Handelingen

Rotterdam, Mathenesserlaan 307 - Laurentius en Elisabeth

Uit Reliwiki

Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: H.H. Laurentius en Elisabeth
Genootschap: Rooms-Katholieke Kerk
Provincie: Zuid-Holland
Gemeente: Rotterdam
Plaats: Rotterdam
Adres: Mathenesserlaan 307
Postcode: 3021HK
Inventarisatienummer:
Jaar ingebruikname: 1908
Architect: Buskens, P.G.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 524366

Geschiedenis

Kathedraal van het Bisdom Rotterdam.

Buitengewoon belangrijk kerkgebouw. Oorspronkelijk gebouwd als nieuwe parochiekerk St. Elisabeth voor Rotterdam-West, aan de Mathenesserlaan. Geconsacreerd in 1908. Het ontwerp van architect P.G. Buskens bevatte een monumentale voorgevel met een hoge toren op de rechter hoek. Pas in 1922 is de voorgevel volgens een gewijzigd en versoberd ontwerp afgebouwd door J.P.J. Hendriks. De hoge toren is er uiteindelijk niet meer gekomen.

De kerk is een driebeukige kruisbasiliek met een breed middenschip en smalle zijbeuken, ontworpen volgens de gedachte van de volkskerk, daarvan een vroeg voorbeeld. Tevens belangrijk voorbeeld van stilistische vernieuwing in de rooms-katholieke kerkbouw rond 1900, onder lichte invloed van het werk van Joseph Cuypers (1861 - 1949) en Jan Stuyt (1868 - 1934), maar evenzeer is de invloed van architecten als Berlage en Kromhout aanwezig. Daarbij is ook teruggegrepen op een eigentijdse, op de romaanse en byzantijnse bouwkunst, geïnspireerde stijl. De in de jaren 1920 afgebouwde voorgevel grijpt terug op de vorm van het kasteel de Wartburg in Thüringen, waar de patroonheilige van de kathedraal, Elisabeth van Thüringen (1207-1231), woonde. Tevens refereert de voorgevel, in samenhang met het naastgelegen huis, aan de vaste burcht die God is, zoals omschreven in psalm 59.

In het interieur zijn de constructieve delen, zoals pijlers en bogen, gemetseld. De wanden en tongewelven over schip en dwarsschip zijn gepleisterd en deels beschilderd. De viering wordt inwendig overdekt door een koepel op zogenaamde pendentieven. De aankleding komt van voorname, katholieke kunstenaars van die tijd: muurschilderingen van J. Dunselman (o.a. Laatste Avondmaal achter het hoofdaltaar) en glas-in-lood van Ch. Eyck en H. Asperslagh.

Sinds begin 1967 is deze kerk als kathedraal van het Bisdom Rotterdam in gebruik, ter vervanging van de, later in 1967 gesloopte, H.H. Ignatius - en Laurentiuskerk (1892) aan de Westzeedijk, die vanaf 1956 (oprichting Bisdom Rotterdam) als kathedraal fungeerde.

Sindsdien draagt de onderhavige St. Elisabethkerk kerk de naam "H.H. Laurentius en Elisabeth". In dezelfde tijd werd het interieur gemoderniseerd en verdwenen enkele muurschilderingen.

Op 10 mei 2002 werd de uitvaartmis van de vermoorde politicus Pim Fortuyn in deze kerk opgedragen.

In 2009-2011 is een omvangrijke restauratie uitgevoerd, waarbij het interieur zoveel mogelijk is teruggebracht in de oorspronkelijke toestand van vóór de jaren 1960.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Rooms-katholieke KERK H.H. Laurentius en Elisabeth, met PASTORIE en PATRONAATSGEBOUW, in twee fasen gebouwd in neoromaanse stijl. In 1906-1909 werden het koor, transept, de eerste twee traveeën van het schip, pastorie en patronaatshuis gerealiseerd, naar ontwerp van architect P.G. Buskens. In 1920-1922 werden de laatste travee van het schip en de voorgevel gebouwd, naar een ontwerp van J.P.L. Hendriks.

N.B. In 1941 en 1944 leed de kerk aanzienlijke oorlogsschade, waarbij ook veel glas-in-lood en gebrandschilderde ramen sneuvelden. Deze werden na de oorlog vervangen door nieuwe vensters naar ontwerp van de kunstenaars Charles Eyck (1948-1950) en H. Asperslagh (1945-1952).

Op 16 maart 1967 werd de kerk geïnaugureerd tot kathedraal, waarna de neogotische Sint-Laurentiuskerk aan de Westzeedijk werd verkocht en afgebroken. Sindsdien is behalve de heilige Elisabeth van Hongarije (patrones van de armen en zieken) ook de heilige Laurentius, patroon van de stad en het bisdom, kerkpatroon. In 1950 werd aan de voorgevel, links naast de ingang, een hardstenen gedenksteen voor de architect P.G. Buskens (1872-1939) geplaatst. In 1964 werden het priesterkoor en altaar heringericht volgens de richtlijnen van het Tweede Vaticaans Concilie, met een wit marmeren altaar naar ontwerp van het architectenbureau Van den Bosch, Hendriks en Campmann. In 1997 is het orgel (1923) tijdelijk uit de kerk verwijderd. Het tweedelig orgelfront, ontworpen door architect P.G. Buskens, bestaat uit een grote ronde pedaaltoren op consoles met sierrand en uit rechte pijpvelden. De orgelkasten zijn van rood gebeitst en gelakt grenenhout. N.B. Dit orgel wordt uitgesloten van de bescherming van rijkswege.

Omschrijving

Tussen de Mathenesserlaan en Robert Fruinstraat gelegen kruisbasiliek, boven een hardstenen basement opgetrokken in grijze, hardgrauwe baksteen met hardsteen voor de afdekking van de steunberen, topgevels en goten en spaarzame decoratieve toepassing van groen en geel geglazuurde baksteen.

De kerk is 67 meter lang, de breedte van het transept is 33 meter, de hoogte 24 meter. De kerk is voorzien van zadeldaken, met leien gedekt en heeft boogvensters met een bakstenen tracering en glas-en-loodramen. Het zuidelijke front (voorgevel Mathenesserlaan, nr.307) van de kerk bestaat uit een met een topgevel bekroond middendeel met links ervan de 35 meter hoge klokketoren en rechts een smallere, minder hoge toren.

De gevel is in het midden voorzien van een hardstenen bordestrap naar de hoofdingang. Deze (drie houten rondboogdeuren met ijzerbeslag) heeft een narthex met drie ingangsportalen met gemetselde graatgewelven en bogen op hardstenen zuilen. Aan weerszijden van de hoofdingang bevinden zich twee kleine boogvensters en rondboogzijportalen, toegankelijk via hardstenen trappen. Het rechter zijportaal is hoger opgetrokken en wordt bekroond met een puntgevel met hardstenen lijst en kruis in de top.

Ter hoogte van het maaiveld bevinden zich uiterst links en rechts, onder een rondboog, toegangen tot respektievelijk de westelijke zij-ingang en de galerij naar de ingang van de pastorie, oostelijk van de kerk.

Boven de middelste rondboog tot de narthex bevindt zich een natuurstenen beeld van de heilige Elisabeth, in 1924 gemaakt door de firma Leeflang.

Hierboven bevat de gevel van het middendeel vier paren kleine gekoppelde rondboogvensters en in de topgevel drie gekoppelde hoge rondboogvensters, alle voorzien van glas-in-lood. De puntgevel wordt beëindigd met een hardstenen kruis met het opschrift: "O crux ave, spes unica". Terugliggend bevindt zich een tweede, hogere topgevel met kruis.

De hoge rechthoekige klokketoren bevat aan alle zijden rechthoekige spaarvelden waarin gekoppelde rondboogvormige galmgaten en heeft een terugliggende bekroning voorzien van wijzerplaten, steeds geflankeerd door gekoppelde rondboogvormige spaarvelden. Tussen wijzerplaat en galmgaten een gemetseld balkon op rechthoekige, opengewerkte consoles, waarbij de afdeklijsten, onderdorpels en afzaten zijn uitgevoerd in hardsteen. De torengevels worden afgesloten met een gemetseld boogfries en de toren draagt een koperen tentdak. De lagere toren heeft een dwerggalerij en tegeltjesfries en wordt bekroond door een met leien gedekt zadeldak. De achterzijde van de kerk (Robert Fruinstraat) wordt gedomineerd door de halfronde absis en kleine ronde traptorens met achthoekige lantaarns en koperen dakjes. De absis bevat zeven hoge rondboogvensters en wordt afgesloten met een dwerggalerij en tegelfries.

