Handelingen

Nijmegen, Sint Stevenskerkhof 62 - Grote of St. Stevenskerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Grote of St. Stevenskerk
Genootschap: PKN Ned. Hervormd
Provincie: Gelderland
Gemeente: Nijmegen
Plaats: Nijmegen
Adres: Sint Stevenskerkhof 62
Postcode: 6511VZ
Inventarisatienummer:
Jaar ingebruikname: 1273
Architect:
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 31181 (kerk)
31182 (toren)

Geschiedenis

Historische, grote, monumentale stadskerk met uiterst interessante toren. Langdurige restauratie van toren en kerk, na zware oorlogsschade in 1944.

  • 1254 Begin van de bouw van de nieuwe kerk in laat-romaanse stijl.
De toren vanuit het westen. Foto: A. Roks 2006
De onderste torengeleding vertoont nog Laatromaanse eigenschappen. Foto: A. Roks 2006
Het fraaie voorportaal voor het zuider transept. Foto: A. Roks 2006
Schildering van Sint Ontkommer. Foto: A. Roks 2006
  • 1273 Het werk is zover gevorderd dat de predikbroeder Albertus von Bollstadt, bisschop van Regensburg in ruste, de nieuwe kerk kan inwijden. Hij staat bekend onder de naam 'Albertus Magnus' (de Grote) vanwege zijn geleerdheid. Hij werd in 1622 zalig en in 1931 heilig verklaard.
  • CIRCA 1310 Met de bouw van de lichtbeuk en de toren is de kerk voltooid. De nieuwe kerk heeft zowel romaanse als gotische trekken.
  • 1343 – 1361 Het romaanse koor wordt vervangen door een grotere oostpartij, bestaande uit een transept en een veel langer koor met twee nevenkoren.
  • 1371 – 1428 De lage smalle zijbeuken worden vervangen door nieuwe die even hoog en even breed zijn als het middenschip. Hierdoor krijgt het gebouw het karakter van een hallenkerk.
  • 1420 – 1456 Bouw van een geheel nieuw koor, het huidige, met kooromgang, straalkapellen en sacristie (nu de gerfkamer). Ontwerper is Gisbert Schairt van Bommel, die ook als bouwmeester werkzaam was in Xanten en Kranenburg. De in 1429 uitgebrande toren wordt in 1431 hersteld en met een nieuwe klokkenverdieping verhoogd.
  • 1475 Paus Sixtus IV verheft de Stevenskerk tot kapittelkerk. Een kapittel is een college van geestelijken, kanunniken genaamd, met een eigen taak in het koor van de kerk.
  • VANAF CIRCA 1500 TOT CIRCA 1565 Bouw van een nieuw transept met drie beuken (samen met de Hooglandse Kerk in Leiden een een bijzonderheid voor Nederland). Tijdens de werkzaamheden wordt er rekening mee gehouden dat er op den duur een nieuw schip met vijf beuken op aan moet sluiten. Daarom worden de resten van het oude schip provisorisch met het nieuwe werk verbonden. Omdat het nieuwe schip niet meer is gebouwd, is de voorlopige verbinding tussen “oud” en “nieuw” gebleven tot op de dag van vandaag.
  • 1560 – 1565 Tegen het noordertransept wordt de kapel van het Heilig Graf gebouwd met daaraan grenzend een kluis, de “Blok” genaamd.
  • 1566 De toren brandt voor de tweede maal in de geschiedenis uit. Het herstel volgt spoedig.
  • 1572 – 1592 In de beginperiode van de Tachtigjarige Oorlog is de kerk, afhankelijk van de politieke situatie van het moment, afwisselend in katholieke en protestantse handen. Na de verovering van Nijmegen door prins Maurits in 1591 wordt de kerk definitief ingericht voor de calvinistische eredienst. De inventaris uit de katholieke periode, waaronder de ruim dertig altaren, wordt weggehaald. Qua bouw is de kerk sedert de Reformatie nauwelijks veranderd.
  • 1604 – 1605 De bij het beleg van 1591 stuk geschoten lantaarn van de toren wordt vervangen door een geheel nieuwe bovenbouw in Hollandse renaissancestijl.
  • 1672 –1674 De stad is twee jaar in Franse handen. Gedurende deze bezetting is de kerk in gebruik bij de katholieken.
  • 1810 Bij Koninklijk Besluit wordt de Stevenskerk eigendom van de Hervormde Gemeente; de burgerlijke gemeente houdt de toren in eigendom. In de hierop volgende periode raakt de kerk in een steeds ernstiger staat van verval.
  • NA 1930 Plannen voor een totale restauratie nemen langzamerhand vaste vormen aan. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog belemmert een verdere ontwikkeling van deze plannen.
  • 1944 Bij het bombardement van 22 februari wordt de kerk ernstig getroffen. Het bovenste deel van de toren stort omlaag en verplettert daarbij een deel van de zuiderzijbeuk. Ondanks zware beschadigingen blijft het bouwlichaam van de kerk als geheel intact. Dit betekent de redding van de uit de protestantse periode stammende inventaris.
  • 1948 EN VOLGENDE JAREN Restauratie van de kerk. Als eerste komt in 1953 de toren gereed. Het herstel van de kerk zelf neemt dan nog vele jaren in beslag.
  • 1969 In aanwezigheid van Z.K.H. Prins Claus wordt de kerk weer officieel in gebruik genomen.

