Handelingen

Schagerbrug, Schagerweg 40 - Hervormde Kerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Hervormde Kerk
Genootschap: PKN Hervormde gemeente Zijpe
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Schagen
Plaats: Schagerbrug
Adres: Schagerweg 40
Postcode: 1751CC
Inventarisatienummer: 06065
Jaar ingebruikname: 1843
Architect: Dansdorp, H.H.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Provinciaal monument

Geschiedenis; bron: kerkschagerbrug.nl

WAARDE

De kerk is van architectuurhistorische waarde als authentiek voorbeeld van een kerk onder waterstaat gebouwd rond het midden van de negentiende eeuw, waarbij de eenvoud van constructie en detaillering kernmerkend is. Ook het gewelf op de zuilen in het interieur en de behouden hoofdvorm dragen bij aan die waarde. De kerk is onderdeel van de kerkgeschiedenis, in  het bijzonder de geschiedenis van de hervormde kerken in Noord-Holland.

MONUMENTALE STATUS

  Provinciale monumenten vertellen het verhaal van Noord-Holland en zijn bepalend voor de identiteit van de diverse regio's. Zij zijn beschermd op basis van de provinciale monumenten-verordening. De provincie Noord-Holland wil dit erfgoed behouden en de beleving hiervan door haar bewoners en bezoekers zo breed mogelijk maken. De provinciale monumentenlijst bevat onder meer stolpboerderijen, kerken, waterstaatkundige werken, villa’s en industrieel erfgoed.

(Bron: Provincie Noord-Holland, 10-3-2012)

De bouw van de kerk van Schagerbrug (1850 - 1851)

Het ontstaan van de huidige kerk van Schagerbrug voltrekt zich in de jaren ’40 van de 19e eeuw, in de jaren 1845-1849 die bekend staan als de “zwarte jaren”, jaren waarin vele plagen ons land teisterden: aardappelziekte, mislukte oogsten en diverse epidemieën, waaronder cholera en griep.

De kerk in Schagerbrug wordt wel gerekend tot de “waterstaatskerken”, aangezien Waterstaat een grote rol speelde bij de bouw van het kerkgebouw. De nieuw- en verbouw van kerken was door koning Willem I onder toezicht en goedkeuring van de minister van Waterstaat en haar ingenieurs en opzichters geplaatst.

De eerste bouwplannen van een nieuwe Hervormde kerk dateren uit 1835, maar niet eerder dan in 1842 gaf de “president van het provinciaal college van toezicht” toestemming voor de bouw van twee nieuwe kerken: een in Burgerbrug en een in Schagerbrug. De nieuwe kerken zouden in de plaats moeten komen van oudere, bouwvallig en te klein geworden kerkjes op dezelfde plaatsen. Provinciaal opzichter en architect ir. H.H. Dansdorp werd in 1842 per trekschuit uitgezonden om zich in “betrekking te stellen met de kerkvoogden van Zijpe” voor het opmaken van een ontwerp en een begroting.

Dansdorp ontwierp een kerk – na diverse noodzakelijke besparingen – met een bouwsom van f 16,000 gulden. Helaas gebeurt er in de 3 jaren daarop weinig: de subsidies bleken nog niet rond te zijn. Daarop kwamen de kerkvoogden zelf in actie en stuurden tekeningen naar Haarlem. Een collega van Dansdorp, ir. Ortt ontvangt de stukken en schaart zich achter de plannen. De naam van een derde opzichter duikt in de stukken op: ir. Haijward: hij brengt enkele wijzigingen aan in het bestek. Het definitieve bestek – vermoedelijk dus gebaseerd op de inbreng van de eigen Zijper timmerlieden – is gereed in april 1850. Maar dan is Waterstaat nog steeds niet in actie gekomen

De Zijpenaren zijn ongeduldig en blijken inmiddels – zomer 1850 - de oude kerk al met de grond gelijk te hebben gemaakt. Ook de muren van de oude kerk hielden geen stand. De kerkvoogden berichten aan de Hoofdingenieur van Waterstaat dat ze zich de vrijheid hadden genomen met de werken door te gaan, daar de tijd voortliep; men wilde voor de winter met de beide kerkgebouwen klaar zijn….

De bouw gaat door, maar ondervindt vele problemen: een misrekening in het aantal zitplaatsen, een gebrekkige fundering, slechte staat van de muren en – niet in het minst – het maar uitblijven van de noodzakelijke financiële middelen. Een bedrag van f 7,500,- wordt door de gemeenteleden zelf opgehoest, maar dat is onvoldoende om de bouwkosten van f 14.000,- te dekken. Pas drie jaar later schiet de Synode te hulp en verstrekt een aanvullende subsidie.

