Handelingen

Capelle aan den IJssel, Kerklaan 2 - Dorpskerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Dorpskerk
Genootschap: PKN Hervormde wijkgemeente Dorpskerk
Provincie: Zuid-Holland
Gemeente: Capelle aan den IJssel
Plaats: Capelle aan den IJssel
Adres: Kerklaan 2
Postcode: 2903BE
Sonneveld-index: 1653
Jaar ingebruikname: 1592
Architect:
Huidige bestemming: hervormde kerk
Monument status: Rijksmonument 11473 (kerk); 11474 (toren)

Geschiedenis

Historische dorpskerk met toren. De Hervormde wijkgemeente Dorpskerk maakt deel uit van de Protestantse gemeente te Capelle aan den IJssel (PgC) binnen de Protestantse Kerk in Nederland (PKN).

Monumentomschrijving Rijksdienst

Hervormde kerk. Dorpskerk, bestaande uit een eenbeukig schip en een smaller, vijfzijdig gesloten koor, beide overdekt door tongewelven met trekbalken. In oorsprong daterend uit het begin van de 15e eeuw, verwoest in 1574 en vervolgens hersteld in 1592 en 1664-1665, uit welk jaar het koor dateert. Een restauratie kwam gereed in 1961. Tot de inventaris behoren: een 17de eeuwse eikehouten preekstoel met lezenaar, zandloperhouder, doopbekkenhouder en kaarsenarm, afkomstig uit de N.H. Kerk te 's-Heerjansland en een Tiengebodenbord met omlijsting en fronton, 1656. Sinds 1992 wordt de kerk gesierd met een venster met gebrandschilderd glas.

Toren der Herv. Kerk. Eenvoudig bakstenen bouwwerk, blijkens stichtingssteen boven de westelijke ingang uit 1805. Slanke naaldspits. Ter weerszijden van de toren een aanbouw met lessenaarsdak en gezwenkte gevel. Restauratie gereed in 1961. Eikenhouten klokkenstoel met luidklok van W. Wegewart uit Gouda, 1607, diam. 120 cm.

Orgel

In de Dorpskerk te Capelle aan den IJssel bouwde de firma L. van Dam & Zonen in 1904 een nieuw orgel. Tijdens de bouw overleed Lambertus van Dam (1823-1904). Het bestek is op 12 december 1902 getekend, en is ook uitgevoerd. Van Dam plaatste een Bourdon 16' op een eigen pedaallade, in plaats van het aangehangen pedaal dat oorspronkelijk zou worden gemaakt. De Rotterdamse organist J. Lips keurde het werk op 25 juli 1904. Tot 1960 bleef het instrument zonder wijzigingen in de kerk staan. In 1960/1961 werd het kerkgebouw geheel gerestaureerd. Het orgel is hierbij zo ver mogelijk naar achteren geplaatst. De kas is in een lichte kleur geschilderd. De firma Slooff reviseerde het binnenwerk, waarbij de dispositie niet ongemoeid werd gelaten. Op het Hoofdwerk verving hij de Violon 8' door een Quint 3', die gemaakt was van het pijpwerk van de Salicet 4' van het Bovenwerk. Op de vrijgekomen plaats kwam een nieuwe Nasard 2 2/3'. De Salicionaal 8' van het Bovenwerk werd vervangen door een Prestant 4', die gemaakt was door het inkorten van de verwijderde Violon. Op een kantsleep voegde hij een Sexquialter II sterk (discant) aan het Bovenwerk toe. Een nog open plaats op de pedaallade werd voorzien van een Octaaf 8'. Bij een nieuwe restauratie, opnieuw door Slooff, in 1977, onder advies van Jan Jongepier, werden veel wijzigingen weer ongedaan gemaakt. De Nasard uit 1961 werd vervangen door een Quintfluit 3', een kopie van dit register van het Van Dam-orgel in Schagen uit 1901. De Salicet werd hersteld, de Salicionaal kreeg een plek op een nieuwe kantsleep. De Sexquialter verviel, inclusief kantsleep. Op het Hoofdwerk plaatste Slooff de Prestant 8' op een nieuwe kantsleep, zodat er weer ruimte was voor een Violon 8'. Op het Hoofdwerk werd een nieuwe Prestantquint 3' geplaatst. Tot slot werd ook de pedaallade van een kantsleep voorzien, waarop een Basson 16' een plaats kreeg, gemaakt naar voorbeeld van dit register uit Midden-Beemster uit 1908. De originele Flûte Harmonique 4' van het Bovenwerk verving men door een Flûte Travers 4'. De Quintprestant, Violon en Flûte Travers zijn gemaakt volgens voorbeelden uit het Van Dam-orgel in de Lutherse Kerk te Purmerend uit 1892. Deze restauratie werd afgesloten op 19 december 1977, toen het orgel weer in gebruik is genomen. Na deze restauratie bleef het orgel niet lang in goede staat, door de naast het instrument geplaatste roosters voor de heteluchtverwarming. Pels & Van Leeuwen reviseerden de mechaniek in 1988, en voegde een koppeling Pedaal - Bovenwerk toe. Maar als snel daarna was een grondige restauratie opnieuw noodzakelijk. H.B. Scheuerman voerde deze uit, geadviseerd door Cees van der Slik. Een klein aantal wijzigingen werden ook nu weer doorgevoerd: op het Bovenwerk kwam een Voix-Céleste, bijgeplaatst op de stok van de Viola di Gamba. De Fugara 2' werd op een kantsleep geplaatst, en een nieuwe Clarinet 8' kwam op de vrije plaats. Als voorbeeld voor de Clarinet gebruikte men de Blank-Clarinet uit 1974 voor het Van Dam-orgel in Brakel uit 1898. Het Bovenwerk werd voorzien van een zwelkast, de Mixtuur kreeg er één koor bij, en de Cornet (discant) werd uitgebreid met de tonen a, ais en b. Op het Hoofdwerk kwam een extra tremulant. Op 30 oktober 1999 is het instrument weer in gebruik genomen met een bespeling door Cees van der Slik.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur