Handelingen

Bathmen, Kerkplein 3 - Dorpskerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Dorpskerk
Genootschap: PKN Ned. Hervormd
Provincie: Overijssel
Gemeente: Deventer
Plaats: Bathmen
Adres: Kerkplein 3
Postcode: 7437AL
Inventarisatienummer: 09882
Jaar ingebruikname: 1870
Architect: Gerretsen, J.A.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 8726


Geschiedenis

De Hervormde Dorpskerk is een neoclassicistische zaalkerk met driezijdig gesloten laatgotisch koor en een eveneens laatgotische toren van vier geledingen met zadeldak. De oorspronkelijk aan O.L. Vrouw gewijde kerk op een bouwlandakker, een zgn. “hoogen roggenkamp”, is ontstaan omstreeks 1240 als geschenk van de bisschop van Utrecht aan het kapittel van de St. Lebuïnus te Deventer. Tegen het mogelijk 14e-eeuwse schip werd kort na 1459 een rijzig koor gebouwd. Ook de toren zal in die tijd tot stand gekomen zijn. De vrij bijzondere afdekking in de vorm van een zadeldak tussen puntgevels is mogelijk in het begin van de 16de eeuw aangebracht. Het uurwerk stamt uit 1881. Na een eerder plan uit 1865, werd in 1870 het oorspronkelijke schip gesloopt en vervangen door het huidige driebeukige middenschip op een bijna vierkante plattegrond. Dit schip, met een in hoofdvorm neoclassicistische opzet en voorzien van neogotische details, verrees naar ontwerp van J.A. Gerretsen uit Zutphen. Tegen de noord- en zuidgevel van de toren werden een consistoriekamer en een catechisatiekamer aangebouwd. Gelijktijdig werd rond de gehele kerk een gepleisterde plint opgetrokken. Nadat de neogotische pinakels in 1906 waren verwijderd, volgde in 1939 een verdere versobering en inwendige herinrichting naar plannen van J.A.G. Heineman. Hierbij werd de kansel verplaatst naar de hoek op de noordelijke muur van het koor en het orgel naar de torenmuur.

De banken werden 180 graden gedraaid zodat men zicht op het koor kreeg. Bij de complete restauratie in 1975-'76 onder leiding van H. Roebbers en Klein Douwel werden de uit 1870 daterende consistorie- en catechisatiekamer ter weerszijden van de toren vervangen door nieuwe aanbouwsels en werd de toegang tot de kerk in de toren weer hersteld.

Het koor is voorzien van gemetselde kruisribgewelven, met ribben waarop eenvoudig decoratieve schilderingen zijn aangebracht. Het schip wordt overdekt door sterk gewelfde kruisribgewelven van stuc op latten, met in de hoeken kraagstenen met bladornament. Bij de sloop van het schip in 1870 kwamen muurschilderingen aan het licht op de torenmuur en in het koor. De beschadigde en onbelangrijk geoordeelde voorstelling van het Laatste Oordeel op de torenwand werd verwijderd evenals een tweede Laatste Oordeel op het eerste vak van de noordmuur van het koor. De schilderingen op de zuidmuur van het koor, voorstellende de Terechtstelling der tienduizend Martelaren van Achatius op de berg Ararat en de H.H. Catharina en Gertrudis, uit het midden van de 15e eeuw, werden wel met zorg blootgelegd door de kunstschilder L.L. Kleyn. Tussen de vensters in de koorsluiting bevinden zich schilderingen van profeten en apostelfiguren met spreukbanden waarop gedeelten van de Tien Geboden zijn geschreven. Op het koorgewelf is vervaagd een Deësis-voorstelling te zien: een oordelende Christus tussen Maria en Johannes de Doper. De schilderingen werden in 1870 ontdekt en gerestaureerd door L.L. Kleijn; in 1939 zijn die in het koor opnieuw geconserveerd door E. en J. Bokhorst en werden op het koorgewelf de ornamentele schilderingen blootgelegd.

Architectonisch zijn er momenteel drie stijlen te onderscheiden. De late gotiek van het koor en de toren, de Waterstaatsstijl van het middenschip en de hedendaagse vormgeving van de bijruimtes langs de toren.

Inventaris

De preekstoel is vroeg-18de-eeuws, de lezenaar mogelijk nog 17de-eeuws. Onder het koor is in 1620 een grafkelder gebouwd, waarin acht familieleden uit Huize Dorth in loden kisten zijn bijgezet. Bij de restauratie in 1939 is deze grafkelder dichtgemetseld. Het koor bevat een grafzerk uit 1532, vermoedelijk van Dirck van Dorth, en de toegang tot de in 1620 gebouwde grafkelder van de heren van Dorth, waarin zich diverse loden lijkkisten bevinden. Deze ingang heeft een maniëristisch tekstcartouche. In het koor ligt verder een grafsteen uit 1552 met een kelk. Dit duidt op de laatste rustplaats van een priester. Vermoedelijk Johannes de Loë. In 1940 is een gebrandschilderd raam aangebracht naar ontwerp van J. Dijkstra.

Orgel

Het neogotische orgel met Hoofdwerk en Bovenwerk is in 1876 gemaakt door H.G. Holtgräve uit Deventer. In 1976 en 1994 is het orgel gerestaureerd.

Hoofdwerk:

Praestant 8 vt Cornet 4 st Bourdon 16 vt Salicet 8 vt Holpijp 8 vt Octaaf 4 vt Quint 3 vt Fluit 4 vt Octaaf 2 vt Mixtuur 3-4 st

Bovenwerk:

Praestant 6 vt Viola di Gamba 8 vt Roerfluit 8 vt Salicet 4 vt Roerfluit 4 vt Woudfluit 2 vt

Monumentomschrijving Rijksdienst

N.H. Kerk. Vijfzijdig gesloten 15e eeuws koor; de gewelfribben ontspringen op gebeeldhouwde koppen. Het oorspronkelijke schip werd in 1870 vervangen door het huidige. Inwendig in het koor 15e eeuwse muurschilderingen, voorstellende de Terechtstelling der tienduizend Martelaren de H.H. Catharina en Gertrudis. Apostelfiguren en Christus met Johannes en Maria; decoratief schilderwerk op de gewelven. Preekstoel (XVIII), zerk (1532). Orgel met Hoofdwerk en Bovenwerk, in 1876 gemaakt door H.G. Holtgrave.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur

Literatuur

  • Westerbeek,W., De dorpskerk van Bathmen, Stichting Bedehuizen bulletin nr. 37 november 2007
  • Hoekstra,G en A.van Beek, Het H.G. Holtgräve-orgel in de kerk te Bathmen, 1994