Handelingen

Amsterdam, Dam - Nieuwe Kerk

Uit Reliwiki

Versie door Waterman (Overleg | bijdragen) op 17 okt 2018 om 13:21 (Interieur)
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Amsterdam
Plaats: Amsterdam
Adres: Dam
Postcode:
Bouwja(a)r(en): 15e eeuw
Inventarisatienummer: 04725
Architect:
Oorspronkelijke bestemming: Rooms Katholieke kerk
Huidige bestemming: museum, cultureel centrum
Monument status: Rijksmonument 5940


Geschiedenis

Plattegrond

Belangrijke laatgotische kerk met dakruiter op de kruising.

Algemeen bekend wegens diverse koninklijke evenementen, en de Nationale Dodenherdenking op 4 mei.

De kerk is gebouwd in het begin van de 15e eeuw, op een plek waar tot dan een boomgaard was. In 1408 kreeg de bouw van deze Nieuwe Kerk, toen nog Onze Lieve Vrouwekerk of Maria- en Catharinakerk geheten, de bisschoppelijke goedkeuring. De bouw was toen echter al ver gevorderd. Er is sindsdien veel aan de kerk verbouwd en herbouwd. Eén van de laatste delen van de kerk die werd voltooid is de noordelijke dwarsarm uit 1530-1540, die stijlelementen uit de Renaissance vertoont. (Bron:Wikipedia)

Zuidzijde van de Nieuwe Kerk.Foto: A. Roks 2008
Zuidzijde van het schip. Foto: A. Roks 2008

Door brand verwoest in 1452.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Nieuwe Kerk. Gotische kruisbasiliek met koorkapellenkrans (XV/XVI; fragment van onvoltooide westtoren midden XVII). a. Hoofdorgel: van oorsprong orgel met Hoofdwerk, Rugwerk en vrij Pedaal, in 1650-1655 gemaakt door H.W. Schonat uit Kitzingen/Main (Duitsland) In 1668 uitgebreid met een Bovenwerk door J. van Hagerbeer. In 1975-1981 gerestaureerd door de firma Marcussen uit Aabenraa (Denemarken). b. Transeptorgel. In eerste aanleg een orgel met Hoofdwerk en Borstwerk, ca. 1645 gemaakt door G. van Hagerbeer. In 1648 verbouwd tot tweeklaviers orgel met Hoofdwerk en Zijwerk. Van het orgel is alles behouden gebleven, behoudens het pijpwerk en de windvoorziening. Deze ontbrekende delen werden gereconstrueerd bij de laatste restauratie in 1987-1989. Aan de zuider dwarsbeuk twee zonnewijzers: een grote ronde plaat van marmer in de topgevel en een drievlakkige zanstenen zonnewijzer geplaatst aan de oostelijke steunpilaar van het zuider dwarsschip.

Bouwgeschiedenis

De geschiedenis van de Nieuwe Kerk begon omstreeks 1380 in de boomgaard van Willem Eggert. De Oude Kerk, de eerste parochiekerk van Amsterdam, werd te klein bevonden door de enorme groei van de stad in de tweede helft van de 14de eeuw. Op 15 november 1408 gaf de bisschop van Utrecht toestemming voor een tweede parochiekerk. De kerk werd gewijd aan Onze Lieve Vrouwe, en later aan Sint Catharina.

De Nieuwe Kerk is in fasen tot stand gekomen. De oudste delen van de kerk zijn het koor en transept. Tijdens een stadsbrand in 1421 liep de kerk wel vertraging op, maar de schade bleef beperkt. Rond 1435 is men met de bouw van het schip begonnen. Oorspronkelijk zou het schip acht traveeën tellen, maar dit werden er vijf in verband met ruimtegebrek. In de tweede helft van de 15de eeuw werden de zijbeuken gebouwd en kwam er een lichtbeuk op het middenschip ten behoeve van lichtinval. Na 1538 is het noorder transept verhoogd tot de hoogte van de rest van de kerk. Dit is duidelijk te zien op een oude stadsplattegrond van Cornelis Anthoniszn. uit 1538, waar de kerk nog een lage noorder transept heeft.

Heeft de kerk de stadsbranden van 1421 en 1452 doorstaan, in 1645 ging het helemaal mis. Door werkzaamheden door loodgieters brandde de kerk, op het koor en straalkapellen na, geheel uit. Na deze brand is de kerk in Gotiserende stijl hersteld.

Toren

Ook waren er plannen voor een westtoren. Rond 1565 werd begonnen met de aanleg van een fundering. Maar na de Reformatie kwam de bouw algauw stil te liggen. Na de grote brand van 1645 werd de bouw van de toren weer opgepakt, vermoedelijk onder leiding van architect Jacob van Campen. Dit plan stopte alweer na zeven jaar toen de toren halverwege het middenschip was. Het stadsbestuur zou bang geweest zijn dat de toren de in aanbouw zijnde stadhuis zou overvleugelen.

In 1783 werd de torenstomp gesloopt en kwam er een Neogotische opbouw op het resterende restant van de toren. Eind 19e – begin 20e eeuw werd deze bovenbouw gesloopt, en werd de westgevel door architect C.B. Posthumus Meyjes aan de hand van oude prenten weer hersteld naar de situatie van voor de brand van 1645.

De kerk is voor reguliere erediensten buiten gebruik, nu Cultureel Centrum: tentoonstellingen en (orgel)concerten. Verder vindt hier jaarlijks op 4 mei de Nationale Dodenherdenking plaats. Sinds koning Willem I worden de staatshoofden van Nederland in de Nieuwe Kerk ten overstaan van de Staten-Generaal officieel ingehuldigd. Door de eedaflegging op de Grondwet door de vost(in) en door de eed of belofte van trouw aan de nieuwe vorst(in) wordt het staatshoofd bevestigd in zijn of haar hoedanigheid van Koning(in) der Nederlanden.

Bezienswaardigheden

  • Praalgraf van Michiel de Ruyter (1607-1676) vervaardigd in 1681 door Rombout Verhulst.
  • De eikenhouten preekstoel, door Albert Janszn. Vinkenbrinck (1649-1664).
  • Het grote orgel (1645) ontworpen door Jacob van Campen met beeldhouwwerk van Artus Quellijn.
  • Gebrandschilderde venster, waaronder het grote venster in het zuider transept ter gelegenheid van de inhuldiging van koningin Wilhelmina in 1898. Vervaardigd door J.L.L. Schouten naar een ontwerp van O. Mengelberg.
  • Koperen koorhek uit 1650.
  • Praalgraf voor Jan van Galen, vervaardigd door Willem de Keyser en Rombout verhulst in 1653.

In de media

Uit Het Nieuws van den Dag, 29 Juli 1912.

Vanwege de vereeniging »'t Koggeschip» wordt de vierde orgelbespeling in de Nieuwe Kerk gegeven op Woensdag 31 Juli, des avonds te 8 uur, door den heer A.W. Rijp. Ter herdenking van den sterfdag van J.S. Bach, 28 Juli 1750, bestaat het programma geheel uit werken van dezen meester. Hiet luidt als volgt: 1. Fuga Es-Dur; 2. Drie Koraalbewerkingen: a. Nun komm' der Heiden Heiland; 6. Wer nur der lieben Gott lässt walten; c. Ich ruf' zu dir, Herr Jesu Christ; 3. Pastorale, Allegretto, Andante, Adagio, Allegro finale; 4. Sarabanda (vioolsolo); 5. Twee liederen (solo voor Vox Humana) a. Liebster Herr Jesu, wo bleibst du so lange; b. Vergiss mein nicht, mein allerliebster Gott; 6. Fantasia en fuga G-Moll. Alle zitplaatsen zijn vrij.

Het orgel heeft onlangs een belangrijke herstelling ondergaan, waarbij eenige ruwe registers zijn vervangen door zachte, als fluit 4 vt en fluit 2 vt. Ook de tongwerken zijn verbeterd, en vooral de vox humana is zeer schoon van toon geworden. De windaanvoer geschiedt thans electrisch.

Uit Het Vaderland, 11 Maart 1938.

NIEUW KOORORGEL TE AMSTERDAM.

Met een korte plechtigheid is gisteravond in de Nieuwe Kerk te Amsterdam een nieuw koororgel, een z.g. Melodia pijporgel, aan het college van kerkmeesters der Nederduitse Hervormde Gemeente overgedragen. Ds G.A. den Hertog, eere-voorzitter van het Hervormde kerkkoor "Omhoog", sprak enkele woorden ter inleiding, waarin hij gewag maakte van de toenemende behoef die de commissie voor de jeugddiensten, waarvan hij bovendien voorzitter is, had gevoeld aan een durende orgelbegeleiding. Daaraan is thans tegemoet gekomen, terwijl bet orgel tevens zal dienen om in alle diensten den koorzang luister bij te zetten. Nadat het Hervormd Kerkkoor „Omhoog" een koraal uit Bachs Mattheüspasslon had gezongen en de organist, de heer H.F.G. Loohuis, het orgel had bespeeld, droeg de dirigent en voorzitter van het koor, de heer M.J. Beijlevelt, het instrument aan de kerkmeesters over, daarbij een woord van dank sprekende tot den orgelbouwer, den beer C. Verwijs en al degenen, die aan de totstandkoming hadden meegewerkt.

Uit Het Vaderland, 26 Juli 1940.

Voor het eerst sinds vele jaren — misschien wel sedert honderd jaar — zijn de deuren van het groote orgel in de Nieuwe Kerk van Amsterdam, wegens de hieraan te verrichten werkzaamheden gesloten en is de door Van Bronkhorst beschilderde buitenzijde dier deuren zichtbaar geworden. Ze prijken nog in hun vollen luister, getemperd door stof en vuil, en zullen duchtig schoongemaakt moeten worden; daarbij zal men niet mogen vergeten de verschillende winkelhaken in het doek te dichten.

Dc schildering aan de buitenzijde der luiken stelt voor Daniël, die, getooid met het vorstelijk hermelijn, in het midden van de schildering geknield ligt en door den hoogepriester gezalfd wordt. De plechtige handeling heeft plaats in de peristyle van een tempel of in een poort, die met treden naar de voorzijde afloopt. Naast den hoogepriester, met ongedekten hoofde, ziet men een tweeden priester, met een hooge muts, waarop Hebreeuwsche karakters. Tegenover David knielt een knaap, die een kroontje in de hand houdt. Een tweede jongensfiguur, naast de eerste, schijnt een flesch met gewijde olie omhoog te houden. Rechts van dezen is een groep van de Ouden des volks zichtbaar; links van de middenpartij ontwaart men o.a. een derden priester met een jongeling, en op den voorgrond een moeder met twee kleine kinderen, waarvan er een wat schrikachtig schijnt te zijn voor een hond, die geheel op het eerste plan staat. De hoeken zijn oa. gevuld met krijgsknechten in harnas. Ook op den achtergrond zijn nog vele figuren zichtbaar, o.a. rechts in de hoogte een krijger met Oranjevaan.

Deze heele voorstelling bedekt de bovenste helft van het orgel. De onderste helft valt uiteen in twee deelen, ter weerszijden van het rugpositief, waarvan de luiken verloren zijn gegaan. Beide benedenluiken vertoonen poortjes met daarvoor een groep volks. Een der aan de rechterzijde geschilderde figuren schijnt wel een engel te zijn. Uit kleine vensters boven de poortjes kijkt links een man, rechts een meisje met luit. De man is Van Bronkhorst zelf, die er zijn naam met het jaartal van de voltooiing der schildering (1855) bij heeft gezet. Ook onder de tweede jongensfiguur, die met de zalf o] ie op de bovenste schildering, staan naam en jaarcijfer.

De geheele schildering is sober van kleur: grijs en gedempt rood.

Aan de binnenzijde van de orgeldeuren staat te eener zijde eveneens door Van Bronkhorst David voorgesteld, terugkeerend van het verslaan van Goliath, en te anderer zijde David, door zijn harpspel Sauls waanzin verlichtend. Op het driehoekig fronton van het orgel staat David met de harp, levensgroot geflankeerd door een Caecilia met een portatief, en door een vrouwefiguur met een opengeslagen oblongboek, blijkbaar de zangkunst symboliseerend.

Opmerkelijk Is de fraaie vorm van het orgel in dichten stand. Nu de ver-uitstaande vleugels gesloten zijn, vertoont het zich tegen den witten muur als een ingesnoerden halsgevel van een Amsterdamsch huis. De sierlijk even-ingebogen zijden zijn omzoomd met slingerfestoenen.

Uit Reformatorisch Dagblad, 19 mei 2010.

De Nieuwe Kerk op de Dam in Amsterdam is dit jaar zeshonderd jaar in gebruik. Om deze mijlpaal te vieren, wordt woensdagavond in het bijzijn van koningin Beatrix teruggeblikt op de historie van het monumentale gebouw.

In het teken van het jubileum zullen er het hele jaar door extra beeld- en filmexposities, rondleidingen, concerten en andere activiteiten plaatsvinden.

Een van de bijzondere gebeurtenissen de afgelopen eeuwen was een brand die in 1645 de kerk beschadigde, waarna het gebouw werd gerestaureerd. Toen de Hervormde Kerk in 1980 na een restauratie van ruim twintig jaar als eigenaar de kosten van het pand niet meer kon dragen, werd de Nationale Stichting De Nieuwe Kerk opgericht. De stichting zet zich sinds dertig jaar in voor cultuur in de kerk.

De Nieuwe Kerk dient jaarlijks als toneel voor de herdenkingsdienst voorafgaande aan de Nationale Dodenherdenking. In 2002 trouwden prins Willem-Alexander en prinses Máxima er. Zes Nederlandse koningen en koninginnen zijn er ingehuldigd.

Uit Reformatorisch Dagblad, 26 oktober 2010.

In het kader van het Amsterdamse ”Festival van de Hervorming” wordt zondag in de Nieuwe Kerk –die 600 jaar bestaat– een kerkdienst gehouden. „Een unieke gebeurtenis”, aldus de protestantse kerk Amsterdam: „In 1955 vond in de Nieuwe Kerk voor het laatst een kerkdienst plaats.” De dienst is voorbereid door Amsterdamse predikanten en kerkmusicus Christiaan Winter. Cantorijen uit Amsterdamse kerken doen mee. Het Festival van de Hervorming is een initiatief van de protestantse kerk Amsterdam, de lutherse gemeente Amsterdam en de Amsterdamse remonstranten en doopsgezinden.

Links


Afbeeldingen

Exterieur

Interieur