De kerk is in gebruik bij het Oecumenisch City Pastoraat.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Kerk

Grotendeels laatgotische KRUISKERK, zwaar beschadigd in 1944, waarbij vooral het schip en de toren getroffen werden, geheel gerestaureerd 1946-1966.

Het kerkgebouw bestaat uit:

a. een driebeukig halleschip, ontstaan in het laatste kwart der 14de en het eerste kwart der 15e eeuw door de verbouwing van een romano-gotisch, basilicaal schip, waarvan vier vrijstaande pijlers bewaard zijn.

b. een groots opgezet, in conceptie basilicaal, doch nimmer van een lichtbeuk voorzien, koor met omgang en tweezijdige straalkapellen, gebouwd eerste helft 15de eeuw naar plannen van Ghisbert Schairt en voltooid door de overwelving der omgang in 1450.

c. een driebeukig, evenmin als het koor met een lichtbeuk bekroond transept, vermoedelijk in gebruik genomen 1559. Omgang, kapellen en dwarsschipzijbeuken overwelfd met laat-gotische ster- en netgewelven. Over de hoofdbeuken een eikehouten tongewelf, aangebracht bij de recente restauratie ter vervanging van een houten gewelf uit 1772.

d. tegen de zuidzijde van het koor een sacristie, gedekt door stergewelven, omstreeks 1430 voltooid. Aansluitend hierop aan de oostzijde een met een netgewelf overkluisd portaal. Tegen de noordgevel van het dwarspand een kluisachtige, met een netgewelfje gedekte ruimte voor het stadsarchief. Tegen de zuidgevel van het dwarsschip een rijk met beeldhouwwerk versierd, door een stergewelf overkluisd, open 'Paradijsportaal' op vijfhoekige grondslag. Tegen de zuiderzijbeuk, in de hoek met het zuidertransept, een met natuursteen bekleed, gebeeldhouwd portaal, omstreeks 1400.

Tot de inventaris behoren: Natuurstenen koorafscheiding tussen de pijlers van het hoogkoor, versierd met traceringen en getraliede openingen. Aan de zijdzijde in deze koormuur een poortje, in welks boogveld een reliëf met voorstelling van het Jongste Gericht, jaartallen 1484 en 1505.

In de poortjes, die toegang geven tot het hoogkoor authentieke eiken deuren met smeedwerk, waarschijnlijk 16de eeuw. Boven het poortje naar het v.m. stadsarchief in de noordwand van het dwarsschip een reliëfsteen met uitbeelding van de Aanbidding der drie Koningen, jaartallen 1517 en 1559.

