Handelingen

Amsterdam, Keizersgracht 676 - Nieuwe Walenkerk

Uit Reliwiki

Versie door Pa3ems (Overleg | bijdragen) op 13 dec 2013 om 09:23 (format hersteld)


Algemene gegevens
Naam object:
Genootschap:
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Amsterdam
Plaats: Amsterdam
Adres: Keizersgracht 676
Postcode:
Inventarisatienummer: 04760 04850
Jaar ingebruikname:
Architect: A.N. Godefroy
Huidige bestemming: Kantoor
Monument status: Rijksmonument 518336



Geschiedenis

Voormalige Nieuwe Waalse kerk, later, ongeveer 1959, in gebruik als kerk van de Zevende-Dags Adventisten. Als zodanig buiten gebruik 1989, toen de Zevende-Dags Adventisten voor hun zaterdagse vieringen gebruik gingen maken van de Evangelisch-Lutherse Maarten Lutherkerk aan de Dintelstraat in Amsterdam-Zuid.

Na 1989 tot ongeveer begin jaren 2000 Cultureel Centrum "Artemis". Daarbij vond inbouw van een etage plaats, tevens werden het belangrijke orgel en veel van het oorspronkelijke kerkelijke meubilair verwijderd. Sinds 1989 is het interieur hierdoor niet meer intact. Heden in gebruik door een filmbedrijf met de naam "CZAR", met een eigen website die o.a. in het Russisch beschikbaar is.


Omschrijving

Voormalige Nieuwe Walenkerk naar ontwerp van A.N. Godefroy in 1854-56 gebouwd in eclectische stijl en met name geïnspireerd op de Noord-Italiaanse vroeg-renaissance. De zaalkerk werd in 1861 door brand getroffen, waarna herstel door Godefroy in dezelfde stijl plaatsvond.

NB Ter hoogte van de oorspronkelijke galerijen is in 1989 een verdieping ingevoegd.

In oorsprong voor de Waals Hervormde gemeente uitgevoerd kerkgebouw met rijk geornamenteerde met zandsteen beklede facade ter breedte van drie traveeën op rechthoekige plattegrond onder een samenstel van lessenaars- en zadeldaken.

De voorgevel bevat een licht risalerende middentravee die hoger en breder is dan de zijtraveeën. Boven de hardstenen plint is rusticawerk aangebracht met horizontale zandstenen blokken dat wordt afgesloten door platte banden met profiellijsten. Hierop rusten twee kolossale lisenen met verdiepte velden te weerszijden van het middenveld. De verdieping wordt afgesloten met een cassettenfries op conso les bij de zijtraveeën en een fries met verdiept veld in het midden.

Rechtgesloten centrale hoofdingang, in de zijtraveeën kleine neveningangen, alle bestaande uit een omlijste dubbele houten paneeldeur en hardstenen stoep. Links en rechts van de hoofdingang bevinden zich tegen de muur sierlijk gesmede lantaarns. In de middentravee op de verdieping een groot rondboogvenster met een pilaster- en rondboogomlijsting. Het venster wordt onderverdeeld door een zandstenen tracering in de vorm van een Latijns kruis met cirkel bij de kruising voorzien van een vierpas; rondom ruitvormige onderverdeling. De vensters in de zijbeuken zijn identiek vormgegeven maar kleiner van afmeting. Boven deze vensters een siertandlijst waarboven elk twee kleine gekoppelde rondboogvensters met een gedeelde pilaster en rondboogomlijsting.

In de driehoekige topgevel drie rondboogvensters met ruitvormige onderverdeling; de vensters worden gescheiden door pilasters en omlijst door rondbogen. Hierboven bevinden zich klimmende, smalle rondboogvensters onder een rondboogfries. Boven de zijtraveeën elk een reeks van kleine rondboogvensters en een blindnis aan de uiteinden; boven dit fries driehoekige vleugelstukken met verdiept veld en pijlerbekroning met uitkragende lijsten en ezelsrugkapitelen. Ook de topgevel bevat dergelijke bekroningen, te weerszijden en op de top; voorts geprofileerde afdeklijsten.