De bouw van beide kerken is in het voorjaar van 1851 afgerond. In februari 1851 is de kerk al in gebruik genomen. Het was er uiteindelijk toch van gekomen…… De inwijdingstekst kwam uit Ezra 6:16: “Toen vierden de Israëlieten, de priesters, de levieten en de overigen die in ballingschap geweest waren, de inwijding van dit huis Gods met vreugde.”

Bron: artikel “Welke vertimmerd zou worden, geheel is afgebroken”, aardigheden en wetenswaardigheden rond de nieuwe kerk in Schagerbrug (1835 – 1851) door W.H. ten Boom, gepubliceerd in Zijper Historie Bladen, 11e jaargang, nummer 2, april 1993

De kerk van Schagerbrug

Per 1824 bepaalde koning Willem I dat nieuw- of verbouw van kerken voortaan koninklijke goedkeuring behoefde. De uitvoering werd opgedragen aan de minister van o.m. Waterstaat. In de praktijk kwam het er op neer, dat de ingenieurs van Waterstaat de ontwerpen maakten of het toezicht hadden op de ontwerpen van anderen. Op die manier kregen de kerken, die in het tweede kwart van de 19e eeuw gebouwd werden, het predikaat 'Waterstaat' opgelegd. In feite gaat het qua stijl om neoclassicisme of barokclassicisme --- dezelfde trant als de openbare gebouwen ten tijde van koning Willem II. In traditionele vormen werden ook vele kleine hervormde kerkjes opgetrokken in de eerste helft van de 19e eeuw. Het was een voortzetting van het reeds in de 18e eeuw veel voorkomende type protestantse dorpskerk. Meestal zijn het eenbeukige gebouwtjes met aan een of beide korte zijden driehoekige sluitingen, spitsboogvensters en een veelhoekig torentje op het dak. Ze zijn niet uitgesproken classicistisch, of het moest zijn in onderdelen zoals portalen. Het interieur is gewoonlijk eenvoudig, witgepleisterd met een gestucadoord-houten gewelf of een tongewelf met trekbalken. Ook de kerken van de andere kerkgenootschappen hebben over het algemeen weinig pretenties; ze zijn vaak verwant aan de landelijke bouwkunst. Het kerkje van Schagerbrug is – ondanks haar bescheiden afmetingen – een beeldbepalend element in het dorp en de gemeente Zijpe. Als een van de weinige kerken is deze kerk nog immer in gebruik als Godshuis; wekelijks op zondag wordt hier kerkdienst gehouden. De kerk is eigendom van de Hervormde Gemeente Zijpe. Het beheer en onderhoud van de kerktoren berust bij de gemeente Zijpe.

Wat er allemaal met het kerkgebouw is gebeurd sinds de bouw: ontelbare herstelwerkzaamheden om de kerk in goede staat te houden. Rond 1968 en in 1993 is de kerk grondig gerestaureerd. De laatste restauratie in 1993 was een ingrijpende en kon pas gerealiseerd worden na een uitgebreide fondsenwerving. Bij die restauratie zijn voegwerk, muren, ramen en gewelven opgeknapt en is in de kerk vloerverwarming aangelegd. Om dat te kunnen realiseren zijn van de oorspronkelijk 8 houten bankblokken de achterste 2 verwijderd. De beide kamers naast de ingang zijn vergroot en er is een balkon gerealiseerd.

Naast de kerk heeft aanvankelijk een gebouwtje gestaan waar de zondagsschool bijeenkwam. Nadat dit in verval raakte is in de jaren zeventig in eigen beheer een nieuw bijgebouw geplaatst, wat wordt gebruikt voor vergaderingen en repetities. Het bijgebouw beschikt over een keuken en een toilet.

De kerk zelf is een provinciaal monument sinds 1988, vanwege haar cultuurhistorische en architectuurhistorische waarde, een authentiek voorbeeld van een “waterstaatskerk”, vanwege de behouden hoofdvorm en het gewelf op de zuilen in het interieur. Opvallend aan de kerk is de bijzondere kapconstructie die overeenkomsten vertoond met de spantconstructie van de Noordhollandse stolpboerderij.

De kroonluchters Er hangen drie koperen kroonluchters in de kerk: twee Hollandse en een Vlaamse. Alledrie zijn ze ouder dan de kerk. De herkomst is niet bekend, wel is bekend dat ze verkregen zijn na een schenking van de Hervormde gemeente Bussum in 1991. De kroonluchters zijn gerestaureerd door een van de laatste kopergieters in het land, de fa. Brink en Van Keulen te Haarlem.  

Afbeeldingen