Handelingen

Gouda, Peperstraat 20 - Vergadering van Gelovigen

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Vergadering van Gelovigen
Genootschap: Vergadering van Gelovigen
Provincie: Zuid-Holland
Gemeente: Gouda
Plaats: Gouda
Adres: Peperstraat 20
Postcode: 2801RE
Inventarisatienummer:
Jaar ingebruikname: 1897
Architect:
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 517625

Geschiedenis

Zaalkerk zonder toren.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Het in opdracht van de Goudse koopman in manufacturen Pieter de Raadt gebouwde KERKGEBOUW uit 1897, is bestemd als vergaderlokaal voor de 'Vergadering van Gelovigen'. De in Eclectische stijl vormgegeven voorgevel vertoont Neorenaissance en Neo-Romaanse invloeden. De achtergevel is overwegend geïnspireerd op de Neo-Renaissance.

De godsdienstige bijeenkomsten in het lokaal zijn gebaseerd op Mattheus 18 vers 20, waarvan de tekst luidt: 'Want waar twee of drie vergaderd zijn in mijn naam, daar ben Ik in hun midden'. Tijdens de bijeenkomsten is er geen vaste voorganger. Iedere mannelijke gelovige kan het woord voeren. In 1919, na het overlijden van De Raadt, verkocht zijn weduwe het godsdienstlokaal aan de 'Vereniging tot oprichting en instandhouding van lokalen voor christelijke vergaderingen en tot bevordering van bijbel- en geschriftverspreiding'. In 1998 in eigendom overgedragen aan de 'Vereniging tot materiële en financiële ondersteuning van Christelijke Doeleinden (VCD)' te Gouda. Het gebouw is nog altijd in gebruik als vergaderlokaal.

Het binnen het beschermde stadsgezicht gelegen kerkgebouw, maakt deel uit van de aaneengesloten bebouwing aan de Peperstraat. Karakteristiek is dat de Peperstraat slechts aan één zijde is bebouwd, waarbij de achtererven van de huizen aan de Westhaven direct aan de gracht van de Peperstraat grenzen. Deze opbouw is typerend voor de oudste uitleg van de stad aan het eind van de 13de eeuw.

N.B. Bij een verbouwing in de jaren negentig van de twintigste eeuw is binnen de bestaande kerkruimte aan de entreezijde het tochtportaal vergroot. Het balkon is daardoor verbreed en de oorspronkelijk centraal geplaatste deur is daarbij vervallen. In plaats daarvan zijn twee deuren geplaatst aan weerszijden van het gebouw.

Een éénlaags aanbouw tegen de achtergevel uit 1930, evenals de brandtrap aan de achtergevel vallen buiten de bescherming.

Omschrijving

Tweelaags pand op een nagenoeg rechthoekige plattegrond, wordt gedekt door een zadeldak met gesmoorde Hollandse pannen. De uit grauwe baksteen met fijn voegwerk opgetrokken voorgevel is een symmetrisch ingedeelde tuitgevel met aan weerszijden gepleisterde, wit geschilderde hoeklisenen met imitatatie rusticablokken. De gevel wordt onder de geprofileerde daklijst beëindigd door een klimmend boogfries, waarvan de met wit gepleisterde aanzet- en sluitstenen voorziene boogjes rusten op met diamantkopjes versierde rechthoekige consoles. De nog wordt geaccentueerd door een bewerkte rechthoekige schoorsteen. Wit geschilderd pleisterwerk is verder ondermeer toegepast voor de aanzet- en sluitstenen met ingekraste decoraties in de rondbogen boven de deur-, en vensteropeningen en boven de spaarvelden. De dagkanten van spaarvelden, deur- en vensteropeningen zijn uitgevoerd met kraaldelen van profielstenen. De door een geprofileerde waterlijst afgesloten, grijs geschilderde gepleisterde hoge plint aan weerzijden van een rondbogig entreeportiek is uitgevoerd als imitatie rustica blokken, met aan weerszijden gefacetteerde blokjes als basement van de lisenen. Een tot het verdiepingsvenster doorlopende middenrisaliet accentueert het rondbogige entreeportiek, dat toegankelijk is via twee hardstenen stoeptreden. Het van een granitovloer voorziene portiek wordt geflankeerd door gecanneleerde halfzuilen met composietkapitelen, geplaatst op een vijfzijdig basement. De door een profiellijst omsloten ontlastingsboog heeft keper- en tudorboogvormige sierblokjes. Het portiek wordt aan straatzijde afgesloten door een hekwerk met smeedijzeren spijlen en gietijzeren speerpunten, welke hangt aan gietijzeren octogonale hekpijlers. Boven de dubbele houten paneeldeur bevindt zich een rondbogig bovenlicht met straalsgewijze roedenverdeling. Aan beide zijkanten van het, deels betegelde, portiek bevindt zich een paneeldeur. Boven het entreeportiek is een rechthoekige cartouche met rolwerk geplaatst, voorzien van het jaartal '1897' in vergulde cijfers.

Aan weerszijden van het entreeportiek bevindt zich een rondboogvenster met gietijzeren roedenverdeling. De lekdorpel loopt als waterlijst over de gevel door.

De begane grond en verdieping worden van elkaar gescheiden door twee geprofileerde waterlijsten, met daartussen verdiept gelegen rechthoekige spaarvelden. De bovenste waterlijst doet tevens als onderdorpel van de vensterpartij in de middenrisaliet en de flankeerde rondbogige spaarvelden. De omlijsting van de raampartij bestaat uit gepleisterde pilasters met facetvormige rechthoekige velden, waarop een rondbogige ontlastingsboog rust, vergelijkbaar met die van de entreeportiek. De boogvulling bestaat uit decoratief metselwerk met straalsgewijs geplaatste diamantkoppen en bollen. De driedelige raampartij heeft in het midden een rondbogig bovenlicht (serliana motief).

Bij de uit grauwe baksteen opgetrokken achtergevel is gele verblendsteen decoratief toegepast in de sierbanden, in de aanzet- en sluitstenen in de rondbogige- en segmentbogige ontlastingsbogen en in en rondom de ronde spaarnissen. Tegen de symmetrische ingedeelde puntgevel, is op de begane grond rechts naar een deur naar een éénlaags aanbouw geplaatst, die slechts voor een gedeelte uit de oorspronkelijke bouwperiode stamt. Bij de tweede bouwlaag, die eveneens behoort bij de begane grond van de kerkruimte, zijn drie rondboogvensters geplaatst met gietijzeren roedenverdeling, voorzien van glas-in-lood. De drie vensters op de twee verdieping hebben vernieuwde (quasi-)schuiframen, terwijl zich op de zolderverdieping een klein vierruitsschuifraam bevindt.

INWENDIG bestaat de kerkzaal uit één grote, hoge rechthoekige ruimte, waarbij de inpandige entreeportiek in de kerkruimte steekt. Het meest in het oog springend is het in groen-crème-wit geschilderd papier-maché uitgevoerde plafond, dat bestaat uit een geometrisch patroon van profiellijsten, rolwerk en reliëfs met florale motieven.

Rondom de wanden loopt een relatief hoge houten lambrizering, die wordt afgesloten door een geprofileerde lijst, waarop pilasters met composietkapitelen gelijkmatig over de wanden zijn verdeeld. De beide hoeken aan de achterzijde van de kerkruimte zijn afgeschuind en voorzien van door pilasters geflankeerde, getoogde nissen, met daarboven gietijzeren roosters.

Waardering

Het kerkgebouw is van algemeen belang wegens de cultuur-historische waarde als geestelijke uitdrukking van een als vergaderlokaal gebouwd kerkgebouw uit het laatste kwart van de 19de eeuw.

Het pand met bijbehorend interieur is van algemeen belang wegens de architectuur-historische waarde vanwege zijn Eclectische op de Neo-Renaissance en het Neo-Romaans geïnspireerde architectuur uit de betreffende periode. In het bijzonder is in het interieur het papier-machéplafond van belang vanwege het bijzondere materiaalgebruik en de rijke ornamentiek, dat kenmerkend is voor het laatste kwart van de 19de eeuw en een zekere zeldzaamheidswaarde vertegenwoordigt.

Het pand is vrij gaaf in hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering, zowel het exterieur als de begane grond van het interieur.

De kerk is van algemeen belang wegens de stedenbouwkundige waarde door de situering binnen het beschermde stadsgezicht van Gouda langs de eerste stadsuitleg.

Afbeeldingen