Trapsgewijs verspringend, in de schuine rooilijn van de Robert Fruinstraat (nr.38 en 40), bevinden zich hier aan de voet van de kerk drie bouwvolumes van een bouwlaag; van links naar rechts de sacristie, een gang achter de absis en de (voormalige) catechismuskamer. De gevel van de sacristie is voorzien van drie rondboogvensters en heeft een dubbele puntgevel met in elk gevelveld een rondlicht. Het gangvolume is voorzien van vijf rondboogvensters en een zadeldak (langskap). De (voormalige) catechismusruimte heeft een puntgevel met een groot rondboogvenster met bakstenen tracering. De linkerhoek van dit bouwvolume is voorzien van een hardstenen nis, waarin van oorsprong een beeld stond. Uiterst rechts bevindt zich (uitspringend) een portaal bekroond met bakstenen borstwering en kanteelachtige hoeken met hardstenen afwerking. De zijgevels van de kerk zijn voorzien van grote rondboogvensters met (geel geglazuurde) bakstenen tracering, een gemetseld boogfries, een gedecoreerde profileerde hardstenen daklijst en met hardstenen gebeeldhouwde waterspuwers, waaronder terracotta figuurtjes.

In het interieur heeft de kerkruimte de vorm van een latijns kruis met een koepel (hoogte 24 m) over de kruising en tongewelven over schip, transeptarmen en priesterkoor. Het schip bestaat uit drie traveeën, ingedeeld door hoge bogen, heeft een zeer breed middenschip (15 m) en veel smallere zijbeuken, die als gangpaden dienst doen en waaraan de diverse kapellen gekoppeld zijn. (Aan iedere zijbeuk twee paren kapellen.) Ten noorden van de westelijke kruisarm bevindt zich de kapel gewijd aan O.L. Vrouw van Lourdes. Deze kapel heeft een eigen entree aan de westelijke zijgevel en was oorspronkelijk door middel van siertraliewerk in de kerk afgesloten, waardoor deze kapel altijd toegankelijk was, ook wanneer de kerk gesloten was. Het interieur is opgetrokken in gele verblendsteen, de korte bogen rusten op dubbele Beiers-granieten kolommen met hardstenen basement en zandstenen kapitelen. De tegelvloer van het middenschip werd bij de voltooiing van de kerk in 1922 gelegd en sluit aan op de cement-mozaïekvloer (Pichu & Co, Gent 1912) van het oudere deel van de kerk en geeft derhalve exact de scheiding tussen de kerkgedeelten uit 1908 en 1922 aan. De kerk bevat houten kerkbanken (waarschijnlijk 1908), waarvan de wangen zijn versierd met kleine gesneden ornamenten, een medaillon waarin schild (met rijnummer) en bekroond door een rondboogje. De kerk is gedecoreerd met diverse kunsttoepassingen, waaronder: Muurschilderingen in de Lourdeskapel, de doopkapel, H. Hartkapel, transept, priesterkoor, de Don Boscokapel en de Antoniuskapel van de hand van Jan Dunselman (1863-1931), gerealiseerd gedurende de jaren 1915-1929. Ook de kruiswegstaties zijn geschilderd door Dunselman. Overige kleinere schilderingen, met name geschilderde teksten, zijn in 1925-1926 aangebracht door Jan Meily. De geornamenteerde kapitelen van de pilasters en de evangelistensymbolen op de vieringpijlers zijn van J.T.H. Timmermans (1873-1957), gemaakt in 1919. De meest prominente glas-in-lood-ramen, negen in de absis en acht in het schip en transept zijn gemaakt door H. Asperslagh uit Voorburg in 1945-1952. In het transept bevinden zich twee glas-in-lood-ramen ontworpen door Charles Eyck (Maastricht, 1948 c.q. 1950). De marmervloer met mozaïekranden in het koor zijn geleverd door P.J. Simonis en M. Storni (Rotterdam, 1913). De cement-mozaïekvloeren in het middenpad, de H. Hartkapel en de Lourdeskapel zijn gelegd door Pichu & Co uit Gent, 1912. In het schip en transept bevinden zich heiligenbeelden van Franse zandsteen, vervaardigd door J.T.H. Timmermans (Den Haag, 1920-1926). Door middel van een doorlopend gangenstelsel met de kerk verbonden, bevinden zich oostelijk van de kerk de pastorie en het patronaatsgebouw. Deze zijn opgetrokken in dezelfde materialen als de kerk. De pastorie bevindt zich aan de Mathenesserlaan (nr.305), terugliggend achter een tuin met hekwerk, waarvan alleen de hardstenen plint nog origineel is. De pastorie omvat een souterrain, een c.q. twee verdiepingen en een kapverdieping onder een schilddak. De voorgevel aan de Mathenesserlaan kent een driedeling. Geheel links de via een trap te bereiken entree onder een rondboog en boven een lessenaarsdak een terugliggend verdieping met drie rechthoekige vensters waaronder een tegelfries. De middenpartij omvat per verdieping twee vensterassen met per venster een hardstenen latei met eierlijst-achtige decoratie en is ter hoogte van de kapverdieping voorzien van een ruime loggia met gemetselde borstwering en twee rondbogen. In de loggia een vierledige deurpartij met glas-in-lood-bovenlichten. De rechter gevelpartij steekt iets uit en bevat op de begane grond een grote vensterpartij (niet origineel), ter hoogte van de verdieping een brede en diepe loggia met houten borstwering en vier houten kolommen en ter hoogte van de kapverdieping een grote vijfzijdige erkerachtige dakkapel. Ten noorden van de pastorie bevindt zich een binnenplaats en daarachter, gelegen aan de Robert Fruinstraat (nr.34 en 36) het patronaatsgebouw, bestaande uit twee bouwlagen en een kapverdieping. De brede gevel bestaat uit twee delen. Links een smaller deel met op de begane grond links een deur (geprofileerd hout met ijzerbeslag) en rechts twee hoge rondboogvensters, op de verdieping drie rechthoekige schuifvensters en ter hoogte van de kapverdieping een rechte uitbouw met vijf rechthoekige schuifvensters. Het rechter (bredere) geveldeel heeft op de begane grond links eveneens twee hoge rondboogvensters en rechts een inpandige deur onder een rondboog (geprofileerd hout met ijzerbeslag). Hierboven vier trapsgewijs geplaatste smalle rondboogvensters en een rechthoekige hoektoren met rondboogvensters en tentdak. Links van de toren wordt de gevel afgesloten met een puntgevel, voorzien van twee rechthoekige vensters.

Waardering

Rooms-katholieke H.H. Laurentius en Elisabeth, met pastorie en patronaatsgebouw, gefaseerd gebouwd in 1906-1909 en 1920-1922 naar ontwerp van respektievelijk P.G. Buskens en J.P.L. Hendriks, van algemeen belang vanwege de cultuur- en architectuurhistorische waarde, alsmede van belang vanwege de ensemblewaarde binnen de, vanaf 1903 in diverse stijltoepassingen bebouwde, monumentale Mathenesserlaan.

Herstel apsisschilderingen

  • 2017 Een project van het herstel van de apsisschilderingen in de kathedraal van Rotterdam door Davique Sierschilderwerken staat onder leiding van ing. Hans Beijersbergen, Bouwkundig Adviseur van het bisdom Rotterdam.

In de media

Uit Dagblad van het Zuiden, 7 November 1941.

Pastoor Kerkvliet van de Sint Elisabethskerk aan de Mathenesserlaan te Rotterdam vertelt dezer dagen aan „De Tijd" o.a. het volgende:

Het bombardement van 3 October had ook voor de Elisabethskerk rampzalige gevolgen. Ofschoon het zich aanvankelijk nog erger liet aanzien dan het was, bleek de schade toch vrij aanzienlijk. Groot was dan ook de ontroering van velen, zoowel in Rotterdam als daarbuiten, die medeleefden met wat één van Rotterdam's mooiste kerken is.

De Sint Elisabethskerk werd door architect P.G. Buskens gebouwd, waarbij deze zich inspireerde op den Wartburg, welke zoo nauw aan de geschiedenis van de heilige verbonden is. De edelsmeden Jan Brom sr. en Jan en Eloy hebben er prachtig smeedwerk voor gemaakt, als kronen, en Jan Dunselman maakte een prachtige kruisweg. De kerk, met haar waarlijk vorstelijken ingang en grootsche afmetingen, vormt een prachtig monument van katholiek geloofsleven en van katholiek kunstenaarschap. Inderdaad moet het Pastoor Kerkvliet en zijn kapelaans wel droevig te moede zijn geweest, toen ze de verwoestingen in oogenschouw namen. De biechtkapel was geheel weggeslagen, de mooie gebrandschilderde ramen, ook de groote, waren vrijwel geheel vernield. Van een steunbeer lagen de stukken van een meter dikte opgestapeld. Twee der staties waren vrijwel vernietigd en twee zoo zwaar beschadigd, dat er aan herstel niet kan worden gedacht. Het orgel had eveneens groote schade opgeloopen. Maar het mooie altaar was gespaard gebleven. Verschillende beelden waren onthoofd. De groep van Don Bosco bleef in haar geheel gespaard en werd slechts onder een dikke laag stof en kalk bedekt. Direct nadat men van den eersten schrik bekomen was, werden de noodige maatregelen genomen. De oudere leden van de jongenscongregatie betrokken nog dienzelfden nacht een wacht, waarin ze elkander om het uur aflosten. Dit was noodig, omdat alle deuren er uit geslagen waren. Deze jongens, die zich kranig gedragen hebben, begonnen den anderen morgen aan het lang niet gemakkelijke karwei, de kerk van het puin, te zuiveren. Op een plank, die buiten tegen den muur getimmerd werd, deed de pastoor direct kond, dat de H. Diensten zouden worden voortgezet in de kapel van de zusters van het lyceum aan de Breitnerstraat. Deze oplossing was prachtig, maar niet voldoende. Want de kapel kan niet meer dan 250 menschen bevatten, waardoor in totaal een 1500 personen des Zondags de H. Mis konden bijwonen. Waar de parochie echter 8000 zielen telt, moeten velen elders ter kerke gaan. Men is thans druk bezig met het herstellen van de aangerichte schade, in zooverre dit mogelijk is. De zijmuur ter plaatse van de verdwenen biechtkapel wordt voorloopig met hout afgesloten en zoo spoedig mogelijk in den ouden toestand teruggebracht. De orgelbouwer Elbertse uit Soestdijk is bezig met het repareeren van het orgel. Daarvan zal een gedeelte in den Kerstnacht weer in gebruik kunnen worden genomen. Het plafond wordt bij gedeelten vernieuwd. De herstellingswerken geschieden onder leiding van arcbitect J.P.L. Hendriks. Ze omvatten ook het herstel der beschadigde spreekkamers. In het priesterkoor zullen de vernielde gebrandschilderde ramen met hout gedicht worden. De andere zullen van kathedraalglas worden voorzien. Ook na de ingebruikneming zullen de werkzaamheden moeten worden voortgezet. Hiertoe is een verplaatsbare stelling gebouwd. Ofschoon een der bommen als het ware aan den voet van den toren is ingeslagen, heeft deze zich uitstekend gehouden.

Het valt te begrijpen, dat Katholiek Rotterdam met groote belangstelling de plechtige wederingebruikneming afwacht. Ze zal dezer dagen geschieden.

Uit Reformatorisch Dagblad, 3 februari 2009.

De H.H. Laurentius en Elisabethkerk aan de Mathenesserlaan in Rotterdam staat de komende tijd in de steigers. De restauratie van de kerk kost totaal 7,4 miljoen euro.

De helft van dat bedrag wordt betaald door het ministerie van Onderwijs en Cultuur. De rest van de kosten moet met fondsenwerving en door de parochie worden ingezameld.

Externe links

Afbeeldingen