Op het hoogkoor een in 1512 op last van Hertog Karel van Egmond voor zijn moeder, Anna Catharina van Bourbon, opgerichte, natuurstenen graftombe, versierd met gegraveerde, koperen platen door Wilhelm Loemans te Keulen.

Gegraveerde, koperen grafplaten voor een kanunnik (1570) en een burgemeester (1665).

Tegen de zuidelijke koormuur een der beide kanunnikenbanken, in 1577 in renaissancestijl gesneden, na de reformatie uiteengenomen en verwerkt in een tochtportaal, in 1966 tot koorbank gereconstrueerd en herplaatst.

Gesneden preekstoel, 1639 door Joost Jacobs te Amsterdam. Gesneden doophek, 1652 door Cornelis Hermansz Schaeff te Nijmegen, bij de recente restauratie in fragmenten toegepast als afsluiting der koorkapellen. Herenbank, 1644, in renaissancestijl gesneden door Joost Jacobs en Cornelis Schaeff. Prinsengestoelte met overhuiving, Lodewijk XV, 1771. Tochtportaal, gesneden in renaissancevormen met pilasthermen, 1623. Tochtportaal, gesneden in renaissancevormen, 1632. Twaalf koperen kaarsenkronen, 17de eeuw en twee koperen lezenaars, 17de eeuw. Talrijke grafzerken, 15de, 16de, 17de, 18de eeuw.

In de als tijdelijke Hervormde Kerk ingerichte zijbeuktraveeen ten noorden van de toren een eenvoudige, 18de eeuwse preekstoel en een 18de eeuwse orgelkas. Sporen van gotische polychromie op enkele koorpijlers; enkele fragmenten van gotische muurschilderingen.

a. Hoofdorgel. Een rijk gesneden kas met snijwerk van Johan Kaersbergen en J. Otten. Hierin een orgel met Hoofdwerk, Bovenwerk, Rugwerk en vrij Pedaal, in 1776 gemaakt door Ludwig König. Gerestaureerd in 1970. Onder het orgel een stucplafond.

b. Koororgel. Eenklaviers orgel, ca. 1700 gemaakt door een onbekende maker in België (Ardennen). Gerestaureerd in 1973.

c. Positief in Zuiderkapel. In 1760 gemaakt door P. Assendelft. Voor plaatsing in de Stevenskerk in 1968 heeft het orgel in de Herv. Kerk te Ommeren gestaan.

d. Tegen de westwand van de noorder zijbeuk hangt een kas die in 1848 gemaakt is door Arnold Clerinx en afkomstig is uit de parochiekerk van Beverst (België). Het pijpwerk van dit instrument is van de fa. Verschueren uit 1960. Dit orgel valt dan ook buiten de bescherming.

Toren

Toren. Bakstenen bouwwerk zonder steunberen, waarvan de onderste geledingen romano-gotisch zijn en dateren uit de tweede helft der 13e eeuw. De klokkenverdieping herbouwd na een brand in 1429 door Ghisbert Schairt. Sierlijke houten bovenbouw in renaissancevormen door Pieter Gerritsz. Verspeck uit Leiden in 1604-1605, verwoest in 1944 en van 1950-1952 herbouwd in beton, bekleed met hout en koper, waarbij de oude vormen nauwkeurig werden gekopieerd. De detaillering der benedengeleding in romaanse trant is een inventie van de recente restauratie. In de toren een klokkenspel, waarvan 15 klokken gegoten door P. en M. van den Gheyn 1736/37/38, 17 door J.B. le Vache 1734, 1 door P. en H. van Trier 1566 en 1 door A.J. van den Gheyn 1780. Buiten gebruik gesteld 1 klok van G. van Wou 1484, 2 van B.J. Levache 1734, 4 van P. en M. van den Ghein 1736-1737 en 1 van een anonieme gieter zonder jaartal. Mechanisch torenuurwerk Van Bergen, Heiligerlee, is later voorzien van elektrische opwinding.

In de media

Uit Het Vaderland, 22 October 1936.

Men meldt ons uit Nijmegen: Ter gelegenheid van het 160-jarig bestaan van het orgel in de Groote (St. Stevens-)Kerk alhier is gisteravond in dit gebouw een herdenkingsdienst gehouden, welke ook dit bijzondere had dat daarin de nieuw benoemde organist, de heer Arie Peters, voorheen organist der Julianakerk te Utrecht, voor het eerst het orgel in het openbaar heeft bespeeld. Dit instrument mag worden gerekend tot de mooiste kerkorgels in ons land. Het is in 1774 t/m 1776 gemaakt door Lodewijk Koning uit Keulen voor f 100.000: het beeldwerk met andere versierselen door den beeldhouwer Johan Keerbergen uit Rotterdam, in Augustus 1776. Toen het orgel was voltooid, is het onderzocht door J. Potholt, J. Radeker en Y.A. Brulnsma, organisten te Amsterdam, Haarlem en Nijmegen. Hun bevinden is in 12 artikelen „in tot geinsereerd" in het raadssignaat van 11 Sept. 1776, op welken dag het orgel voor het eerst met open kerkdeuren voor Nljmegens Burgers en inwoners is bespeeld.

Eenige jaren geleden heeft het orgel op aansporing vooral ook van laatstgenoemde een grondige herstelling ondergaan. Ze werd uitgevoerd naar de voorschriften van den Nederlandsche Klokken- en orgelraad en opgedragen aan de kerkorgelfabrlkanten firma J. de Koff en Zn te Utrecht.

Het werd een indrukwekkende avond, welke groote verwachtingen heeft opgewekt van den jongen nieuwen Nijmeegschen organist.

Uit Dordrechtse Courant, 25 Februari 1944.

Nijmegens hoofdkerk, de prachtige Sint Stevens, zij is gespaard voor brand, maar de ravage is vreeselijk. Deskundigen meenen, dat de muren ontzet zijn en dat de voorgenomen plannen van restauratie voor een belangrijk deel zullen moeten worden omgewerkt tot wederopbouw. In ieder geval is de kerk voor geruimen tijd onbruikbaar. De toren, of liever wat er van rest, is een vormlooze ruïne, die tot ver in den omtrek van de stad er van getuigt, dat Nijmegen in diepen, droeven rouw is gedompeld. Met den bouw van den toren, die aanvankelijk een hooge spits had en waarschijnlijk in gothischen stijl is opgetrokken, werd in 1284 een begin gemaakt. In 1429 brandde de spits af en smolten zeven klokken. Nadat de toren was herbouwd, brandde hij in 1566 door het inslaan van den bliksem opnieuw af tot den bouwromp. Daarop had wederopbouw plaats in de gedaante, zooals die ons tot Dinsdag zoozeer vertrouwd was. Eenige malen heeft hij van beschieting van de stad zwaar te lijden gehad. Het prachtige klokkenspel, dat naar alle waarschijnlijkheid geheel verloren is, dateerde van 1738. De kerk is een merkwaardig bouwwerk en steunt op 35 pilaren. Zij is van een voortreffelijken gothischen bouw. Zij werd in 1272 gewijd aan den heiligen Stephanus en was in 1436 voltooid. In 1591 kwam zij in het bezit van de Hervormden, nadat de beeldenstorm er onherstelbare schade had aangericht. Niettemin waren er veel merkwaardigheden uit den tijd toen zij bij de roomsch-katholieken in gebruik was. Bewaard bleven o.a. een deel der koorbanken en altaarnissen en een basreliëf, voorstellende de aanbidding der Wijzen. De bijzonder fraaie koperen kronen, in vroegere eeuwen door de gilden geschonken, zijn alle gespaard gebleven. Ook de fraaie graftombe van Catharina van Bourbon is er goed afgekomen. Wat het orgel betreft, daaromtrent koestert men weinig optimisme. Oogenschijnlijk is er weinig schade aan, doch het staat onder den toren en men vreest, dat er toch wel belangrijke schade aan zal zijn aangericht. Het is een product van den beroemden orgelbouwer Ludwig König uit Keulen en werd in 1776 gebouwd.