De achtergevel is in baksteen opgetrokken en heeft een puntgevel met in de top een vierkant venster en een hijsbalk. Licht risalerend recht gesloten koortravee. Op de begane grond elk een zesruitsvenster in de zijtraveeën. Gewijzigd entreeportaal. De vensterindeling op de verdieping spiegelt in sterk vereenvoudigde vorm de voorgevel waarbij in oorsprong een groot centraal rondboogvenster was aangebracht en te weerszijden achtruitsvensters met verdeeld rondboogvormig bovenlicht waarboven gekoppelde kleine rondboogvensters.

In het inwendige bevindt zich een terazzovloer in het midden- en rechtervoorportaal, alwaar tevens een van de oorspronkelijke trappenhuizen met wenteltrap nog bewaard is gebleven.

In de oorspronkelijk ongedeelde kerkruimte van drie traveeën zijn de zijwanden ter hoogte van de vroegere galerijen geleed door ondiepe rondboognissen versierd met panelen en cordonlijsten gescheiden door pilasters. De kerkruimte wordt afgedekt door een vlak houten plafond met lijstwerk en panelen waarbij in het midden drie lichtkappen zijn aangebracht in de vorm van glazen zadeldaken om de ruimte van daglicht te voorzien. Het plafond steunt op drie met pleisterwerk beklede ijzeren balken en korbelen met drievoudige knopornamenten aan de uiteinden.

Twee gietijzeren zuilen van de oorspronkelijke kerkinrichting alsmede een gedenksteen die zich naast de preekstoel bevond zijn op de begane grond bewaard gebleven.

Waardering

De voormalig Nieuwe Walenkerk uit het derde kwart van de 19de eeuw naar ontwerp van A.N. Godefroy kerkgebouw is van algemeen belang wegens architectuur- en cultuurhistorische waarden vanwege de rijke eclectische vormgeving in ex- en interieur, het bijzondere materiaalgebruik van met name de natuurstenen voorgevel, de vroegere kerkzaalinrichting met ijzerconstructie en lichtkappen en is van belang uit oogpunt van de Waalse kerkgeschiedenis alsook wegens de betekenis van dit gebouw in het oeuvre van Godefroy.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Een in twee perioden tot stand gekomen KERK. Voormalige Nieuwe Waalse Kerk. In eerste instantie gebouwd tussen 1854 en 1856. Een gedenksteen naast de trap van de preekstoel vermeldt de eerste steenlegging in het jaar 1855. Tijdens brand in 1861 stortte de kap in. In 1862 in gewijzigde vorm herbouwd. In beide gevallen was A.N. Godefroy de architect. Opdrachtgever was het Kerkbestuur der Waalsch Hervormde Gemeente te Amsterdam. Gebouwd in de stijl van het eclecticisme.

NB.

Van het oorspronkelijke interieur van deze galerijkerk, waarvan de in houtkleur geschilderde galerijen op ijzeren zuilen rustten, is niet veel over. Op de galerijen bevonden zich houten lantaarns met gietijzeren armatuur. De wanden worden nog geleed door rondboognissen en pilasters met kroonlijst. De gepleisterde ijzeren balken, die op korbeelstukken rusten, dragen een houten lichtkap. De oorspronkelijke klapstoeltjes waren deels van 'gehout' gietijzer. In 1912 werd in opdracht van het Kerkbestuur der Waalsch Hervormde Gemeente te Amsterdam door architect H.A.J. Baanders de muziekgalerij 'der Nieuwe Walenkerk aan de Keizersgracht' verbouwd. In 1959 veranderde de gezindte en werd in opdracht van Het Kerkgenootschap der Zevendedags Adventisten, Noord Nederlandse Conferentie, een zeszijdig doopbassin gebouwd. Een dubbele trap leidde naar het bassin van deze toenmalige 'Adventskerk'. In 1989 veranderde de functie in trainingscentrum voor dans met kantoor en kantineruimte. Veel van het voor de eredienst bestemde interieur is toen verloren gegaan. Het orgel werd verwijderd, de borstwering van de galerij is grotendeels verwijderd, alsmede grote delen van het meubilair. Verder is een extra entresol toegevoegd. Tegenwoordig (1995) worden er onder meer dans-, muziek- en zanglessen gegeven. Verder zijn er exposities, concerten, theatervoorstellingen en een café.

Omschrijving

Zaalkerk ontworpen op rechthoekige grondslag met galerijen onder stomp zadeldak met lichtkap. De voorgevel met het middenrisaliet is opgebouwd uit hardsteen (plint met geprofileerde bovenzijde) en zandsteen (overige geveldelen). In het midden van het licht risalerende middendeel van de gevel de hoofdtoegangspartij bestaande uit een eenvoudige dubbele houten deur met lichten met glas-in-lood raamvulling. Deur geplaatst in omlopend geprofileerd kader. In de sokkelzone met geaccentueerde blokken natuursteen links en rechts van het middenrisaliet een enkelvoudige houten toegangsdeur in omlopend kader. Aan weerszijden van de centrale toegang een lantaarn met fraai armatuur.

Boven de sokkelzone een drietal geprofileerde cordonlijsten met tussenliggende onbewerkte friezen. Hierboven in middenrisaliet een hoog halfrond getoogd venster met kruisvorm in de hoofdtracering, verder omlopende tracering en met roedenverdeling van elkaar gescheiden vierkante ruiten. Aan weerszijden een geprofileerde hoekpilaster met basement, kapiteel en schachtveld met cirkelvormig ornament. Om de toging een lijst. Aan weerszijden van dit deel van de middenrisaliet een liseen op basement en met verdiept veld. Twee blokken met verdiept veld bij wijze van kapiteel. Hiertussen een dergelijk fries. Boven een geprofileerde en deels uitkragende lijst bevindt zich het bovendeel van het middenrisaliet. Hierin een centrale vensterpartij bestaande uit een groter en hoger middenvenster en twee flankerende vensters. De halfrond getoogde vensters hebben tracering en roedenverdeling met grotendeels vierkante ruiten. Om de togingen loopt een eenvoudige lijst. Deze lijsten rusten op vier pilasters met basement en kapiteel. Aan de onderzijde van de vensters natuurstenen panelen met geprofileerd spaarveld. Het middenrisaliet wordt afgesloten door lisenen met spaarveld. Hierop korte lijst. Hierop aan meer zijden uitgewerkte vierkante post met trapsgewijs verdiepte velden, vlakke pilasters aan de voorzijde en afgesloten door een op klossen of consoles rustende kroonlijst. Hierop nog een vijfzijdige natuurstenen bekroning met eenvoudig spaarveld. Boven de vensterpartij een oplopende serie lancetvensters met tuimelramen met glas-in-lood vulling. Hierboven nog oplopend boogfries met consoles op langgerekte piëdestals tussen de vensters. Lijst met tuit waarop kroonlijst met bekroning als genoemd.

Aan weerszijden van het middenrisaliet een geveldeel met boven de sokkel een getoogd venster met hoofdgeleding en verder deels omlopende tracering. Grotendeels vierkante ruiten in de vulling. Toging rust op geprofileerde pilasters met basement en kapiteel en verdiept veld. Hierboven een fries met geprofileerde banden en serie verticale kepingen. Hierboven geveldeel met kleine gekoppelde vensterpartij bestaande uit twee lancetvensters met glas-in-lood vulling in tuimelraam. Verder een scheidende pilaster met kapiteel en basement, geprofileerde benedendorpel en uitkragende band op kraagstenen ter accentuering van de toging. Hierboven lijst op consoles en fries met serie van acht vierkante spaarvelden met profilering. Boven verdere lijst serie van zeven lancetvensters met glas-in-lood vulling in de tuimelramen en één blind venster. Lijst op klossen met op de hoek een iets kleinere versie van de post als beschreven bij de hoekbeëindiging van het middenrisaliet. Op deze zijdelen van de voorgevel rust bij wijze van klauwstuk de driezijdige overgang naar het hoger opgetrokken middenrisaliet. In dit 'klauwstuk' profilering en spaarveld.

Waardering

Kerkgebouw van algemeen belang vanwege de architectuurhistorische waarde. De gedetailleerde behandeling van de in classicistische vormentaal uitgewerkte voorgevel is daarbij van groot belang. De inpassing in de bestaande grachtenwand - in feite de stedebouwkundig-historische waarde - is van belang. De verhoudingen van massa en gevel in de reeds bestaande structuur zijn goed. Verder van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling. Van typologisch belang.

Orgel

In 2011 is dit orgel, inmiddels Rijksmonument, na jarenlang gezwegen te hebben, een nieuwe bestemming gekregen in de kerk van O.L. Vrouwe Visitatie te Budel en in gebruik genomen op 6 november 2011.

In de media

Uit Het Nieuws van den Dag, 4 April 1912.

De Nieuwe Walenkerk op de Keizersgracht zal van begin Mei tot eind September gesloten zijn, wegens een belangrijke verbouwing en vernieuwing. Do verbouwing houdt verband met de aanschaffing van een nieuw orgel van 23 registers, waarvan de levering is opgedragen aan de firma Dalstein en Haerpfer, te Bolchen (Gotha). Tot dusver werd het gezang der gemeente begeleid door middel van een harmonium, opgesteld achter een houten orgelbetimmering. Men begreep, dat dit op den duur niet langer kon en daarom werd in 1909 een commissie gevormd, welke zich ten doel stelde giften in te zamelen voor de aanschaffing van een nieuw orgel. Die pogingen slaagden.

De plaatsing van het nieuwe orgel zal ten gevolge hebben, dat de zoogenaamde orgelgalerij vergroot wordt tot eene muziekgalerij, waarop ook plaats is voor het koor. Tevens wordt de geheele onderbouw van het tegenwoordige orgel, met de nis, waarin nu de preekstoel staat, vooruitgeschoven. Het daarachter gelegen collectantenvertrek en de predikantenkamer winnen hierdoor aan ruimte, terwijl het gebouw bovendien een vergaderzaal of doopkamer krijgt.

Van deze verbouwing, wordt tevens gebruik gemaakt om eenige kleinere veranderingen en vernieuwingen tot stand te brengen.

Uit Nieuwe Rotterdamsche Courant, 26 April 1921.

De heer J.W. Enschedé schrijft ons: Amsterdam wordt wederom bedreigd met het verlies van een kunstwerk van waarde. Een courantenbericht vertelde onlangs, dat besloten is tot verkoop van de Nieuwe Walenkerk aan de Keizersgracht bij de Vijzelstraat. Welk zal dan het lot zijn van het orgel! Een paar jaar geleden is het superieure Fransche orgel van Cavaille-Coll (1875) uit het Paleis van Volksvlijt naar Haarlem verkocht, waar het sedert, gedemonteerd, opgeborgen ligt in een pakhuis. Nu wordt dit instrument bedreigd, thans stellig het uitnemendste moderne orgel in onze stad niet alleen, maar ook een unicum in ons land. De evolutie van de orgelbouwtechniek had sedert het midden der vorige eeuw geleid tot twee typen, het Fransche en het Duitsche. Een twintig jaar geleden is toen in, de Rijkslanden getracht de goede eigenschappen van beide typen te vereenigen tot een geheel van eigen karakter. Van die Neudeutsche Orgelreform was de leidende persoon dr. A. Schweitzer, privaat-docent in de Protestantsche theologie aan de Universiteit van Straatsburg, leerling van Widor, den organist van de St. Sulpice te Parijs en een uitnemend classiek orgelspeler. In de orgelmakers-firma Dalstein & Haerpfer te Bölchen (Boulay) in Lotharingen vond hij de technische en artistieke krachten, welke aan zijn streven met succes tastbaren vorm gaven. Toen nu tien jaar geleden overgegaan werd tot het bouwen van een pijporgel in de Nieuwe Walenkerk werd — er werd toen verluid op aandringen van ds. Giran — aan deze firma de opdracht gegeven zulk een orgel te leveren; de architect H.A.J. Baanders werd belast met het ontwerpen van een front, die er eveneens voortreffelijk in geslaagd is een modern gedacht individueel cachet te geven aan het decoratieve van dit eersterangs instrument: 25 December 1912 werd het ingewijd. Inderdaad noem ik dit orgel een eersterangs instrument en bovendien een typeerend voorbeeld van deze combinatie der Duitsche en Fransche stelsels, waarvan de wederga hier te lande niet gevonden wordt; ik heb het herhaaldelijk ervaren, toen luttele jaren geleden mij door het kerkbestuur vergunning was verleend voor eigen genot op dit orgel te spelen, waarvan ik tallooze keeren gebruik gemaakt heb. Onder de nieuwe orgels in Amsterdam is er geen te vinden dat in waarachtige schoonheid in vergelijking kan komen met dit instrument, het is bovendien een vereeniging van historische principes, Duitsche techniek en Fransche gratie. Nogmaals, welk zal het lot zijn?


(N.B. In 2011 heeft dit instrument, inmiddels Rijksmonument, na jarenlang gezwegen te hebben, een nieuwe bestemming gekregen in de kerk van O.L. Vrouwe Visitatie te Budel; in gebruik genomen 6 november 2011).

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur