Handelingen

Etten-Leur, Bisschopsmolenstraat 162 - Kapel Withof: verschil tussen versies

Uit Reliwiki

Regel 126: Regel 126:
 
Afbeelding:Etten Leur Withof 4.JPG
 
Afbeelding:Etten Leur Withof 4.JPG
 
Afbeelding:Etten Leur Withof 5.JPG
 
Afbeelding:Etten Leur Withof 5.JPG
Afbeelding:Etten Leur Withof 6.JPG
+
 
 
</gallery>
 
</gallery>
 
====Lourdesgrot====
 
====Lourdesgrot====

Versie van 28 dec 2015 om 19:44


Algemene gegevens
Genootschap : Rooms Katholieke Kerk
Gemeente : Etten-Leur
Plaats : Etten-Leur
Adres : Bisschopsmolenstraat 162
Provincie : Noord-Brabant
Jaar ingebruikname : 1864
Huidige bestemming : buiten gebruik
Naam object: Withof
Architect : Genk, P.J. van
Monument-status : Rijksmonument 516652 (Complex)
Inventarisnummer :

Geschiedenis

Uitgebreid voormalig kloostercomplex van Zusters Franciscanessen. Plannen tot herontwikkeling van dit complex, met behoud van de belangrijkste gebouwen. Twee kapellen: Withof of St. Jozef, zusters Fransiscanessenkapel en St. Jozef Instituut of Withofkapel.

Omschrijving Rijksdienst Huize Adama

Huize Adama, is gebouwd in de 16de eeuw. De voorgevel, die op het noordoosten ligt, is reeds als rijksmonument ingeschreven. Jonkheer Hendrick van den Broeck, schout van Etten en Sprundel, is in 1580 waarschijnlijk de eerste bewoner van het huis. Daarna zijn zoon Engelbreght, die de functie van zijn vader overnam. Engelbreght was getrouwd met Maria Proeninck uit Deventer, die de helft van het kasteel "Herlaer" in Sint Michielsgestel bezat. Hun dochter Maria, geboren in 1605, trouwde met de Friese Jonkheer Reinier Pybes d'Adama. Hun familiewapen prijkt boven de deur. Het is een alliantie-wapen bestaande uit twee schilden die met elkaar verbonden zijn door een eikentak in houtkleur daaraan hangend met zilveren linten. Links het accoladeschild van Jonkheer Reinier Pybes d'Adama dat uit vier kwartieren bestaat (bijlage 2).

Deze Reinier nam de functie van zijn schoonvader over en verloor die na de vrede van Munster (1648) en wel in 1654. Het gezin d'Adama van den Broeck telde acht kinderen. In 1678 vertrok het laatste familielid van hier naar het kasteel Herlaer. Vanaf toen werd Huize Adama een soort statussymbool voor hoge, veelal buitenlandse militairen, die aan de K.M.A. in Breda verbonden waren. Rond 1800 werd het verkocht aan boer Pieter Boots. Het raakte in verval en werd gewijzigd in 18de en 19de eeuw. In 1820 is het een omgracht huis met brug. In 1819 wordt door zusters Franciscanessen besloten na bespreking met pastoor Oomen het huis te kopen op naam van Adriaan Michiel van Hooydonk, vader van de president van het seminarie Mgr. van Hooydonk, om hier een kostschool te vestigen die op 5 mei 1820 werd geopend.

Tussen 1834 en 1861 wordt het huis aan de voorkant uitgebreid door middel van twee parallelle vleugels van twee bouwlagen onder zadeldaken met daarin scholen, rectoraat en het pensionaat. Tussen deze vleugels ontstaat het "voorplein". Huize Adama is dan nog steeds zichtbaar vanaf de straat. Dit zicht verdwijnt in 1864 bij de bouw van het poortgebouw. De uitbreidingen vormen de voorbouw (onderdeel II). Bij de bouw van het poortgebouw krijgt het gesticht een pandhof. De hof kreeg de naam St. Antoniusplein.

Ook aan de achterkant wordt het huis uitgebreid en wel in het verlengde van de aangebouwde voorvleugels. In 1850 komt aan de zuid-oostkant de kapel (onderdeel III) en in 1870 aan de zuid-westkant het "slot" van de zusters waarin de woon- en werkvertrekken en slaapzalen (bij de renovatie van 1980 wordt deze vleugel weggebroken en vervangen door nieuwbouw).

Omschrijving

Huize Adama is een dwarshuis met twee bouwlagen onder dubbel zadeldak op een rechthoekige plattegrond met voorgevel op het noord-oosten. Het dak is belegd met grijze oud-Hollandse pannen. Deze gevel heeft een rondbogige geprofileerde hardstenen ingang met ijzeren klopper en slotplaat (17de eeuw). Steen met alliantiewapen boven de ingang van de eerste bewoners van Huize Adama. Getoogde schuifvensters, op de begane grond voorzien van luiken en een achtentwintig ruitsverdeling met ijzeren roeden. Op de verdieping met vierentwintig ruitsverdeling. Ontlastingsbogen boven de oorspronkelijke vensters. Twee stoeppalen met gekrulde staven. De symmetrische voorgevel van Huize Adama is vijf traveeën breed. Links van de voordeur de herenkamer en rechts de opkamer (bij de zusters bisschopskamer genoemd) met er onder een gewelfde kelder. Aan de achterkant van het huis wordt in 1870 door architect Soffers op de verdieping de brevierkapel (nu kapittelzaal) gebouwd met een gestucadoord tongewelf. Tevens krijgt het dan aan de achterkant twee bouwlagen en twee parallelle zadeldaken. Oorspronkelijk had het slechts één zadeldak. Sinds de laatste renovatie is de ruimte tussen de nok van beide zadeldaken overdekt door een plat dak. Het opgaande werk bestaat uit handgevormde baksteen gemetseld in kruisverband. Huize Adama heeft inwendig een draaitrap met gebeeldhouwde trappaal voorzien van slangenkop.

Waardering

Het object is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarde als vertegenwoordiger van de transformatie van een herenhuis tot een omvangrijk katholiek complex met een meer dan regionale uitstraling, het heeft typologische waarde als vertegenwoordiger van een congregatieklooster met een gecompliceerde bouwgeschiedenis. Het is van architectuurhistorisch belang vanwege de gelaagdheid en opeenvolging van diverse varianten van de katholieke Neogotiek. Het heeft ensemblewaarde vanwege de relatie tot de dorpse omgeving. Het is als geheel en als representant van het werk van Soffers zeldzaam.


Omschrijving Rijksdienst Withof

De tweelaagse voorbouw van 't Withof uit 1834-'64 heeft een U-vormige plattegrond rondom het St. Antoniusplein en het al eerder beschreven Huize Adama (onderdeel I). De schilddaken zijn belegd met grijze Romaanse en oud-Hollandse pannen. De voorbouw met daarin de risalerende hoofdingang en topgevel aan de straat, is een ontwerp van architect Soffers uit 1864 en 1885 kwam tot stand onder de vierde algemeen overste Mère Dominique van Dijk. Boven de poort ligt de zogenoemde paarse kapel (vanwege de paarse stoelen). In de oostelijke vleugel bevindt zich het oude rectoraat van het gesticht.

Omschrijving

De symmetrische voorbouw met hoekpilasters is aan de straatkant tien traveeën breed. De hof (St. Antoniusplein), is vijf bij negen traveeën groot. De ingangspartij is aan de straatzijde risalerend met op de risaliet een gemetselde getrapte topgevel en aan de hofzijde in het dak een gestucte stenen dakkapel met wijzerplaat. De kloosterpoort heeft een geprofileerde hardstenen omlijsting met kielboog en kruisbloem. Boven de hoofdingang een zandstenen beeld van Josef met het Kind Jezus. Waaronder het bijbehorende Latijnse chronicum: "Haec Domus floreat sub protectione Sancti Josephi" ("Moge dit huis floreren onder de bescherming van St. Joseph"). Het beeld is in 1864 geschonken door Ettenaren bij het zilveren professiefeest van de overste Dominique van Dijk. In de topgevel boven het beeld een uurwerk met klok uit 1870 eveneens geschonken door de Ettenaren bij het vijftigjarig bestaan van de congregatie. Het uurwerk heeft ook aan de kant van het St. Antoniusplein een wijzerplaat. Het opgaande werk van de U-vormige voorbouw bestaat in hoofdzaak uit handgevormde baksteen gemetseld in kruisverband.

De eerste zes noord-westelijke raamtraveeën in de zijgevel zijn in machinale steen in kettingverband gemetseld. In de voorgevel ovaalvormige gietijzeren muurankers. In de zijgevels gesmede balkankers. Getoogde schuifvensters, die op de begane grond voorzien zijn van een achtentwintigruits verdeling met ijzeren roeden en op de verdieping van een vierentwintigruits verdeling. Op het dak twee hoekschoorstenen met schoorsteenkap en windvaan. De paarse kapel heeft een gestucadoord tongewelf uit de bouwtijd. Op de oosthoek van de voorbouw een nu driezijdig vrijstaande hoogopgaande vierkante toren met schilddak uit 1885, restant van een gesloopte vleugel uit 1885. Bovenop de toren onder andere een smeedijzeren windvaan met het jaartal. Het metselwerk afgewisseld met natuurstenen speklagen is gemetseld in kruisverband van machinale baksteen.

In de eetzaal van het klooster een gietijzeren wenteltrap en balustrade uit 1870 afkomstig van de firma Klep (later Klep en Bruyn en nog later Etna). De trap stond voor 1983 opgesteld in het slotgedeelte van de zusters. In de linkervleugel van de voorbouw het rectoraat van 1850. Het rectoraat heeft een waranda waarvan het dak wordt gedragen door drie geornamenteerde gietijzeren kolommen. Het interieur bevat onder andere geornamenteerde stucplafonds, beglaasde schuifdeuren, zwartmarmeren schoorsteenmantel en een rijke rood beschilderde betimmering. Het St. Antoniusplein heeft een monumentale ovaalvormige aanleg van geschoren buxushaag waartussen bloemperken met lavendel. De bestrating bestaat uit gele handgevormde klinkers (IJsselformaat). In het midden van het plein staat een natuurstenen St. Antoniusbeeld met Kind op sokkel.

Waardering

Het object is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarde als vertegenwoordiger van de transformatie van een herenhuis tot een omvangrijk katholiek complex met een meer dan regionale uitstraling, het heeft typologische waarde als vertegenwoordiger van een congregatieklooster met een gecompliceerde bewonings- en bouwgeschiedenis. Het is van architectuurhistorisch belang vanwege de gelaagdheid en opeenvolging van diverse varianten van de katholieke neogotiek en vanwege de plaats in het werk van de architect P. Soffers. Het heeft ensemblewaarde vanwege de relatie tot de dorpse omgeving. Het is als geheel en als representant van het werk van Soffers zeldzaam.

Omschrijving Rijksdienst Kleine Kapel

Kleine kapel in Neogotische stijl uit 1850 en 1882. Aan de zuidoostkant van Huize Adama de aangebouwde kapel van architect P. Soffers (Ginneken). De opdracht kwam van de tweede algemene overste Mère M. Louise Steyvers. Rector Timmermans legde de eerste steen. Inzegening in 1853 door Mgr. Van Hooydonk. De kapel werd in 1852 bekostigd door Zr. Magdalena, die zojuist ingetreden was en haar erfdeel afstond aan de congregatie. In 1882 werd de kapel met een transept vergroot. De tweede inzegening vond plaats door deken en pastoor F.L. Maes. De kapel werd in 1887 gepolychromeerd. Bij de bouw van de grote kapel in 1908 (onderdeel IV), werd de kapel in de hoogte in tweeën gedeeld. Boven bleef ze kapel en beneden refter en na de verbouwing in de tachtiger jaren van de twintigste eeuw ontvangstzaal. Het priesterkoor van de kapel werd in 1908 afgebroken voor de bouw van de grote kapel. De kapel ligt aan de noord-oost- en zuidwestkant ingeklemd tussen de onderdelen II en IV. Het schip van de kapel ligt met zijn noodwestkant aan de tweede (pand)hof van het gesticht. De andere zijde van het schip ligt aan een lange smalle derde (pand)hof.

Omschrijving

De zeer eenvoudig gedetailleerde kapel, oorspronkelijk met kruisvormige plattegrond, heeft een schip van vijf traveeën met transept. Het opgaande werk aan de buitenkant bestaat uit handgevormde gele baksteen (IJsselformaat) met zware geprofileerde steunberen. Spitsboogvensters. De oorspronkelijke vijf gebrandschilderde ramen uit de ateliers van Stalins en Jansen (Antwerpen) zijn in 1983 vervangen door ramen uit het atelier van Swart (Breda). Het dak heeft een leibedekking. Op de viering een zeshoekige vieringtoren. De kapel heeft een gepolychromeerd gestukadoord kruisribgewelf op rijk bewerkte bladkapitelen en driedelige muurzuilen. In het onderste gedeelte van de kapel in de ontvangstzaal, twee eiken Neogotische gebeeldhouwde deuren uit 1850, afkomstig uit het atelier van Peters-Dievoort (Turnhout). In de spitsboog van de ene deur het hart van Maria met de woorden: "Spes nostra salve". In de spitsboog van de andere deur is het hart van Jezus met de tekst: "In corde tuo reconde nos".

Waardering

Het object is van algemeen belang als onderdeel van een complex dat van waarde is vanwege de cultuurhistorische waarde als vertegenwoordiger van de transformatie van een herenhuis tot een omvangrijk katholiek complex met een meer dan regionale uitstraling, het heeft typologische waarde als vertegenwoordiger van een congregatieklooster met een gecompliceerde gebruiks- en bouwgeschiedenis. Het is van architectuurhistorisch belang vanwege de gelaagdheid en opeenvolging van diverse varianten van de katholieke neogotiek en vanwege de plaats in het werk van de architect P. Soffers. De kapel is in het bijzonder van belang vanwege de sobere Neogotische vormen. Het heeft ensemblewaarde vanwege de relatie tot de dorpse omgeving. Het is als geheel zeldzaam.

Omschrijving Rijksdienst Grote Kapel

Grote kapel in Neogotische stijl in 1908 gebouwd naar ontwerp van architect Petrus Johannes van Genk (Bergen op Zoom). De opdracht gaf de vijfde algemene overste Mère Xavier Schutjes. Samen met rector A.M. Woestenberg legde ze de eerste steen. De aannemer was Mattheus Bakkeren (Princenhage). De grote kapel ligt met uitzondering van de noordoostzijde, die grenst aan de kleine kapel, vrij op het erf.

Omschrijving

Eenbeukige kruiskapel met lager koor met vijfzijdige sluiting, onder zadel- en schilddaken met een achtzijdige vieringtoren. Aan weerszijden van de koorpartij tegen het transept een sacristie onder schildak. Alle daken zijn belegd met natuurstenen leien. Op de topgevels kruisbloemen. Het opgaande werk bestaat uit een paarsrode machinale baksteen gemetseld in kruisverband, op de hoeken voorzien van zware steunberen met afzaten. De horizontale banden, muurafdekkingen en traceringen in vensters zijn van Franse kalksteen. Het schip is vier traveeën lang. In elke travee drie lancetvensters met erboven een rondvenster. In de kopgevels van het transept zeven lancetvensters met erboven rondvensters met vier- en achtpasmotief. In de topgevel twee lancetvensters. In de transeptgevels aan de zijde van het koortravee hooggeplaatste roosvensters met achtpasmotief. De grisailles in het priesterkoor en de roosvensters in het transept rechts en links tegen de voormuur: respectievelijk voorstellende Clara en Elisabeth zijn afkomstig uit het atelier van Cuijpers (Roermond). De overige vensters bevatten gebrandschilderde ramen van Charles Eyck uit ca. 1945. Opvallend hier is de carreau-decoratie in de roosvensters gelijkend op die van Chartres en de zin voor deformatie (driehoekige halzen, langgerekte gezichten en figuren) die typisch is voor de kunstenaar Eyck. De kapel werd in 1921 gepolychromeerd. Bij de renovatie in 1964 overgeschilderd.

Waardering

Het object is van algemeen belang als onderdeel van een complex dat van waarde is vanwege de cultuurhistorische waarde als vertegenwoordiger van de transformatie van een herenhuis tot een omvangrijk katholiek complex met een meer dan regionale uitstraling, het heeft typologische waarde als vertegenwoordiger van een congregatieklooster met een gecompliceerde gebruiks- en bouwgeschiedenis. Het is van architectuurhistorisch belang vanwege de gelaagdheid en opeenvolging van diverse varianten van de katholieke neogotiek en vanwege de plaats in het werk van de architect Van Genk. De kapel is in het bijzonder van belang vanwege de sobere Neogotische vormen. Het heeft ensemblewaarde vanwege de relatie tot de dorpse omgeving. Het is als geheel zeldzaam.

Omschrijving Rijksdienst Lourdesgrot

Lourdesgrot, gebouwd 1902. De grot kon worden aangedaan tijdens wandelingen over het kloosterterrein en die, al naar gelang hun lengte, werden aangeduid als de grote en de kleine 'tour'. Lourdesgrotten vervulden een rol in de devotie van kloosters en ontbreken in vrijwel geen kloostertuin.

Omschrijving

Lourdesgrot, een variatie op de 'ware uitbeelding' van de grot in het Franse Lourdes en uitgevoerd in aangesmeerde misbaksels. In de grot beelden van Maria en Bernadette. De voorzijde van de grot is afgesloten met een smeed- en gietijzeren hekwerk. In de stoep voor de grot bevindt zich een hartvormige ingelegde steen en het opschrift 'Lieve Moeder bescherm Uwe kinderen'. Bij de grot bevinden zich diverse bomen, restant van de bosschage waarin de grot zich vroeger bevond.


Waardering

De Lourdesgrot met bomen is van algemeen belang vanwege het bouwtype, het materiaal (misbaksels), bijzondere onderdelen zoals de beelden, het hekwerk en de ingelegde steen en de historische, visuele en functionele band met het klooster.


MIP omschrijving (MIP nummer

  • Bouwperiode: 1600 tot: 1900
  • Gevels en materialen: Klooster van de zusters Franciscanessen van de Congregatie der penitenten-Recollectinen.
  • Vensters en deuren: Schuiframen met kleine roedenverdeling, op de begane grond met luiken. Ontlastingsbogen boven de oorspronkelijke vensters.
  • Bijgebouwen: Twee stoeppalen met gekrulde staven.

Omschrijving

Het complex vormt na sloop van de kostschoolvleugels een carre met kapel aan de achterzijde. Van de vleugels resteert een toren met tentdak. De achtervleugel van deze carre wordt gevormd door het slechts van een binnenplaats zichtbare huis Adama, dat 17e eeuws is, maar in de 18e en 19e eeuw is verbouwd. Rondbogige geprofileerde ingang met ijzeren klopper en slotplaat (17e eeuws). Steen met alliantiewapen boven de ingang.

Externe links

Afbeeldingen

Lourdesgrot