Uit Het Vaderland, 21 Maart 1944.

Restauratie van de Stevenskerk vordert acht jaar.

Naar reeds gemeld is, is men druk doende plannen uit te werken voor den wederopbouw. Zooals men weet heeft het gemeentebestuur aan architect A.W. Jansz te Voorburg opgedragen plannen voor wederopbouw van den Stevenstoren in den ouden vorm uit te werken. De heer Jansz, die vele jaren als architect in Nederlandsch-Indië is werkzaam geweest, heeft in zijn jonge jaren groote belangstelling voor den Stevenstoren gehad. Op zich zelf een eigenschap, die hij met zeer vele Nijmegenaren gemeen had, maar zijn belangstelling ging zóó ver, dat hij er een studieobject van maakte en zoo is hij er, nu al veertig jaar geleden, toe gekomen den toren nauwkeurig in teekening te brengen en de afmetingen en verhoudingen vast te stellen. Daardoor beschikte hij over kostbaar materiaal, waarvan hij zeker niet verwacht zal hebben, dat het ooit zoo goed van pas zou komen.

De Stevenskerk zelve zal schooner dan ooit opnieuw het centrum van de stad tot sieraad strekken. Architect B. van Bilderbeek uit Dordrecht, een van de bekendste Nederlandsche kerkrestaurateurs, heeft het gebouw nauwkeurig onderzocht en daarbij kunnen vaststellen, dat de aangerichte schade zeer meevalt. De plannen voor de restauratie van de kerk waren reeds vóór den oorlog uitgewerkt, de financiering van dat werk, dat vele jaren zou vorderen, was verzekerd door bijdragen van het Rijk, de provincie Gelderland, de gemeente Nijmegen en de kerkvoogdij en als de oorlog er niet tusschen gekomen was, zou de restauratie al aanzienlijk gevorderd zijn. Uit den aard der zaak zullen de plannen nu eenigszins gewijzigd moeten worden in verband met de gedeeltelijke instorting van den Westelijken gevel, maar verder kunnen zij vrijwel geheel gehandhaafd blijven, al zal het kerkgebouw wel in gebruik kunnen worden genomen, alvorens de restauratie is voltooid. Men neemt aan, dat hiermede een tijdperk van ongeveer acht jaar gemoeid zal zijn. De kerkorgelbouwer J. de Koff uit Utrecht heeft een nauwkeurig onderzoek ingesteld naar den toestand waarin het orgel der kerk verkeert en het zal velen genoegen doen te vernemen, dat het orgel volkomen hersteld zal worden. De heer De Koff heeft daarbij medegedeeld, dat het den schoonen klank volkomen zal behouden en dat het van belang moet worden geacht, dat thans tevens kan worden overgegaan tot electrificatie van het orgel.

Uit de Erfgoedstem d.d. 18 april 2013

De restauratie van de Stevenskerk en -toren gaat naar verwachting zo’n 2,5 miljoen euro kosten. Dat blijkt uit het bouwhistorisch onderzoek en bouwtechnisch onderzoek dat is uitgevoerd in opdracht van de Stichting Stevenskerk en de Gemeente Nijmegen. De restauratiekosten zitten vooral in vervanging van de natuursteen die is toegepast bij de na-oorlogse restauratie. Uit het onderzoek blijkt verder dat de toren en kerk goed onderhouden zijn en in goede technische staat verkeren. Volledig bericht De Erfgoedstem

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur

Hoofdorgel König

Koororgel Ardennen

Orgel noorderkapel Clerinx orgel

Orgel zuiderkapel Assendelft orgel