1983 is het instrument weer in gebruik genomen met een concert door Jan Jongepier. In 2005 is het orgel door Van Rossum uitgebreid met een vrij pedaal met vijf stemmen. Van Rossum stemde het orgel in een niet-evenredig zwevende temperatuur volgens Valotti.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur

Crypte

Orgel